2e Paaszondag C

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Terwijl buiten in de natuur het nieuwe leven overal weer zichtbaar wordt, en er al veel groen ontloken is, vieren we hier Beloken Pasen. Achter dichte luiken en gesloten deuren zitten Jezus' leerlingen: verward, verdrietig, samen rouwend. Ze hebben gelijk dat ze bij elkaar blijven, want verdriet kom je niet alleen te boven. Je moet het wel zelf doen, maar je kunt het niet alléén. En dus zoeken ze troost bij elkaar. Daar, in die kring van mannen en vrouwen, houden ze Jezus levend door over Hem te praten, over wat Hij allemaal heeft gezegd en gedaan. Je bent immers pas echt dood wanneer je ook wordt doodgezwegen, wanneer je vergeten bent. Ze zoeken dus steun bij elkaar. Want nog steeds kunnen ze geen vrede vinden met zijn dood.

Wanneer Jezus in hun midden verschijnt op die zondagavond, is dat wat Hij hun toewenst: vrede. 'Vrede zij u', zegt Hij. En Hij blaast hun nieuw leven in: 'Ontvang de heilige Geest'. Hij zegt dat ze zijn taak, zijn zending moeten overnemen: 'Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u'.

Met dit verhaal vertelt Johannes ons dat ze steun gevonden hebben bij elkaar, vrede hebben leren hebben met zijn dood, en bezield door zijn Geest, de draad van het leven weer hebben opgepakt. Allemaal, op één na: Tomas. Die heeft meer tijd nodig. Hij is er die eerste zondag al niet meer bij.

Hij is er zo een als velen van ons, die vol twijfels of teleurstellingen de geloofsgemeenschap voor gezien houden, en op hun eentje gaan geloven. Maar dat haalt niks uit, toen ook al niet. En de week erop heeft Tomas zich weer bij hen gevoegd, en wordt hij door zijn vrienden en Jezus zelf over de streep gehaald. Ook hij gaat geloven dat de Heer levend in hun midden is. Omdat je pas echt dood bent wanneer je wordt doodgezwegen, gaat hij net als de anderen getuigen over Jezus, zijn manier van omgaan met mensen en omgaan met God.

Het verhaal van Beloken Pasen vertelt ons: verdriet te boven komen heeft zijn tijd nodig. De één doet daar langer over dan de ander, maar niemand kan dat helemaal alleen. En - vertelt hetzelfde evangelie - zo is het ook met geloven. Je mag het op jouw manier doen, en de één doet er langer over dan de ander, maar je kunt het niet alléén.

Toen de groep leerlingen zich uitbreidde, werd dat ondanks alle verscheidenheid een heel hechte gemeenschap, leert ons de eerste lezing vandaag. Ze waren één van hart en één van ziel; ze deelden het geloof, maar ook elkaars zorgen en nood. Een ideale parochie, lijkt het. Maar wie verder leest, ontdekt dat lang niet altijd alles koek en ei was. Het bleven mensen, en dus waren er toen ook strubbelingen en misverstanden. Maar - zo vertelt ons Lucas - in plaats van over elkaar te praten, bleven ze praten met elkaar.

Verschil van mening wordt verdeeldheid als mensen er niet over willen praten met elkaar. En twijfel aan God of teleurstelling over de kerk wordt ongeloof als je daarover niet met anderen in gesprek gaat.

In plaats van angstig weg te kruipen, zoals de leerlingen aanvankelijk deden, of in plaats van af te haken, zoals Tomas even deed, vraagt Jezus dat wij ook buiten de muren van deze kerk vrijmoedig spreken over Jezus, en in dialoog blijven met elkaar.