Christus, Koning van het heelal C

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

David was koning. Door de stammen van Israël werd hij gekozen. Hij heeft wat verwezenlijkt. Hij heeft een aanzienlijk koninkrijk gevestigd. Het is in Hebron dat hij koning wordt, een nederig dorp, niet in Jeruzalem. Hebron ligt een weinig verder, op de weg naar het kleine Betlehem. In Hebron is toch Abraham begraven, worden de oude tradities van de patriarchen bewaard. Aan hen heeft Jahwe alles beloofd. In Hebron wacht Abraham op de vervulling van de beloften. Is Betlehem nabij, Jeruzalem ook.

Grootheid lag voor David in het verschiet, maar hij was een mens, die door zijn zonde zou vernederd worden. Hij zou Uria, de Hittiet, zijn getrouwe generaal, doen omkomen in de strijd: hij had hem voor een liefdesnacht met Batseba verraden. Die was hem meer waard dan zijn vriend. Batseba was de vrouw van Uria. En om voor goed in het bezit te komen van de buit en van de vrucht ervan - Batseba was zwanger door hem -, liet hij Uria omkomen in de oorlog. Koning David zou boeten voor zijn zonden, voor zijn overspel, zijn moord, zijn machtswellust. Hij zou uit Jeruzalem vluchten voor zijn opstandige zoon Absalom en in het bijzijn van zijn groten door een zekere Simi worden uitgescholden en met stenen bekogeld. David zag er een straf van Jahwe in en liet hem begaan.

Jezus, de koning der Joden, die we vandaag vieren, wordt door de hogepriesters en de soldaten gehoond en bespuwd. Ook een misdadiger aan het kruis provoceert Hem. Maar de andere, die we naar vrome traditie "de goede moordenaar" noemen, maakt een eind aan de vergelijking tussen koning David en koning Jezus. "Hij heeft niets verkeerds gedaan". Christus-Koning wordt niet gestraft. Hij neemt alle verdiende ellende op Zich, die van David en die van heel het volk.

Bekijk goed de scène van de kruisiging. Jezus is alleen met de goede moordenaar. De priesters, de soldaten, het volk, allen kijken gespannen naar wat zal gebeuren. Op het kruis manifesteert Jahwe het koningschap van de Messias, de Gezalfde, de Christus. Op het kruis wordt Jezus tot koning gezalfd!

Niet zijn macht, maar zijn goedheid speelt. Vergiffenis is zijn wet. De moordenaar vraagt vergiffenis. Daarin bestaat zijn goedheid: dat hij vergiffenis vraagt. Jezus' goedheid bestaat erin dat Hij vergiffenis schenkt, ook de schuld van de moordenaar op Zich neemt en op zijn beurt aan zijn Vader, voor hem en voor allen vergiffenis vraagt en bekomt. Het volk dat wacht staat voor de keuze. Het kan ook zijn zonde bekennen, vergiffenis vragen en intreden in het Koninkrijk. Het kan ook het cynische en tragische spel spelen van de priesters, de soldaten en de andere moordenaar. Het kan voor altijd buiten blijven. Voor het kruis kan de komedie vreselijk voortduren of de paradijselijke ontknoping vinden: "Vandaag nog zult ge met Mij zijn in het paradijs". Voor wie zijn zonde bekent opent zich het paradijs en begint het leven. Voor wie zijn spel van leugen en valsheid voortzet blijft de hel van een zekere maatschappij voortduren. De twee koninkrijken strijden met elkaar. Op het kruis wordt de strijd beslecht. Het is het beslissende ogenblik van de hele mensengeschiedenis. God, die ook op dat ogenblik alles bestuurt, biedt in Jezus en omwille van Jezus zijn vergiffenis aan alle toeschouwers. Bij hen ligt voortaan de beslissing. Wie zo goed is vergiffenis te vragen treedt voortaan binnen in het Koninkrijk.

Jezus verlost ons van de angst vergiffenis te geven, van onze koppigheid om er geen te vragen. Op het einde van het liturgisch jaar is het goed te bedenken dat de Blijde Boodschap, het Evangelie en met nadruk dat van Lucas, vergiffenis laat heersen waar Jezus heerst, Jezus laat heersen waar vergiffenis gevraagd en gegeven wordt. "Verheft uw hart", ook en met meer reden na uw zonde. Uw Koning is hier, die als priester vergeeft.