Roepingenzondag (2010)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 419 niet laden

Is Roger Vangheluwe die, tót afgelopen vrijdag, ruim vijfentwintig jaar lang bisschop van Brugge was; was hij een goede herder? Je zou altijd hebben gedacht van wel. Hij was populair. Hij was zeer gezien, in alle lagen van de bevolking. Ook met niet-gelovigen en mensen die heel anders dachten als hijzelf had hij contact. Zijn preken waren eenvoudig, rechttoe rechtaan, pretentieloos en warm[1]. Als hij het niet eens was met "Rome", dan zei hij dat gewoon in het openbaar. Hij was vóór de priesterwijding van vrouwen. Mensen die ooit kerkelijk gehuwd waren maar van wie het huwelijk mislukte, moesten kunnen hertrouwen vond hij. Opinies dus die moderne, verlichte mensen graag horen in de kerk. Mensen in financiële nood werden door hem geholpen. Maar hij schreeuwde dat niet van de daken. Kortom: een bisschop, helemaal uit het goede hout gesneden zou je denken. "Waren alle bisschoppen maar zo" zeiden de mensen.

 Ja, maar diezelfde bisschop Vangheluwe heeft, naar afgelopen vrijdag bekend werd; hij heeft wél voordat hij bisschop werd en ook nog daarna járenlang een neef van hem seksueel misbruikt. Toen het begon was die neef nog maar een kind. Jarenlang heeft die jongen er niet over kunnen praten. Toen hij het een paar jaar terug wél kon en hij zijn oom vroeg om af te treden als bisschop, omdat hij er niet langer tegenkon, na wat hij met hem had meegemaakt, om in de media en in de publieke opinie voortdurend met "de goede herder " te worden geconfronteerd; toen de neef zijn oom vroeg, bij herhaling, om af te treden, toen deed hij dat niet. De bisschop klampte zich vast aan zijn positie. En het belang van zijn neef offerde hij daar feitelijk aan op. Door zijn weigering om af te treden werd dat misbruikverleden voor die neef een onverwérkbaar en nog altíjd zíekmakend verleden dat alle aspecten van het leven aantast - zei een psychiater daar over.

 Reeds vele malen heb ik in de afgelopen periode hier en in de Vredeskerk over dat kerkelijk seksueel misbruik gesproken dierbare gasten en parochianen. Ik had zo'n stille hoop dat we het inmiddels misschien even zouden kunnen laten rusten. Maar toen kwam afgelopen vrijdag het nieuws over Vangheluwe. En het is vandaag de zondag van de Goede Herder, "roepingenzondag". En wie zou, terwijl zó'n kwestie speelt, mét alle vragen die daardoor opnieuw gesteld worden bij de wijze waarop het priesterschap en met name het celibaat in dat verband functioneert (want, is dat geen systeemfout?); wie zou in zo'n verband jonge mensen nog durven te stimuleren in die richting van een toekomst als priester of als kloosterling: pater, zuster of broeder? We moeten er dus opnieuw over spreken.

 Was Roger Vangheluwe een goede herder? Het bekend worden van het seksueel misbruik door hem gepleegd maakt dat we de heel sympathieke wijze waarop hij als bisschop zijn herderschap heeft uitgeoefend nu in een heel ander licht zien, in een goor licht. Er ligt nu een grauwsluier over. Verbijstering, ongeloof en afschuw is wat mensen nu ervaren. Onder de oppervlakte van dat goede herderschap is al die tijd een walgelijk onrecht schuilgegaan. Een populaire herder, een aimabele herder, een herder met ideeën is dus met andere woorden niet per se ook een góede herder. Met die kwalificatie "goed" moeten we erg uitkijken, dat blijkt maar weer eens. Jezus zegt ergens in het Marcus-evangelie[2] nota bene in verband met zichzelf: "Waarom noemt u Mij goed? Niemand is goed, alleen God" - en hoe die uitspraak verstaan kan worden in verband met de kerkelijke leer over de Drieëenheid, dat weet ik ook niet ...

 Het Johannes-evangelie spreekt wél over Jezus als de Goede Herder. Het personeel van de kerk representéert die Goede Herder op sacramentele wijze (vandaar die speciale kleding), maar ís Hem, veelgeliefden, daarbij dus nadrukkelijk níet. De paus, bisschoppen, priesters of wie dan ook: ménsen kúnnen wel dingen hebben die ons aan Jezus herinneren, mensen kúnnen andere mensen wel op Jezus' weg zetten, maar ze vallen nóóit met Hem samen, nou ja, misschien eventjes soms. Zo hoorde ik van de week over een uit Suriname afkomstige wijkverpleegkundige die trouw elke morgen, zeven dagen per week, met grote toewijding en altijd opgewekt, een verlamde man douchet en aankleedt. Zo iemand is wel een zegen natuurlijk. Een zieke voelt zich bij zo iemand veilig en geborgen.

