4e zondag van Pasen

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 459 niet laden

Vorig jaar rond Pasen schreef de kardinaal zijn Paasbrochure over het roepingtekort in onze kerk:

 

1- Er heerst in onze westerse wereld een antiroeping mentaliteit: die maakt het open bloeien van roepingen haast onmogelijk. Vooral jonge mensen leven in een cultuur van anti-roeping.

Het beeld dat de media geven van kerk en geloof heeft meestal te maken met sensatie, met conflicten of schandalen. Een ernstig programma komt nauwelijks aan bod tenzij om half twaalf 's avonds zoals Braambos.

Alleen kijkcijfers tellen en dan is een sfeer van anti-roeping, anti-kerk en anti- God belangrijk. De mens houdt van sensatie en van de vuile was van de buren.

 

2- Maar belangrijker dan de schuld aan de media te geven is ons afvragen: wat kunnen wij doen voor een positief klimaat rond kerk en geloven.

 

De kardinaal geeft hiervoor 3 suggesties:

1. Wij moeten terug bewust worden van onze doopselroeping.

We moeten zorgen voor de evangelische kwaliteit van het leven als gedoopte. Elke gedoopte is geroepen niet alleen om een fatsoenlijk mens te zijn maar om een christen te zijn.

Bewust dat God ons heeft uitgekozen om een mens te zijn naar zijn hart en te leven naar de maat van het evangelie en het voorbeeld van de Heer zelf.

Een christen moet in ieder geval een fatsoenlijk mens zijn, maar een fatsoenlijk mens is nog geen christen. Daarvoor is meer nodig. Die probeert de lat zo hoog te leggen als Jezus zelf deed. Ons doopsel is onze eerste en belangrijkste roeping. Vele gedoopten leven in roepingscrisis. Daar kunnen we zelf iets aan doen.

 

2. Een tweede crisis is de crisis van het gebed.

Het gebed is de moedertaal van de christen..... en de moedertaal leer je van je moeder, van je thuis. De eerste stappen in die moedertaal moeten we thuis leren. Jonge mensen weten niet hoe eraan te beginnen. De moedertaal van het gebed begint in het gezin, later wordt het gevoed door de school en in de kerk.

Enkele tijd geleden vroeg ik aan een groepje jonge moeders: bidden jullie nog met je kinderen, leer je je kindjes nog een weesgegroet bidden? Uit de aarzeling kon ik opmaken dat het niet iets vanzelfsprekend is.

Op het einde van een doopviering doen we de toewijding aan Maria. Als er kleuters en kinderen bij zijn dan zeg ik hen: "We doen onze handjes mooi samen terwijl de grote mensen bidden en daarna bidden we een weesgegroetje". Ik ben dan blij als ik zie dat kleine kinderen daarmee vertrouwd zijn. Dit is een stukje van je roeping als christen: daar kan je iets aan doen.

 

3. De derde crisis is deze van het "vrijmoedig" uitkomen voor je christen zijn.

Wij zouden ons meer bewust moeten zijn dat Christus en het evangelie onmisbaar zijn voor het geluk van de mens en de geestelijke gezondheid van de samenleving.

Hoe meer kerken leeglopen - hoe voller de gevangenissen stromen.

Hoe minder de mensen leren luisteren naar hun innerlijk kompas, hoe onveiliger het wordt in onze samenleving.

Hoe minder pastoors, hoe meer politie. Camiel Huysmans, de grote socialist zei ooit: " elke pastoor is vijftien politieagenten waard".

De zondagsviering en het vieren van de zondag is heel belangrijk. Het is het wekelijks Pasen. Het is een engagement dat men niet mag loslaten, niet enkel om aan een gebod te voldoen, maar omdat het nodig is en noodzakelijk voor ieder bewust en consequent christelijk leven.

In vele streken zijn of worden de christenen een "kleine kudde". Dit draagt hen uit hun "identiteit" hun christen zijn sterker te beleven in de eenzaamheid en in moeilijke omstandigheden.

De zondageucharistie is het meest natuurlijk tegengif tegen de vereenzaming. Als de kwantiteit daalt, moet de kwaliteit de hoogte in. Die kwaliteit is te meten aan de manier waarop wij deelnemen aan de eucharistie. We gaan niet alleen naar de kerk, we komen hier om iets te vieren. En vieren vraagt van iedereen een minimum aan betrokkenheid. Meebidden, meezingen, de boekjes gebruiken, niet allemaal achteraan blijven zitten dat zijn kleine stapjes om de kwaliteit van de vieringen te verhogen.

Als je een kerk wil verwarmen dan moet je elk plaatsje een beetje opwarmen.

Als je een gemeenschap warmer wil maken dan zal dat ook het werk zijn van alle aanwezigen.

 

Deze christelijke vrijmoedigheid ligt wel in onze handen: daar kunnen we wat aan doen.

De kardinaal gaf precies dezelfde elementen aan die de paus als prioriteiten voor het nieuwe millennium aan geeft:

Onze doopselroeping.

De gebedscultuur

De zondagsviering.

 

Laten we bidden dat we die bewust mogen beleven.