Kunrade ontmoet Abraham (2007)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 198 niet laden

WAAROM AL DIE INSPANNINGEN?

Het evangelie gaat over ons die niet hebben gezien en toch geloven. Over twijfelaars die zich overgeven aan de Allerhoogste. Over gelovigen die gewaardeerd worden om hoe ze met zieken omgaan. Het gaat over onze parochie! Waarom is deze parochie vijftig jaar geleden opgericht? Waarom hebben boerenzonen en -dochters, mijnwerkers, slagersknechten, bouwvakkers en verpleegsters, waarom hebben ze de schop gepakt en zijn gaan graven aan de Hogeweg? Waarom hebben werksters, naaisters en moeders huis aan huis zakjes met dubbeltjes opgehaald en fancyfairs georganiseerd? Wat bezielde die mensen?

EEN PLEK OM HEILIG TE ZIJN

Ze wilden een kerk. Een kerk voor Kunrade. Ze hadden behoefte aan een plek om met hun pasgeboren kindje naar toe te gaan. Om te knielen en stil te worden. Een huis om te zingen dat het leven zoveel groter is dan ze zelf konden bedenken. Een heilige ruimte om je over te geven aan de Eeuwige. De bewoners van de Heerlerweg, van de Kunderberg, de Bergseweg en de Keerberg zochten een dak waaronder ze een treurlied konden zingen als ‘pap’ werd begraven en ‘mam’. Ze bouwden een kerk omdat ze wilden weten dat het leven geen blind noodlot is.

GEEN TOEVAL!

Toeval bestaat niet. Dat wil zeggen. Toeval bestaat natuurlijk wel in ons hoofd. Toeval is een denkmodelletje. Het kan helpen om dingen te begrijpen die vaak gebeuren. Een huisarts zei me ooit: ‘U hebt recht op negen sterfgevallen per duizend parochianen per jaar!’ Dat is statistiek. Het klopt een beetje. Toeval bestaat in het begrijpen, maar de werkelijkheid zelf is één en ongedeeld. En daar gebeuren absurde en afschuwelijke dingen. Kinderen worden geboren in een omgeving vol haat. Volksstammen hebben onvoldoende te eten. Ziekte treft jonge mensen. Je begrijpt het niet. Je ziet er de zin niet van. Maar er zijn ook ontroerende gebeurtenissen. Een moeder zwoegt haar hele leven om het voor de kinderen een beetje beter te maken dan ze het zelf had. Een meisje wordt smoorverliefd en het had niet veel gescheeld of ze had haar hele toekomst op het spel gezet. Een kind steekt zijn handje uit en probeert met beide oogjes tegelijk te knipogen. Een hond heet je vrolijk welkom. Kersen hangen als een oorbel over je oor en een harmonie marcheert voorbij met een vrolijke mars.

RUIM 2000 DOOPSELS

Op dat grensvlak tussen zin en onzin, tussen liefde en geweld, tussen noodlot en bedoeling, maakt de gelovige een keuze. Dan bouwt hij een kerk om te zingen en te vertellen; om zich te laten dopen in de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest... Gedoopt zijn er ruim over de tweeduizend kinderen, in de noodkerk en in de grote kerk. Gedoopt omdat ouders hun kind een wonder vonden. Omdat ze er stil van waren en zo bezorgd om zijn toekomst. Ik zie de vader nog met zijn dochtertje. Hij hield haar bij haar heupjes vast. Hij keek recht in haar lachende oogjes. Op de vroedvrouwenschool had hij gehoord dat een beentje korter was dan het andere. Ze waren geschokt. Arme meid! Hij tilde haar hoog in de lucht en zei: ‘Ik leer je dansen, meisje. We zullen dansen samen, dat beloof ik je!’ Het kind kraaide vrolijk en de moeder droogde haar tranen.

MEER DAN 700 HUWELIJKEN

Gehuwd zijn er zevenhonderd. Ik zie de bruid voor me die haar man in Welterhof had leren kennen en die met hem door alle dalen van de geest gewandeld had. Ze had een tumor laten onderzoeken en wachtte nog op de uitslag. Hij had die uitslag niet afgewacht en haar ten huwelijk gevraagd. Hij beloofde hier trouw te zijn in ziekte en gezondheid.

RUIM 1000 UITVAARTEN

Begraven is er ook. Duizendveertig keer. Die man bijvoorbeeld, bij wie enkele maanden eerder een dodelijke ziekte was ontdekt. Hij had net tevoren een vrouw gevonden om gelukkig mee te zijn. Ze waren al wat ouder. Na zijn dood zuchtte de vrouw: ‘Goddank heb ik hem net op tijd leren kennen, een paar maanden later en we waren elkaar voor eeuwig misgelopen.’

DAAROM!

Zoveel verhalen over mensen. Verhalen waarin de ellende toeslaat. Waar de grenzen van het leven pijnlijk duidelijk worden. Verhalen waarin ook barmhartigheid als een zachte kracht zijn werk doet. Verhalen waarin de mens laat zien dat hij stof van de aarde is, maar ook adem van de Allerhoogste. Het kruis opent een venster naar het licht. Daarom bouwden zij een kerk, omdat het leven en de liefde heilig zijn. Daarom bouwen wij na 50 jaar verder aan die kerk.

DE VRIENDIN VAN LIEKE

Lieve kinderen,
Ik zag twee meisjes lopen op het plein. Ze hielden elkaars hand vast en ze liepen alle twee hartverscheurend te huilen. Ineens zag ik dat het Lieke was met een vriendinnetje. Ik ging naar haar toe en vroeg: ‘Zo, Lieke, heb je pijn?’ Lieke vertelde tussen de snikken door. ‘Nee, geen pijn, maar ik leerde Lotte lopen...’ Ze strekte haar handen uit en liet me haar pop zien. Lotte had een armpje af. ‘En toen brak de hele arm af.’ ‘Kom maar even mee’, zei ik. We liepen de kerk binnen. In de sacristie lagen draad en naald en ik maakte de arm van Lotte weer aan het lijfje vast. ‘Zo’, vroeg ik toen aan het vriendinnetje van Lieke. ‘En waarom was jij dan aan het huilen?’ Het vriendinnetje snikte nog een keer na en veegde met de mouw van haar trui over de ogen en zei: ‘Gewoon, ik was Lieke aan het helpen... met huilen.’ Dat is wat we in de kerk doen. Elkaar helpen huilen en lachen.