 Jezus zegt in het evangelie van deze zondag: "Mijn schapen luisteren naar mijn stem; Ik ken ze en ze volgen Mij. Ik geef hun eeuwig leven: nooit zullen ze verloren gaan, niemand zal ze aan mijn hand ontrukken." We moeten door mensen héén kijken. En we moeten door hun stemmen héén luisteren. Het gezicht en de stem van de Goede Herder kan in het gezicht en in de stem van mensen die wij ontmoeten héén klinken en héén schijnen, maar er kan in diezelfde stemmen ook de nodige "ruis" meeklinken. En die gezichten, de onze, kunnen de zaak, nee kunnen Jezus, óók vertroebelen. Daar moeten we dan maar misschien niet te veel op letten. Ruis en schijn moeten we, als we dat tenminste kunnen, maar loslaten. Mensen hebben hun schaduwzijde. Levens hebben hun rafelranden, hun losse eindjes, hun openstaande rekeningen ... Daar moeten we mee omgaan. We moeten ermee in het reine komen en liefst uítkomen natuurlijk. Gisteren vierden de monniken van de abdij van Egmond dat abt Gerard Mathijsen vijftig jaar geleden monnik werd en dat de renovatie van de kloostergebouwen voltooid is. Ik mocht aanwezig zijn. In de lange kloostergang kwam ik een mevrouw tegen die ik een beetje ken, een mevrouw met een protestantse achtergrond. In gesprek met haar kwam ook het seksueel misbruik ter sprake. Zij zei: "De levieten moeten gereinigd worden." (De levieten, dat waren in het oude Israël de priesters, gerecruteerd uit de stam Levi - óók een manier om het priesterschap te structureren) "Zoals uit een etterende wond, zo moet eerst het vuil er uit komen. En pas dan kan die wond genezen. En dan krijgen we een nieuwe kerk." Ik vond dat ware en wijze woorden.

 In het bewustzijn van onze eigen armzaligheid, feilbaarheid, ja zondigheid - om die beladen term maar eens gewoon te laten vallen; in het bewustzijn dáárvan moeten we denk ik als christenen altijd van onszélf afwijzen, naar Jezus tóe. "Richt uw ogen op Jezus" is de wapenspreuk van die beklagenswaardige, zo verschrikkelijk door de mand gevallen bisschop Vangheluwe. Dat is wel een goeie, die wapenspreuk. Jezus zelf láát mensen niet verloren gaan. Gewone mensen, zelfs bisschoppen, zijn er nadrukkelijk wél toe in staat. De evangelist Johannes, aan wie wij ook de Apokalypse danken, het laatste bijbelboek, waaruit wij vandaag in de tweede lezing hoorden voorlezen, hij ziet in zijn visioen mensen "uit alle rassen en stammen en volken en talen" "voor de troon en voor het lam" staan. "Dat zijn degenen die uit de grote verdrukking komen", mensen zoals het neefje van bisschop Vangheluwe dan bijvoorbeeld denk ik. "Hij die op de troon zetelt zal zijn tent over hen uitspreiden", "het lam midden voor de troon zal hen weiden en voeren naar de waterbronnen van het leven, en God zal alle tranen uit hun ogen wissen" - ook die uit de neef van de bisschop dus. Ik denk: dáár moeten we ons aan vasthouden. Dát tróóst. Mij wel tenminste. Jezus is de Goede Herder. Zijn volgelingen, het personeel van de kerk voorop, is vaak niet meer dan een flauwe afspiegeling. En daar zullen we het toch helaas mee moeten doen, nu en in de toekomst, met zulke mensen. Laat allerlei niet-ideale schoonzonen en schoondochters zich dus gerust melden aan de kloosterpoort, bij de priesteropleiding en de theologische faculteit. Want God schrijft récht langs kromme lijnen.

 Of ben ik nu te somber? Laat ik dan besluiten met een optimistisch geluid. Het komt van de jubilaris van gisteren, van abt Gerard. Hij zei in zijn dankwoord: "De laatste tijd lijkt het wel of het in de kerk allemaal kommer en kwel is, decadentie en domheid. Voor haar geestelijke rijkdom, haar heiligheid en haar schoonheid is geen aandacht. Toch is dat de grote werkelijkheid waarin het heerlijk is te mogen leven, en waarop je niet uitgekeken raakt." Dat het ook voor ons zo mag zijn veelgeliefden. Amen.