Vele lichamenn van één lichaam

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Als je die brief van Paulus leest, ben je geneigd naar je handen en je voeten te kijken, en eens aan je oor te voelen en met je ogen te knipperen.
Paulus heeft gelijk. Het is wonderlijk. Wat een enorm verschil tussen je ogen en je voeten. Ze lijken gewoon niet op elkaar. En toch vullen ze elkaar aan, en is het helemaal niet zo gek dat ze tot één en hetzelfde lichaam behoren. Ze hebben elkaar nodig. Want zonder je ogen zou je je benen allang hebben gebroken. Als je daarbij stilstaat, moet je zeggen: 'Wat is mijn lichaam een wonder. Zulke enorme verschillen, en tegelijkertijd zo'n ongelooflijke harmonie'.
Je moet er niet aan denken wat er gebeurt als die harmonie verbroken zou worden. Mensen met een gedeeltelijke verlamming kunnen daarover meepraten. Het is verschrikkelijk als je benen niet meer willen, als je onderlichaam verlamd is, als je een vlieg op je hoofd niet kunt wegjagen, als je geen glas kunt pakken. Wat is de harmonie tussen al die ledematen belangrijk.
Het is openbarend dat Paulus dit vergelijkt met ons menselijk samenleven. Want dat doen we in ons land, in onze parochie, in ons gezin. Wat zijn wij verschillend van elkaar. Net zo verschillend als een voet en een oog. En toch kunnen we een ongelooflijke eenheid vormen. Maar wat is het ook in menig bedrijf, in menige parochie, in menig gezin een grote puinhoop. Daar zijn de verschillen zo groot dat je er de moed bij verliest. Hoe kun je daar ooit een eenheid in krijgen?
Nu wijst Paulus ons een weg. Wij mogen best verschillend zijn. Die verschillen zijn zelfs onmisbaar. Als het lichaam alleen maar oog was, kon het lichaam nergens naar toe, want daar heb je voeten voor nodig. Elk orgaan heeft zijn eigen taak. Als die verschillen maar aanvullend zijn. Eenvoudiger gezegd: als wij elkaar maar willen aanvullen. Maar o wee als we elkaar willen verdringen.

Er is een verhaal over twee kinderen aan het strand. Eén was een kasteel aan het bouwen. De ander stond te kijken. Toen er een toren stond, zei de tweede: 'Dat lijkt nergens op', en schopte die toren om. Zo ging het de hele middag. Toen ze 's avonds naar huis gingen, hadden ze nog niets klaar.

Paulus wil ons drie dingen zeggen.
Ten eerste: ga met elkaar praten, en kijk dan of je tot eenzelfde doel wilt komen. En in één gezin, in één parochie, in één bedrijf moet dat toch mogelijk zijn. Vraag je alleen maar af: wat willen wij? Dat bedoelt Paulus wanneer hij zegt: 'Samen moeten wij het ene lichaam van Christus vormen'.
Ten tweede: de verschillen moeten aanvullend zijn. Een oor is nu eenmaal geen voet. De één heeft andere capaciteiten dan de ander. Gun die ander zijn kwaliteiten. En stel jouw kwaliteiten disponibel voor het zelfde doel.
En ten derde: onderschat nooit de kwaliteiten van die ander. Ze lijken misschien minder dan die van jou, maar in wezen zijn ze even onmisbaar. Juist die delen van ons lichaam die het zwakst schijnen te zijn, zijn onmisbaar.
Dus naar hetzelfde doel toe willen, en de wil tot samenwerking, en een ander niet onderschatten. Dat zijn de drie dingen die Paulus ons zegt.

Zo waren twee andere kinderen bezig aan het strand. De één had een toren gebouwd. De ander zei: 'Leuk, maar het wordt nog mooier als je er een toren naast bouwt'. Dat deed hij. Toen zei nummer één: 'Nu zou er een brug tussen moeten', en hij begon een brug te bouwen. Toen zei nummer twee: 'Wat zou het leuk zijn als er nu water onderdoor liep', en hij ging water halen. 's Avonds hadden ze een prachtig kasteel met torens, bruggen, water en een bootje. En tot slot zetten ze er een vlag bovenop.