Overgeleverd

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Het evangelie van Johannes maakt verschillende zaken heel duidelijk. Een ervan is, dat Jezus zichzelf vrijwillig overleverde in de handen van mensen. Toen de menigte kwam om hem te arresteren, vroeg hij hun: ‘Naar wie zoeken jullie?', en toen ze hem antwoordden: ‘Jezus van Nazaret,' liet hij hen allemaal op hun gezicht op de slechte aarde vallen waarop ze stonden. Hij liet hen de bitterheid van hun eigen lot en van het lot van die aarde proeven. Daarna leverde hij zich over aan de corruptie van onze tempels, de intriges van onze politiek, de jaloersheid in ons leven, en de onrechtvaardigheden van ons rechtsbestel. Hij leverde zich uit aan de handen van ons mensen.

Ze arresteerden hem, sloten hem op, ondervroegen hem, sloegen hem, en kroonden hem met dorens. Wij arresteerden hem, sloten hem op, ondervroegen hem, sloegen hem, kroonden hem met dorens; schreeuwend om er een eind aan te maken, roepend om zijn bloed, zijn dood eisend, hopend op licht, en het duister kiezend. Johannes maakt ook heel duidelijk waar dit uitgeleverd-zijn in de handen van mensen van een rechtvaardige, of van hen die zelfs ook maar naar rechtvaardigheid streven, toe leidt. Jij weet dat. Ik weet het. Wij weten dat allemaal. Wat was het einde van bisschop Oscar Romero in Maart 1980? Waar zijn Dietrich Bonhoeffer, Martin Luther King, Mahatma Gandhi, Tom Mboya, en zoveel anderen? Waar zijn de honderden, de duizenden, de miljoenen van hen die vermoord werden, omdat ze zelfs ook maar de hoop op een beetje rechtvaardigheid en een alternatief voor deze wereld van ons mensen onder ons in leven hielden?

Johannes spreekt over de dood van Jezus op de meest uitgesproken manier. Hij rapporteert niet louter dat Jezus op het kruis hing, hoe hij dood bloedde, hoe zijn longen in elkaar sloegen, hoe hij zijn hoofd boog, en hoe zijn lichaam voor de laatste keer een paar krampachtige bewegingen maakte. Hij vertelt ook hoe er een soldaat naar hem opkeek, medelijden kreeg, een speer nam en hem die door de borst in zijn hart stak, en hoe daar water en bloed uit vloeide - het is Johannes die van dit alles getuige was. Hij was dood, absoluut zeker. Die soldaat zette een punt achter de geschiedenis van een prachtleven. Een leven te mooi om onder ons mensen waar te zijn.

Ze gingen allemaal naar huis, na hem - dat is wat ze dachten -voor goed uit deze wereld geholpen te hebben. Na hun laatste hoop in deze wereld opgegeven te hebben, terwijl ze elkaar probeerden te overtuigen: ‘Hebben we niet altijd gezegd dat dit soort van leven het onder ons niet kan maken? Had ik je dat niet voorspeld? Laten we hem maar vergeten. Laten we realistisch blijven over wat we van elkaar kunnen verwachten. Laten we ons leven leven zoals het is, corrupt en gewelddadig, bitter en verraderlijk.'

Toen ze allemaal thuis waren, in een wereld waarin ze geen van allen een echt thuis hadden, kwamen zijn moeder Maria, en Jozef van Arimatea, Nikodemus en nog wat anderen hem van zijn kruis halen. Ze begroeven hem in een nieuw graf en rolden er een steen voor. Een nieuw graf dat ze sloten, en afzegelden. De zon werd nog donkerder. De voorhangsels hingen gescheurd in de tempel. De hele aarde schokte in wanhoop toen ze zijn lichaam ontving. Een lichaam dat het begin en het einde van diezelfde aarde was.