Als je mag twijfelen, kun je weer geloven (1998)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 198 niet laden

DE HEILIGE TWIJFELAAR


Mijn moeder was blij met de verandering in het kerkelijk klimaat, eind jaren vijftig. Ze zei altijd -en dat vonden wij als kind heel gek- dat ze er blij om was dat ze tenminste mocht twijfelen. Vroeger mocht ze niet twijfelen. Dat was een zonde. Dus als je stiekem dacht "Zou de paus zich nooit kunnen vergissen?" of "Zou Jezus echt over het water hebben gelopen", dan voelde je je al schuldig. Toen ze mocht twijfelen hervond mijn moeder haar geloof! Op zondag na Pasen wordt Thomas, de twijfelaar, tot heilige verheven! "Thomas" is in het Griek: "Didimus" en dat betekent "Tweeling". "Tweeling van wie?" Het lijkt wel alsof geloof en ongeloof tweelingzusjes of -broers zijn. We zijn gelovig en ongelovig tegelijk.

BOODSCHAP EN WERELDBEELD

Thomas, waaraan twijfelt hij eigenlijk? Wat gelooft hij niet? Dat is verrassend. Niet aan Jezus twijfelt Thomas. Het zijn de mede-leerlingen die hij niet gelooft. Hun verhaal over Jezus' verschijning kan hij niet geloven. Hij kan het echt niet. Zijn denkraam kan de boodschap niet bevatten. Het denkraam van Thomas was dat God het goede beloont met voorspoed en dat Hij verre is van lijden en slavendood. Vanuit die culturele vanzelfsprekendheid, vanuit dat wereldbeeld, kan de boodschap dat Jezus nog leeft er bij Thomas niet in. Hij zal zijn wereldbeeld pas kunnen aanpassen als hij de wonden heeft gevoeld. Zien is niet genoeg!
Ongeloof heeft heel vaak iets te maken met een spanning tussen het vanzelfsprekende beeld dat we van de werkelijkheid hebben en de boodschap die ons wordt voorgehouden in een verouderd wereldbeeld.

VIRUS OF SATAN

Bijvoorbeeld. In de oudheid keek men anders tegen ziektes aan dan thans. In de taal bestond geen woord als bacterie of virus. In die termen kon men niet denken. Er werden andere begrippen gehanteerd om pijn en aanvallen te beschrijven. Een boze geest zou bezit van iemand genomen hebben. Zo keek men naar de werkelijkheid ziekte. Zo ook keek men naar genezing. Die moest wel zijn: het uitdrijven van een kwade Geest. De boodschap is alleen deze: Jezus geneest want genezing is een teken van Gods koninkrijk. Die boodschap is dus verpakt in een magisch wereldbeeld. Wat zou het jammer zijn als iemand de boodschap niet zou geloven, omdat hij het wereldbeeld van boze geesten, niet kan delen.
Deze spanning tussen boodschap en wereldbeeld komt in talloze verhalen voor, want er gaapt een kloof van 2000 jaar en een enorme hoeveelheid natuurkundige, biologische en aardrijkskundige kennis tussen toen en nu. Het zou jammer zijn als de aanstekelijke en herkenbare boodschap van Jezus verloren zou gaan omdat we het wereldbeeld waarin ze verpakt is niet delen.

AAP OF ADAM

Dat probleem doet zich ook voor bij het verhaal van Adam en Eva. Er zijn eeuwen geweest waarin het een vanzelfsprekende zekerheid was dat er van alles dat geschiedenis heeft ooit een eerste exemplaar is geweest. Even zeker is het voor de moderne mens dat het één zich uit het ander ontwikkelt. Wat zou het jammer zijn als daardoor de boodschap, namelijk dat de mens iets vergankelijks is, maar ook iets goddelijks heeft, als dat verloren zou gaan.

RUIMTE-REIS OF HEMELVAART

Eeuwenlang heeft men het verhaal over het lege graf gelezen vanuit het wereldbeeld van een platte aarde met een koepel daarboven. Boven die koepel woont God, in den hoge, letterlijk. In dat wereldbeeld is geen plaats voor een oerknal, voor luchtledigheid. Het verhaal van het lege graf wordt gelezen en door vele kunstenaars uitgebeeld als een ruimtevaart van Jezus naar de Vader. Het zou toch jammer zijn als die boodschap verloren ging omdat moderne mensen een ander beeld van het heelal hebben. De boodschap is: Jezus is bij God. Hij hoort niet tot de vergankelijke orde maar tot de eeuwige.

DE WAARHEID VAN HET LEGE GRAF

De afgelopen weken is dit probleem volop in de belangstelling geweest. Dit naar aanleiding van het laatste boek van dominee Nico ter Linde. De dominee is er bezorgd om dat de kostbare inhoud van de evangelische boodschap voor veel moderne mensen gesloten blijft als we geen onderscheid maken tussen wereldbeeld, de taal van vroeger, en de boodschap. Nico ter Linde probeert om de boodschap toegankelijk te maken voor moderne mensen. Wel, dan is de verrijzenis geen ruimtevaartsverhaal. Maar het is een geloofsbelijdenis, namelijk hiervan, dat Jezus bij God is. Het is goed met Hem afgelopen.
Als we weer mogen twijfelen, dan kunnen we ook weer geloven. Als we mogen denken in termen van ons moderne wereldbeeld, dan kunnen we ook die oude boodschap weer aan. Het is even worstelen maar Thomas is het ook gelukt, die tweeling van tijdgebonden voorstellingen en eeuwige waarheid.

MAYA EN TOM

Lieve kinderen. Tom en Maya waren heel verschillend. Maya was een meisje dat alles geloofde. Op een keer vroeg Maya: "Waarom hebben die slakken twee van die uitstekels op het voorhoofd" Ik zei: "Dan kunnen ze stereo ontvangen!" En Maya zei "O, dat wist ik niet!" En als je tegen Maya zei: "Blauwe paaseieren zijn sterker dan rooien!" Dan "tetsjte" ze alleen nog maar met blauwe eieren. Maar Tom was heel anders. Tom zei altijd: "Dat wil ik eerst wel eens zien". Als je tegen Tom zei: "Morgen ben ik jarig, kom je ook?" Dan zei Tom: "Dat wil eerst wel eens zien." Of als je zei: "Doe een jas aan want het is koud." Dan zei Tom "Dat geloof ik niet. Dat wil ik eerst wel eens zien..." Wat moet je met twee van die kinderen? Ik denk dat Maya een beetje van Tom kan leren. Je moet niet alles geloven. Niet alle verhalen zijn echt gebeurd. Je mag best zelf nadenken en je afvragen: zou het echt wel zo zijn? Maar Tom kan iets leren van Maya want het is ook erg lief als je een goeie vriend een keer op zijn woord gelooft. Er zijn nu eenmaal dingen die we niet kunnen zien en zelfs niet kunnen begrijpen. Die dingen van God, die kun je alleen geloven omdat je ze gehoord hebt van iemand die je vertrouwt.