Evangelieprikje 2016

Dat Jezus verrezen is mag dan wel tot de kern van ons geloof behoren, evident om te geloven is het blijkbaar nooit geweest. De verhalen die de evangelies ons aanbieden over de verrijzenis zijn zeer sober en in elk van die verhalen krijgt ook de twijfel, het niet onmiddellijk geloven een plaats. Dat laatste duidt er toch op dat het geloof in de verrijzenis toen al niet evident was en dat het ook niet iets is wat onmiddellijk door alle volgelingen van Jezus duidelijk was. De drie dagen hebben dan historisch waarschijnlijk ook wel wat langer geduurd dan die drie dagen, maar het getal drie is nu eenmaal een belangrijk symbolisch getal.

Wat ook niet veranderd is doorheen de eeuwen is dat vrouwen blijkbaar altijd weer uitgekozen worden om getuigen te zijn van de de Blijde Boodschap. Het is in het gewone mensenleven al zo dat vrouwen letterlijk draagsters zijn van nieuw leven, ook hier wordt het vernieuwde leven eerst en vooral aan de vrouwen meegedeeld. Volgens het evangelie dat we vandaag lazen werd aan de vrouwen die het graf bezochten verteld dat Jezus verrezen was en waren de mannelijke volgelingen niet meteen onder de indruk van die theorie of boodschap. Ook vandaag is het nog altijd zo dat het vooral de vrouwen zijn die onze Kerk schragen. Een mens zou beginnen denken dat vrouwen er van nature meer aanleg voor hebben, meer feeling maar dat is dan waarschijnlijk weer te seksistisch uitgedrukt, wat geenszins mijn bedoeling is.

Maar het gaat uiteindelijk om de verrijzenis van Jezus. Dat is uiteraard goed nieuws, niet alleen voor Jezus, maar voor allen die in Hem geloven want Hij wil iedereen laten delen in die verrijzenis. Deze Blijde Boodschap zou voor alle christenen dan ook een onuitputbaar bron van hoop moeten zijn. Vanaf nu mogen ze geloven dat alles wat dodend is en uiteindelijk de dood nooit het laatste woord hebben. Het punt dat achter het leven gezet wordt, gàat dieper, maakt een krulletje en wordt een komma. Om te kunnen geloven in de verrijzenis moet een mens dus wat dieper kijken, verder dan de feitelijk, meetbare werkelijkheid en zich open stellen voor een andere dimensie. Wat die andere dimensie precies inhoudt, dat weet ik niet, dat weet niemand niet. We mogen alleen geloven dat onze overledenen daar mogen verder leven in Gods liefde. Mooi in theorie, maar het blijft moeilijk te geloven. En toch ... als we zien hoe liefde tussen mensen in staat is om een mens verder te laten leven in de herinnering van het hart van de ander, waarom zouden onze overledenen dan niet kunnen verder leven in Gods liefde?

Maar verrijzen, opstaan is niet alleen iets voor als we onze laatste aardse adem uitblazen. Verrijzenismensen zijn mensen die de kracht van de verrezen Christus in hun hart dragen die hen altijd weer beweegt om nooit te blijven zitten bij de pakken, niet te plooien voor onrechtvaardig-heid, ... maar altijd weer opstaan of mensen helpen opstaan uit alles wat mensen mensonwaardig doet leven. Natuurlijk zijn christenen ook maar mensen en de wind zit onze geloofsgemeenschap niet mee in deze tijd, maar toch ... Toch is het onze verdomde plicht om ons altijd weer te laten inspireren door Jezus en Zijn Blijde Boodschap, te bidden, samen te komen met geloofsgenoten om kracht te vinden om als verrijzenismensen te getuigen van de Blijde Boodschap. Als gedoopten mogen wij delen in het leven van Jezus, het zou geen kwaad kunnen mochten de mensen dat eens wat meer zien aan ons. Pasen is dan ook elk jaar weer een oproep aan alle christenen om mensen van de hoop te worden, die zich niet laten vellen door wanhoop, tegenslag. Nooit evident, ook niet van de ene dag op de andere. Ook dat leert het evangelie van vandaag ons, maar het zegt ook dat het uiteindelijk wel allemaal goed komt. Sta dus op uit het graf van de wanhoop en vier hoopvol Pasen!