Paaswake. Toch geloven

‘Ze geloofden het niet'
dat was de eerste reactie van de leerlingen
op de paasboodschap van de vrouwen.
Begrijpelijk. Ook voor ons.
Pasen vieren is een hele opgave.
Pasen is immers het feest van de hoop
van de overwinning op het geweld
en van de doorbraak van de liefde.
Ziet u er veel van? Ik niet.
Ik zie een raket inslaan in een gerechtsgebouw,
ik zie mensen met lijken slepen in Irak,
anderen gooien met stenen en roepen GOD IS GROOT.
k heb zoiets eerder gezien... neen niet in mijn levenstijd.
Het doet mij denken aan de oude dagen van het christendom
toen in de tijden van de kruistochten
vrome christenridders
onschuldige moslims (ja zo was het toen) afslachtten
en door het bloed waadden
en riepen: Dieu le vult.... GOD WIL DIT.
En ik denk aan de officieren van de SS in Auschwitz
die op de koppels van hun riemen hadden staan: Gott mit uns.
Het is allemaal heel primitief.
Mensen die andere mensen kapot maken
en denken dat God dat fijn vindt.

Het Bijbelse Egypte (wel te onderscheiden
van dat mooie land aan de Middellandse zee)
is het land van de ellende,
van de dictatuur, van de ongelijke verdeling van de rijkdommen,
van het terrorisme. Dat Egypte is dichtbij, tot onze grote ergernis.
Pasen is het feest van de bevrijding uit die ellende.
Het verhaal begint bij Mozes
die moest meemaken hoe één van de opzichters
in dienst van de Farao,
die zichzelf als God beschouwde,
een joodse slaaf bruut neerslaat.
Hij komt voor de weerloze op en moet vluchten
naar de woestijn. Daar vindt hij rust, trouwt, krijgt een kind
en past op de schapen van de kudde van schoonpapa.
Maar het is geen echte rust. Dit kan niet zo blijven
en Mozes krijgt dan ook op een schijnbare rustig middaguur,
terwijl de zon brandend aan de hemel staat
een visioen van een braambos dat in brand staat
maar niet verteert.

Het beeld van de nietige braamstruik die niet verbrandt
wordt door de joodse lezers vaak gezien
als het beeld van het lijden van de nietigen, de kleinen.
Ze lijken verbrand en vernietigd te worden
maar ze komen er toch doorheen.

Net zoals de braamstruik
de vurige dodelijke vlammen moet trotseren en ook trotseert
zo is het slavenvolk van God met Pasen
door alle beproevingen heen gekomen
want God was solidair met de kleinen
en niet met de namaak-God farao.
Dat wordt bij het joodse Pasen gevierd.

Gisterenavond hoorde wij dat verhaal:
'Toen Jezus de zure wijn genomen had riep Hij:
het is volbracht,
en met gebogen hoofd gaf Hij de Geest.'
Dat lijkt het verhaal van een mislukking:
het is over en uit.
Daarom waren wij even stil gisterenavond
en ook vandaag.
Daarom kwamen wij huiverend binnen hier
vanavond in het donker.

Toch zette het verhaal van gisterenavond
ons al op een spoor.
De evangelist Johannes
liet zijn lijdensverhaal dat wij gisteren lazen, rijmen
op het uittochtsverhaal uit Egypte:
'ze braken Hem de benen niet.'
Net als toen in Egypte
vlak voor de uittocht: ze aten het paaslam
waarvan de benen niet gebroken waren.

Het slot van Johannes ‘zijn lijdensverhaal van gisterenavond
bracht ons zelfs de herinnering terug
aan het paradijs...
er wordt gesproken over een prachtige tuin
waarin de dode Jezus wordt neergelegd.
Een prachtige tuin net als de hof van Eden
we wachten af.

