9e zondag door het jaar C

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

God is soms zeer ver en andere keren zeer nabij. Zo voelt een mens dat aan. De spotters bluffen dat het anders is. Voor hen is God altijd ver, heel ver, in zijn hemel. Hij zou Zich het lot van de mensen niet aantrekken. Er is ook een religieus hiep-hoep-hopvolkje, voor wie God altijd nabij is. Met een vingerknip roepen ze op Jezus, die al hun problemen en probleempjes oplost. Het leven van de meeste mensen is niet zo. Voor hen is God soms ver en soms nabij. Jezus zelf, die het vertrouwen op een Vader preekte, die elk haartje van een mensenhoofd had geteld, want Hij was de Schepper van het al, heeft toch ook in spanning geleefd en in angst gebeden: "Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten"? Het geloof maakt van het leven geen lachertje. Wie God liefheeft, ondervindt wat iemand ondervindt die mensen liefheeft. Ook de geliefden en de vrienden zijn soms ver en soms nabij. Alleen voor wie met de anderen spot, zijn die anderen altijd veraf. En alleen in lichte tijden van het leven is de geliefde vanzelf zeer nabij. Wee de spotters en de naïeven. Hun huis zal instorten met groot lawaai. Zalig wie in het spoor van Jezus leven. In nood zal God hen meer nabij zijn dan ze denken. Wie het spel met God ernstig speelt, wie geen spotter is en geen naïeveling, kan Hem vragen anderen naderbij te komen, en vindt Hem daartoe bereid. Wie voor anderen bidt, wordt verhoord. Het is een van Gods liefste vormen van doen. Hij toont Zich aan de enen op het gebed van de anderen. Hij laat Zich zelfs niet altijd tweemaal vragen. Want Hij is graag bij de mensen. Hij heeft ze immers uit liefde geschapen. Als iemand God liefheeft, brengt hij Hem graag bij anderen en God gaat daar graag op in. Kostbaar is hier het gebed van wie gelooft.

Toen Salomo zijn tempel bouwde, bracht hij zijn volk nader bij God. Jahwe, die hen uit Egypte verlost had die hen door de woestijn naar Kanaän geleid had, wiens woorden in de ark bewaard werden, verleende nu wijsheid en steun aan wie kwam bidden in de heilige tempel. Salomo wist dat God oneindig groot bleef. "De hemel en de hemel der hemelen kunnen u niet bevatten", bad hij. En toch wist hij dat diezelfde grote God, bereikbaar en nabij in de tempel was en daar het gebed van de vrome verhoorde. Niet alleen het Hebreeuwse volk, ook de vreemdelingen waren er welkom. "Als een vreemdeling, die niet tot uw volk Israël behoort, omwille van uw Naam uit een ver land komt en gaat bidden in deze tempel, luister dan vanuit de hemel, uw woonstede, en doe alles waarom de vreemdeling U smeekt". Een vreemdeling die in Jeruzalem kwam bidden had zijn ankers wél gelicht. Hij was ver van alles wat hem vertrouwd was. Zijn land, zijn volk had hij achter gelaten, maar ook zijn eigen tempel en de goden van zijn eigen jeugd. Elk land had zijn eigen goden. Hun beelden stonden in hun tempels. In het bereik van de tempel betekende: dicht bij de god die daar woonde. Op reis nam men beelden mee van de goden om onderweg tot ze te kunnen bidden. De goden moesten zichtbaar en tastbaar zijn. Wie in Jeruzalem als vreemde bad, bad tot een vreemde, hem onvertrouwde God, die bovendien geen beeld in zijn tempel had. Wie als vreemdeling tot die God bad had vele grenzen overschreden en had een ongelooflijk vertrouwen. Hij legde zijn eigen onmacht in de handen van de machtige God van Israël.

Salomo bad dat wie zo een groot vertrouwen had door Jahwe niet beschaamd zou worden. De honderdman die duizend jaar later leefde, had zo een vertrouwen in Jezus van Nazaret. Hij was een officier van het Romeinse leger en alhoewel de Joden de bezetter om vele, onder meer godsdienstige redenen haatten, had hij eerbied voor hun God, eerbied voor en vertrouwen in Jezus, hun profeet. Hij had zelfs een synagoge voor de Joden gebouwd. Jezus prees het geloof van die officier en Hij verhoorde zijn gebed voor zijn knecht "aan wie hem veel gelegen was". De honderdman had vele grenzen overschreden. God overschreed ze allemaal. Via Jezus kwam Hij de officier en diens knecht rakelings nabij door die laatste het leven te redden. Wie God naderbij roept in geloof ondervindt dat God aan hem en de zijnen álles gelegen is.