33e zondag door het jaar C

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

De psalm die antwoordt op Maleachi roept ons op om met muziek en dans Jahwe te loven, zodat de zee, de aarde, de beken, de bergen, en al wat er op en er in leeft, alles wat komt uit Gods hand, kan instemmen en mee jubelen, Hem ter ere die "rechtvaardig de wereld bestuurt".

Iemand moet beginnen. Iemand moet durven. Iemand moet stilte bekomen. Iemand moet het lied aanheffen. We wachten op die Voorzanger, op Hem die weet dat de Heer van alle leven het leven van de cynici kan vernietigen, die weet dat Hij het ook zal doen! Zijn "dag komt die brandt als een oven". Als een vuur dat de wind door een graanveld jaagt en halm en wortel vernietigt, zo zal Hij alle corruptie vernietigen. Maar aan hen die "hongeren naar gerechtigheid", aan hen die Hem eerbiedigen, zal Hij leven en genezing schenken, de zegeningen van de warmte en het licht van de zon, van haar stralen, "haar vleugels", zoals Maleachi zegt. Wie durft het geloven!

Maleachi is niet de eerste profeet die het wankele volk moed inspreekt, die het staande houdt tussen de schrik voor de brand en de hoop op blijvende verlossing, tussen de bewondering voor fraaie tempelstenen en de bedreiging van algehele verwoesting. De laatste Profeet die spreekt is Jezus. Hij is het die vertrouwen gehad heeft en die het lied heeft ingezet. Hij zegt niet wanneer de tempel zal verwoest worden, maar nodigt uit tot standvastigheid in de vervolging. Hij zegt niet wanneer het einde komt, maar nodigt uit te bedenken dat het komt. Hij zegt niet wanneer "het teken" daar zal zijn, maar Hij nodigt uit na te denken over de betekenis van de gebeurtenissen, "hongersnood en pest, nu hier, dan daar, schrikwekkende dingen en geweldige tekenen". Hij nodigt uit het leven te winnen door standvastigheid, temidden van de dagelijkse aftakeling of van de in vele vormen plots toeslaande dood.

We luisteren naar dat evangelie op de voorlaatste zondag van het liturgisch jaar. Over twee weken begint de Advent. Ook dit jaar heeft het beest van de Apocalyps in vele gedaanten het leven bevochten. Ook dit jaar is Christus ons licht geweest en onze warmte, hebben wij door standvastigheid ons leven gewonnen. Onze wortel is in de brand niet uitgedroogd en onze halm is niet tot as in mekaar gezakt. We hebben het leven van onze kinderen gevrijwaard. We hebben ze voorbereid om standvastig te worden.

"Wanneer zal dit alles geschieden"? Het is geschied, ook dit jaar. Ook dit jaar heeft Christus de dood overwonnen. Ook dit jaar hebben talloze monniken en monialen in standvastigheid hun leven gewonnen, het lied gezongen en de spreuk gevierd: "werk en bid, ora et labora", directe echo van het evangelie dat vandaag en in de komende weken aanmaant tot gebed en waakzaamheid. Wat er ook gebeure in u en rondom u, in de Kerk en er buiten, werk en bid en wees waakzaam: zo wint ge uw leven, uw vrede, God in uw hart. Werk want de schepping ligt in uw hand, bid opdat ge bij uw werk God niet uit het oog verliest, wees waakzaam want Hij komt!

Paulus voegt hier nog iets aan toe. Aan de christenen van Tessalonica schrijft hij: bemoei u niet met alles zonder zelf uw eigen werk te doen. Wanneer Christus komt zal Hij u geen rekenschap vragen over het werk van de anderen maar over het uwe. Werk en bid en ge zult in standvastigheid uw leven winnen.

Wie deze vermaningen ter harte neemt, vindt zijn taal en tong terug. Hij houdt op met praten en zeggen hoe het elders moet. Hij vindt de woorden om zich te verdedigen: God geeft ze hem in, Hij vindt zelfs de woorden om zijn Schepper te bezingen, zoals de psalm hem aanmaant, met muziek en dans.