Treurende vrouwen met kostbare kruiden in de hand
gaan de dag na de sabbat die paradijselijke tuin in
en ze merken vreemde dingen.
Twee mannen, twee engelen staan daar
en zeggen: Hij is niet hier, waarom zoek jij de levende bij de doden.
In diezelfde paradijselijke tuin zal een vrouw,
Maria Magdalena, Hem ontmoeten
denkende dat Hij de tuinman is, wat Hij ook is...
Hij, de nieuwe Adam, Heer van de tuin,
Koning van de nieuwe aarde.

Die nieuwe koning wil ons inspireren.
Er is behoefte aan nieuw elan.

We hoorden gisterenavond ook:
‘Het is volbracht en Hij gaf de geest.

Hij gaf de geest... Hij gaf die door aan ons:
nu jullie, het kan, het moet.

Er eindigde niets op die goede vrijdag:
er was juist een nieuw begin rond deze rechtvaardige.
Er komt perspectief in ons bestaan!

In zijn naam zullen wij vanavond het brood weer breken
we zullen hem weer horen zeggen: dit is mijn bloed,
mijn leven, ik geef ik het voor jullie.

God heeft ons, in Jezus laten zien,
hoe Hij ons nabij is.

Die nabijheid hebben we als parochie extra nodig dit jaar:
er zijn veel zieken, ernstige zieken
maar met de mensen die om hen heen staan
gaan ze er tegenaan.

Is het mogelijk om ook in deze moeilijke dagen,
in deze tijd waarin we de laagheid en gemeenheid
van de mens zien groeien
ook tegelijkertijd de sporen van God te zien,
de langzaam groeiende openbaring van zijn schoonheid?

Omwille van God, die steeds in onze geschiedenis doordrong
moeten wij er toch aan geloven
dat onze dode beenderen weer levend kunnen worden;
en dat er hoop is in deze gebroken wereld.
Pasen is voor mij niet opgewekt Alleluia roepen
maar geloven ondanks alles
dat de liefde het zal winnen van de haat,
dat de mens in staat is tot het goede,
dat hij de gave heeft om lief te hebben,
en dat de mens - wat hij ook mag doen -
de Geest van God nooit uit zijn ziel kan wegrukken.

Ook in onze dagen
heeft het oude visioen van het brandende braambos
dat niet door het vuur verteerd wordt iets te zeggen.
De mens die zich ergert aan het onrecht
en die opkomt voor het recht is iemand
mag weten dat God aan zijn kant staat.
Hij is niet alleen.

Het teken van 'Mijn aanwezigheid,' zei God ooit tot Mozes is dit:
als jij je opdracht serieus neemt, zal het lukken.'

‘Ik heb voor jullie gebeden' heeft Jezus gezegd
aan tafel met zijn vrienden bij het laatste avondmaal;
‘ik heb voor jullie gebeden, dat jullie geloof niet bezwijkt.'
Dat bleek niet meteen te helpen
de meesten waren bang toen Jezus werd opgepakt
en lieten hem in de steek.

Een joodse man die toevallig van het veld kwam
toen Jezus zijn kruis de berg opdroeg,
zijn naam wordt altijd met ere genoemd,
Simon van Cyrene hielp hem namens ons,
vrouwen troosten hem,
zijn moeder bemoedigde hem onderweg.

Wij worden uitgenodigd zelf zo ook te zijn
en de mensen die lijden, waar ook ter wereld
tot steun te zijn.

Als wij ons afvragen wie die God nu wel is
en of Hij nog wel in onze nabijheid is in deze dagen
mogen wij zijn naam goed in onze oren knopen
‘IK ZAL ER ZIJN.'

Dat er hoop is voor deze kwetsbare wereld,
dat wij mensen geliefd zijn zoals wij zijn
en dat God ons redden zal uit de wurggreep van de dood.
Moeilijk te geloven allemaal.
Maar de vrouwen geven bij het lege graf van Jezus
ons deze nacht de boodschap door:
‘Hij gaat jullie voor ,

Hij gaat met je mee in Galilea
of waar jij ook je levensreis zult moeten gaan.
Zalig Pasen voor jouzelf en voor alle mensen
van wie je houdt.