U hebt de beste wijn tot nu bewaard (Joh.2,20)

Wijn drink je niet met een droevige blik. De psalmist prijst de wijn.

Wijn verheugt het hart van de mensen” (psalm 104; 15). Prediker bevestigt dit: “Wijn maakt het leven vrolijk” (Prediker 10,19). Jezus Sirach nuanceert het: ‘Wijn is leven voor een mens als je hem met mate drinkt.

Wijn werd al in het begin gegeven om vreugde te schenken.

Als je hem op het juiste moment en met mate drinkt, geeft hij blijdschap en vreugde. Te veel wijn leidt tot bitterheid, ruzie en conflicten” (Jezus Sirach, 31,27-29). En dan volgt nog deze raad: “Maak geen ruzie met je naaste, als je samen wijn drinkt en minacht hem niet als hij vrolijk wordt” (Jezus Sirach, 31,31).

Een tenger plantje

De wijnstok is een teer plantje. De man die het ontving bij zijn tocht door de woestijn moest ervoor zorgen dat het niet uitdroogde. Hij was onderweg met een schaap, een ezel en een varken. Toen het plantje dreigde uit te drogen, was hij verplicht het schaap te doden om het plantje vocht te geven. Maar de reis was ver en dan moest hij wel de ezel doden en tenslotte het varken. Het plantje overleefde de tocht en zorgde voor heerlijke vruchten en fijne drank. Maar wie er te veel van drinkt, wordt eerst zacht als een schaapje, nadien bonkig als een ezel en tenslotte woest als een varken.

Een oud sprookje dat waarschuwt voor dronkenschap en ons de raad geeft er met mate van de drinken, Al vulde een Franse wijnkenner dit aan met de uitspraak: ‘On en boit parfois trop, mais jamais assez.” Houden we ons maar aan de gulden raad: Mesure dure.

Wijn van vreugd (ZJ 526)

Het verhaal over de zes kruiken wijn bij de bruiloft in Kana doet tot op vandaag plezier. Wie twijfelt of Jezus ooit gelachen heeft, krijgt hier het antwoord. Hij was er samen met zijn moeder en zijn leerlingen. Op vraag van zijn moeder, die zag dat de wijn bijna op, geeft Jezus aan de bedienden de opdracht zes kruiken te vullen en zorgt hij voor goede wijn, Het kan niet anders of dit maakte Jezus en alle aanwezigen blij.

Jezus kreeg van zijn tegenstanders het verwijt dat hij een wijndrinker was en dan wel in het gezelschap van zondaars, bij wie hij te gast was (Lc. 7,33-34).

Wie reist in het Midden-Oosten, ziet veel wijngaarden. Zo was het reeds in de tijd van Jezus en zo gebruikt Jezus vaak beelden over de wijnstok en de druiven, over de wijngaarden, over de wijngaardeniers, en over dagloners en mensen die er werken.

Het brood dat wij aanbrengen als offergave in de eucharistie is de vrucht van de aarde en het werk van de handen van mensen. Zo is de beker met wijn, de vrucht van de wijngaard en het werk van mensen.

Jezus gaf richtlijnen over jonge wijn in nieuwe zakken (Lc. 5,38). Hij laat toch een voorkeur blijken voor oude wijn. Gaf het water dat in wijn was veranderd, oude of jonge wijn? Voor de tafelmeester was er geen twijfel. Het was goede wijn die voor het einde van het feest was bewaard!

Er zijn weinigen die de interpretatie van Ward Bruyninckx, de bezielde proost van de Chiro, tot de hunnen zullen maken, Volgens hem bestond het wijnwonder hierin dat Jezus de huwelijksgasten leerde smaken hoe goed helder water kan zijn. Al steekt er veel waarheid in wat hij daarover zei aan Gentse seminaristen tijdens een vormingsweek in Drieboomkensberg (Westmalle). Het was uiteindelijk een pleidooi voor de kracht van de eenvoud in het leven.

Het grote uur

Op het overlijdensbericht van Dr Jan Peers (1930-2021) stond een tekst van Toon Hermans: ”Als ik dood ben, niet die theatrale rouw. Neem wat Franse kaas wat stokbrood en wat wijn. Ik wil ook niet in een vaasje op de schouw. Ik wil gewoon een stukje kerkhof zijn.”

