Keizer Augustus en de Heer Jezus

Een kerstverhaal uit Kongo. Zuster Lieve van Wymeersch, missionaris in Kongo stuurt regelmatig een bericht door van haar werk. In oktober was ze op weg naar Kananga en bezocht gemeenschappen die méér dan een jaar afgezonderd leefden. Zij bevinden zich in de gevaarlijke zone waar de rebellen maanden lang de "plak zwaaiden". Die werden ondertussen overwonnen en vervangen door bendes soldaten. Zij zorgen er wel voor dat er geen geweld opstart, maar ondertussen zijn ze fel de dorpsmensen aan het uitbuiten.

Ze beleeft er een heel "speciaal gebeuren". Een verwarde man bracht bij de Zusters een tweeling van twee maanden oud. Hij stapte meer dan 100 km ver. Hij kwam uit het bisdom Luebo, waar praktisch alle parochies en gemeenschappen aangevallen werden. De zustergemeenschap waar hij de kleintjes hoopte "thuis" te brengen werd volledig geplunderd in de maand juni. Hij kreeg ons adres mee.

De moeder van de kleintjes stierf een maand voordien aan anemie. de kleintjes waren juist één maand oud. WIE ZOU HEN DURVEN DOORSTUREN???

Nieuw leven, hoop en toekomst

Elk kind dat geboren wordt heeft een band met het kerstekind. Een geboorte is nieuw leven, is toekomst. “Elk kind komt met de boodschap dat God hoop heeft met de wereld” (Tagore). Maar niet elke belofte gaat in vervulling. De startkansen verschillen. “Uit alle armoederapporten blijkt dat het armoederisico het hoogst is voor de groep van alleenstaande ouders met kinderen. Alleen de kinderen moeten opvoeden, voor hen zorgen en tegelijk zien rond te komen met een slecht betaalde job met moeilijke uren, zodat je zelfs bij de normale kinderopvangen niet terecht kan, is voor heel wat alleenstaande ouders een bijna onhaalbare combinatie, en daardoor een dagelijkse nachtmerrie” (Caritas Hulpbetoon Info, okt. 2017).

Met kerstmis staan we elk jaar in de kerststal en horen we de geboorteakte van Jezus voorlezen. Deze werd allicht geschreven lang nadat Jezus overleden was en als verrezen Heer de christen gemeente bezielde. Lucas gebruikt en verwerkt die tekst om uit te drukken wie Jezus is.

Uit het geslacht van David

Hij geeft de plaats aan en het tijdsstip, waar en wanneer Jezus werd geboren. Het is Lucas zeer gelegen dat dit gebeurt in Bethlehem. Dit is de stad van David, waar deze als kleine herdersjongen gezalfd werd. Jozef, met wie Maria verloofd was en die voor Jezus zal zorgen, komt uit het geslacht van David. Hij had er misschien een kleine eigendom. De profeet Nathan had in een profetie aan David een nageslacht beloofd. De Messias zou uit het geslacht van David komen. Jezus heeft een lange voorgeschiedenis.

Ten tijde van keizer Augustus

Lucas situeert het kerstgebeuren in de tijd van keizer Augustus, een aanzienlijke keizer. Hij werd als een god vereerd en heeft veel verdiensten. Het Romeinse rijk was goed uitgebouwd en georganiseerd. Voor de meeste Joden waren de Romeinen toch de bezetters. Deze willen weten hoe machtig zij zijn. Daarom willen ze het volk tellen en aan die volkstelling een belasting verbinden. Machtigen tellen en ze houden van cijfers. De Bijbel houdt nochtans niet te veel van de macht van het aantal. David wou dit eens doen en hield een volkstelling in Juda en Israël. Jahweh nam hem dit zeer kwalijk (2 Samuel 24). Tot op vandaag tellen en meten we en houden wij statistieken bij. Meten is weten, op het gevaar af dat het kwantitatieve de bovenhand krijgt.

Met zijn beginvers bij het geboorteverhaal wijst Lucas meteen op de universele betekenis van Jezus. Een kind in de kribbe groeit uit boven de volkstelling en zal meer betekenen dan de Romeinse keizer.

Geen plaats

Zijn start is nochtans schamel. De geboorte in een grot of een stal, allicht buiten de stad zoals hij later buiten de stadsmuren zal sterven, hangend aan een kruis. Hij drukt daarmee een solidariteit uit met zo velen die niet meetellen en voor wie er geen plaats is, solidair met hen die door oorlog en terrorisme geen huis meer hebben.

Een getuigenis uit de hemel

Toch roept elk kind verwondering en bewondering op. Lucas brengt er de hemel bij om te zeggen wie dit kind is en wat van hem zal geworden. Uit de vele getelde komt er een naar voor, die zal meetellen tot in eeuwigheid. Ze noemen hem de Heer.

Van de bescheiden aanvang van een kind in een kribbe in doeken gewikkeld, gaat een boodschap van vrede uit. Hij wordt genoemd de Heer. Zijn rijk zal anders zijn dat dit van de Romeinse keizer.

In hem geloven, in zijn menswording

De eerste die geroepen waren erin te geloven waren Jozef en Maria. Maria, “zij heeft ook moeten geloven; een geloven, dat van een hardheid was die wellicht niemand anders heeft gekend. En in dit geloven was zij met God en haar hart alleen.

Dit is het waar het om gaat. Kerstmis is een feest van geloof. Het is ook het feest van het gezin en van de vriendelijkheid van de ene mens tot de andere, zeker maar dat alleen op grond van het geloof aan Gods menswording. Elk geschenk moet in essentie een symbool zijn van de grote gave die hier in bestaat, dat God voor het heil van de wereld zijn Zoon gegeven heeft (Joh. 4,9). Dit moet de achtergrond van het feest zijn” (R. Guardini, Van Advent tot Epifanie, p 38).

“Geloven is echter niet gemakkelijk. Vaak is het zeer zwaar –zwaar en in de eenzaamheid van het geweten te volbrengen.” Dit schreef de Duitse denker zestig jaar geleden. Zijn woord blijft waar. Geloven is niet gemakkelijk. In de kerstnacht en elke dag van het jaar willen we in geloof beamen dat God mens is geworden.

De kerststal is een icoon van Gods liefde voor de mens. Wij kijken er naar, verbonden met alle medechristenen en met de Kerk, die “de gemeenschap is van degenen, - aldus Guardini - die elkaar helpen te geloven “in God, Vader en Schepper en in Jezus Christus, zijn enige Zoon, die ontvangen is van de heilige Geest en geboren uit de maagd Maria.”

Geloven is zwaar en medechristenen daarbij begeleiden langs de verkondiging is niet eenvoudig. “Een goede preek is die, waarnaar ik kan luisteren als een aandachtige, staande voor de iconen van het Woord” (Frits Van der Meer, Open brief over Geloof en Eredienst, p 88).