God buiten schot?

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Voor gruweldaden deinsde Pilatus niet terug. Zo vermeldt het evangelie dat de landvoogd tijdens een razzia onder de bevolking van de noordelijke provincie Galilea een aantal mensen liet vermoorden en - gruwelijk detail - hun ‘bloed vermengde met dat van hun offerdieren'. Waarom deed Pilatus dat? Allicht om er hij de bevolking de schrik in te houden en zo zijn macht veilig te stellen. Terreur heet dat.

Veel prangender is echter de vraag waarom God dat liet gebeuren. Blijkbaar heeft men die vraag ook aan Jezus voorgelegd. Het lijkt er zelfs op dat men het antwoord al klaar had: die mensen zijn het slachtoffer geworden van een dergelijke gruwel omdat zij gezondigd hadden. Dat kan vreemd klinken, maar er steekt een aloud en oertaai principe achter: er bestaat een band tussen wat wij doen en wat ons overkomt. God zorgt ervoor dat die band ook gerespecteerd wordt, door met name het goede te belonen en het kwade te bestraffen. Daarin is God oneindig rechtvaardig. Als iemand dus door leed en ellende getroffen wordt, moet hij niet gaan schelden tegen God, want hij krijgt loon naar werk. Omgekeerd: wanneer iemand geluk en voorspoed kent, dan is dat een beloning voor zijn goede levenswandel. Die gedachte is, zoals gezegd, oeroud en onuitroeibaar. Ze biedt het grote voordeel dat ze God hoven alle verdenking stelt. Hij doet immers wat Hij hoort te doen: het goede belonen en het kwade bestraffen.

Jezus haalt dat principe volkomen onderuit. Hij weigert ca-tegoriek de schuld voor de razzia te leggen bij uitgerekend die mensen, omdat zij gezondigd zouden hebben en de anderen niet. Jezus voegt er een nog krasser voorbeeld aan toe. Achttien mensen waren omgekomen bij de instorting van de Siloamtoren. ‘Denken jullie dat alleen die schuldig waren?'

Hij laat tot twee keer toe een bikkelhard verdict horen: ‘Als u zich niet bekeert, zult u allemaal, net als zij, omkomen.' Iedereen is dus zondaar - daarmee zijn we alvast een waarheid rijker. En het lukt niet langer om de rechtvaardigheid van God als verklaring in te roepen voor de rampen die ons overkomen - daarmee zijn we een illusie armer.

Maar God blijft dan ook niet langer buiten schot. Want als Hij geen reden kan geven voor de rampspoed die ons overkomt, waartoe hebben we Hem dan nog nodig? Als Hij niet langer borg staat voor de beloning van het goede en de bestraffing van het kwade, wat mogen we dan nog van Hem verwachten? Dergelijke vragen gaan door merg en been. Ze raken de kern van ons geloof. Antwoorden die voor de hand liggen haalt Jezus radicaal onderuit. Ze moeten weg om te beseffen wat God dan wel met onze rampspoed doet. Zijn antwoord is heel schokkend: Diegene die zelf geen zonde had gedaan en die dus helemaal geen straf verdiende, gaat de weg van al diegenen die wel straf verdienen. God komt ons niet uitleggen waarom op onze levensweg een kruis staat. Hij komt om het zelf te dragen.