De vuurdoop van de vrede (2007)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 121 niet laden

“Gij meent dat Ik vrede ben komen brengen. Neen, juist verdeeldheid.”

* Woorden die schokken als we weten dat de Messias precies een vorst van vrede zou zijn (Jes. 9,5). Jezus prees in zijn zaligsprekingen hen die vrede brengen (Mt.5,9). In zijn afscheidsredes benadrukt Hij de vrede die Hij brengt (Joh. 14,27; 16,33). Het was zijn groet na de verrijzenis: “Vrede zij u” (Joh. 20,20.26). Paulus proclameerde Jezus als “onze vrede” (Ef. 2,14) en Degene die vrede geeft (2 Thess. 3,16). “Laat de vrede van Christus heersen in uw hart.” (Kol. 3,15)…

* Hoe kan Jezus vandaag dan zeggen dat Hij geen vrede maar verdeeldheid brengt ?

1. Het begrip vrede - “Sjaloom” – is een sterk bijbels begrip.

- Bij ons krijgt dat woord vaak een afgezwakte en vertekende inhoud. Het wordt dan herleid tot “knusse vrede”, ongestoord inslapen in een warm en zacht bed om met rust gelaten te worden. Geen krijgsgewoel, een niet-aanvalspact gebaseerd vanuit praktische overwegingen of door angst en zorg voor zelfbehoud geïnspireerd. Een compromis. Of het ideaal van de verdraagzaamheid die alles gedoogt en toelaat. Met de mantel van de schijnliefde dekken ze problemen dicht zonder ze op te lossen. Zulke schijnvrede bestaat zowel tussen natiën als tussen individuen, tussen verantwoordelijken en medewerkers. Ze kunnen elkaar soms niet luchten maar leven oppervlakkig naast elkaar en doen alsof er geen vuiltje aan de lucht is. Ook met onszelf leven we vaak in die valse vrede. We durven de confrontatie met ons “ik” niet aan, om de verborgen mens in ons niet te moeten ontdekken, om die niet te moeten ontmaskeren en zelf niet te moeten veranderen.

- Zulke vrede vervult de harten niet. Zulke vrede schenkt geen diepe vreugde. Jezus wil ons voeren naar de volheid van het bijbelse begrip “vrede”. In die vrede wordt een diepe eenheid geboren tussen de mens met zijn omgeving en met God. In die vrede vinden we elkaar als zusters en broeders rond één Vader. Een ware harmonie. Die vrede is de Liefde van God. Die vrede is Jezus zelf. Die vrede kunnen we zelf niet maken. Ze gaat ons te boven. Ze overstijgt ons. Ze is een geschenk aan wie zich tot Gods vaderhart bekeert. Daarom zei Jezus: “Mijn vrede geef Ik u, niet zoals de wereld die geeft geef Ik hem u…” (Joh. 14,27). En Paulus: ”De vrede van God, die alle begrip te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behouden in Christus Jezus (Fil. 4,7).

2. De ware vrede ligt niet voor de hand.

- Die vrede wordt alleen gerealiseerd doorheen moeite en strijd. Die vrede is een werk van rechtvaardigheid (Jes. 32,17). Er is geen rechtvaardigheid zonder verzoening. En de vrede staat nooit buiten de waarheid. Daarom zal wie aan deze vrede werkt, botsen op tegenstand of zelfs met de dood worden bedreigd. Het streven naar Jezus’ vrede verwekte en verwekt nog spanningen en verdeeldheid in gemeenschappen en gezinnen. Dit was de ervaring reeds van de profeet Jeremia, die geijverd had voor de trouw aan God, die alleen het behoud en de vrede waarborgt, tegenover de ontrouw van de koninklijke omgeving (Jer.38,4-10; eerste lezing). Het oude Rome, zo tolerant voor alle filosofieën, was onverdraagzaam tegenover het jonge christendom dat een uitdaging was in de gewetens. Vele totalitaire regimes legden christenen het zwijgen op, omdat zij de gevestigde rust verstoorden. De ware vrede smaakten ze niet. Dit conflict heeft Jezus al uitgesproken toen Hij zei: “Tot splitsing (Gr.: eis krima) ben Ik in de wereld gekomen, opdat de niet-zienden zouden zien, en de zienden blind zouden worden” (Joh. 9,39). Deze noodzakelijke verdeeldheid leidt echter op termijn tot de ware eenheid, tot de ware vrede: “Dit alles heb Ik u gezegd, opdat gij vrede zoudt bezitten in Mij… Hebt goede moed, Ik heb de wereld overwonnen” (Joh. 16,33).

- Jezus gebruikt hier de beelden van vuur en van doop. De Geest is vuur. Dat vuur brandde in de harten van de Emmaüsgangers. Het brandde in tongen over de apostelen op Pinksteren. Het vuur loutert en transformeert doorheen de pijn van de verbranding. De doop betekent onderdompeling, de onderdompeling in het bad van zijn lijden. Van daaruit zal Paulus schrijven: “Hij heeft vrede gesticht door het bloed van zijn kruis” (Kol. 1,20). Jezus die zelf de vrede is, heeft die vuurproef doorstaan. De H. Frans van Sales schreef in een van zijn vele leidingbrieven: “De vrede is een dure koopwaar, die duur mag worden verkocht. – Men vindt haar enkel in de glorie en in het kruis van Jezus-Christus” (1621). Kardinaal J. Bernardin, gewezen aartsbisschop van Chicago, is in zijn laatste drie levensjaren tot diepe vrede gekomen doorheen het kruis van een valse betichting van seksueel misbruik en doorheen de verzoening met wie hem op laffe wijze had beticht. Hij heeft deze vrede-ervaring, die hij als gave van God had gekregen, uitgeschreven in zijn boek “In vrede”.

* ”Dat het licht in ons mag blijven branden, ’t laaiend vuur, het dove niet…” (ZJ 818) – “Vier moet branden” zei Pater Lievens. Het vuur en de doop van de bekering en de strijd om tot de ware vrede te komen. Dat is het wat Jezus van ons vraagt.