Laat ons erbij zijn als wij zullen drinken van de wijn in de hemel. Zei Jezus niet tijdens het laatste avondmaal bij de zegening van de beker dat hij niet meer zou drinken van wat de wijnstok voortbrengt, totdat het Rijk Gods is gekomen (Lc. 22,18)?.  En schilderde Jesaja niet het visioen van het gastmaal op de berg, een gastmaal van vette spijzen en belegen wijnen, zuiver als kristal (Jes. 25,6)?

In het evangelie van Johannes is het verhaal van Kana de aanloop naar het grote uur, waar Jezus op het kruis zijn leven geeft en ons laat delen in zijn verheerlijking.

Zorg voor goede wijn

Kana heeft zeker een boodschap voor wie zich in het leven met anderen in trouw verbindt. Paus Franciscus was in 2018 aanwezig op de Wereldbijeenkomst van Gezinnen in Dublin. Tijdens de Avondwake van 25 augustus 2018 hadden koppels uit diverse culturen getuigd over het huwelijk en het gezin. Paus Franciscus dankte hen en bracht het wijnwonder van Kana ter sprake in zijn homilie.

Hij zei: “Bedankt voor uw woorden en uw getuigenis over liefde en geloof! U hebt ervaren, hoe Gods liefde uw leven kan veranderen. Wie doet dat? Jezus, die zijn openbaar leven precies op een bruiloftsfeest begon. Daar, in Kana, heeft Hij water in nieuwe en zoete wijn veranderd zodat het blije feest wonderbaar kon doorgaan. Heeft u gedacht aan wat er gebeurd zou zijn indien Jezus dat niet had gedaan? Heeft u eraan gedacht hoe verschrikkelijk het is wanneer een bruiloftsfeest alleen met water zou eindigen? Verschrikkelijk is dat! De Maagd Maria heeft het begrepen en zei tegen Haar Zoon: “zij hebben geen wijn meer”. En Jezus begreep dat het feest, met water alleen, slecht zou eindigen. Zo is het ook met de echtelijke liefde. Nieuwe wijn begint te gisten tijdens de verlovingstijd, die noodzakelijk is maar voorbijgaand, en rijpt heel het huwelijksleven lang, in de wederzijdse zelfgave, waardoor de echtgenoten, van twee, “één vlees” kunnen worden. En waardoor zij op hun beurt hun hart ook kunnen openen voor wie liefde nodig heeft, vooral wie alleen is, verlaten, zwak en omdat hij of zij kwetsbaarder is, dikwijls door de wegwerpcultuur opzij geschoven wordt. De cultuur die wij vandaag kennen, die alles opzijschuift: die opzijschuift wie geen nut heeft, kinderen omdat zij vervelend zijn, bejaarden omdat ze van geen nut zijn … Alleen liefde redt ons van deze wegwerpcultuur. 

Overal zijn gezinnen geroepen om te blijven groeien en vooruit te gaan, ook te midden van hun moeilijkheden en beperktheden, zoals de vorige generaties. Onze gezinnen zijn levende schatten die een geheugen hebben, door de kinderen die op hun beurt ouders en grootouders worden. Van hen krijgen wij onze identiteit, waarden en geloof. Wij hebben het gezien met Aldo en Marissa, die meer dan vijftig jaar gehuwd zijn. Hun huwelijk is een monument van liefde en trouw! Het was mooi (in de video) de grootmoeder te zien dansen met de kleindochters. Hun wederzijdse liefde is een gave Gods, een gave die zij met vreugde aan hun kinderen en kleinkinderen doorgeven. 

Een samenleving – hoor dit goed – die grootouders niet naar waarde schat, is een samenleving zonder toekomst. Een Kerk die het verbond tussen de generaties niet ter harte neemt, zal uiteindelijk missen wat echt telt: liefde. Onze grootouders leren ons de betekenis van echtelijke liefde en ouderliefde. Zij groeiden zelf op in een gezin en hebben de genegenheid van zonen en dochters, van broers en zussen gekend. Daarom zijn zij voor de nieuwe generaties een schat aan ervaring en wijsheid. Het is een grove fout, ouderen niet naar hun ervaring te vragen of te denken dat het tijdverlies is met hen te spreken. In dat opzicht zou ik Missy voor haar getuigenis willen bedanken. Zij zei ons dat onder reizigers, het gezin altijd een bron van kracht en solidariteit geweest is. Haar getuigenis herinnert ons eraan dat in het huis van God voor iedereen plaats is aan tafel. Niemand mag uitgesloten worden: onze liefde en aandacht moeten uitgaan naar iedereen.