2e zondag in de paastijd C - 2007

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 155 niet laden
‘Verschijning’ betekent dat iemand zich laat zien. Maar zien en zien is twee! Ik zie de plant op mijn werktafel. Ik kijk met mijn ogen en zie die plant als een voorwerp. Het is een nuchtere vaststelling. Als ik zeg dat ik iemand ‘gaarne zie’ gaat het om een ander zien. Het gaat veel dieper. Dat is een ‘zien’ met het hart. De kleine prins in het bekende verhaal van de Saint-Exupéry zei al dat je maar echt ‘ziet’ met het hart. Het gaat dan niet om de nuchtere vaststelling van een duidelijk voorwerp. Het gaat dan om het gaarne zien van de liefde. Om geborgenheid, warmte, vertrouwen, aan-wezig-heid, om het ‘wezen’ van de persoon, om de ziel van de geliefde medemens.

Johannes vertelt dat Thomas bij de verschijning aan de leerlingen er niet bij was. Of moeten we niet eerder zeggen: hij kon er nog niet bij. Hij had de kruisdood nog niet verwerkt. Hij keek nog tegen de kruisdood aan als de executie van een valse profeet, van iemand die door God en mensen was vervloekt. Want zo werd een gekruisigde beschouwd. Jezus moest Thomas nog anders ‘verschijnen’. Hij moest Jezus nog leren gelovig ‘zien’ als de ware Messias die uit liefde de marteldood was gestorven. Vandaar het belang van Jezus’ wonden. Ze zijn de tekenen van zijn uiterste liefde. Daarom: zalig die de wonden niet oppervlakkig zien met de ogen maar met een gelovig hart.

Maar er is meer: Jezus zegt: steek je handen in de plaats van de spijkers en leg je hand in mijn zijde. Het is een wijze les voor ons: dat wij maar “zien” wanneer we de wonde echt aanraken. In het nieuws deze week sprak men over schuldbemiddeling: dader en slachtoffer komen samen en bespreken hoe de schade kan worden hersteld. De resultaten zijn bemoedigend: daders hervallen minder in crimineel gedrag en slachtoffers vinden makkelijker rust en zijn minder angstig naar toekomst toe. Is het niet omdat de dader daar zijn hand in de wonde van het slachtoffer wordt gelegd en ziet en ervaart welke pijn zijn daad veroorzaakt heeft. En ziet het slachtoffer misschien de mens achter de misdaad, leest men het berouw in de ogen van de dader die het makkelijker maakt om met wat gebeurd is te leren leven? of een ander voorbeeld: in het algemeen vindt Vlaanderen dat men heel streng moet zijn ten aanzien van illegalen en dat men een streng uitwijzingsbeleid moet voeren… maar wanneer men zelf de hand in de wonde legt, wanneer men een gezin leert kennen waarvan de kinderen al jaren op de schoolbanken zitten naast onze kinderen, dan “zien” mensen hoe onmenselijk het is die gezinnen na jarenlange procedure terug te willen sturen…

Om de verrijzenis en de verschijningen van Jezus te zien is nog een laatste woord belangrijk in het evangelie: op het einde spreekt de evangelist van ‘tekenen’. Jezus heeft nog veel andere tekenen gedaan, ook tekenen die niet zijn opgeschreven. Er wordt hier niet van feiten gesproken. Want sommigen zullen dingen zien gebeuren en zeggen: ‘voor mij is dit teken van verrijzenis’ en anderen zullen zeggen: ik zie dat helemaal niet wat jij ziet, blijf es bij feiten. Met een gelovig hart zie je anders en andere dingen. Je zien wordt gelovig begrijpen.

Uiteindelijk komt ook Thomas zo ver. Hij roept zijn geloof uit in psalmentaal zoals de Eeuwige werd aangesproken: ’mijn Heer en mijn God!’ Het is de kern van ons geloof, dat onze Heer en God zich te kennen geeft in de verrezen gekruisigde. Ook aan de evangelist Johannes gebeurt dergelijke openbaring, een visioen van de verrezen Christus en hij schrijft letterlijk in vers twaalf: ik keerde mij om om de stem te zien…

Mogen wij leren zien, niet alleen feiten, maar feiten die tekenen worden van de verrezene. Waar wij onze handen leggen in wonden van mensen en in hun gekwetste zij… daar pas zal het gebeuren …