33e zondag door het jaar C

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Je kunt, als je kijkt naar de tekenen van de tijd, je behoorlijk onmachtig voelen. Er is oorlog in Palestina. Strafexpedities tegen de opstandige bewoners van het land. De joden en de eerste christenen worden vervolgd door de Romeinen. Er is hongersnood onder keizer Claudius. En profeten kondigen het einde der tijden aan. Er is onrecht. Het leven zelf wordt bedreigd. Wat doe je in zulke omstandigheden?

Als je kijkt naar de tekenen van onze tijd, kun je je behoorlijk onmachtig voelen. Ik schets zomaar wat tekenen (u ziet misschien andere): Er zijn signalen van een teruglopende economie en toenemende bezuinigingen. De oorlog op de Balkan gaat maat door en dagelijks zijn er berichten van nog meer vluchtelingen die met gevaar voor eigen leven de oorlogshandelingen proberen voor te blijven. En hen wacht een lange koude winter zonder aangepaste kleding en met weinig voedsel. Er is honger in Afrika en duizenden mensen zullen deze desastreuze golf van te kort niet overleven, ondanks alle menslievende en goedbedoelde acties. En in Europa nemen de geruchten rondom vreemdelingenhaat toe. Ook in eigen land hoor je geluiden over ‘verwijdering' van illegalen en een halt aan de toestroom van vluchtelingen. En (is het u ook opgevallen?) bij dit alles hoor je steeds vaker de vraag: Waar is God? Waar woont God in Afrika of in het verdriet van de Bijlmer? Waar is de goede God in wie we zo graag zouden geloven? Maar het is zo moeilijk. Soms krijg je het gevoel dat Hij even weg is, dat we deel uitmaken van een onheilsscenario, in plaats van een heilsboodschap. Hoe kan God het goedvinden dat kinderen sterven van de honger? Hoe bestaat het dat één volk een ander volk uitroeit, uit pure haat of eigenbelang? Waarom laat God zulke dingen toe? Waarom verdragen mensen elkaar niet en worden hele volksstammen veracht om hun armoede of afkomst? En er gaan geruchten, dat God even onmachtig zou zijn als wij.

Jouw God is geen God, zinloos, halfzacht, onhandelbaar. En intussen gaat de verwoesting van het land door. Niemand die raad weet. En verder gaat de uitputting van de aarde, de vervuiling van de bronnen en armen wordt het brood uit de mond gestoten. Zal er ooit redding dagen? Een stad van vrede?

We lezen - ook vandaag - het evangelie; de blijde boodschap. Soms is het even zoeken als je je niet mee wilt laten nemen in onheilsverhalen. De tekst van Lucas is geschreven op een moment dat het vuur van het begin afneemt. De mensen zitten somber bij elkaar, terneergeslagen bij alles wat hun overkomt. Maar dit is het einde niet! ‘Zie de dag gaat komen, de dag die als een oven brandt', zegt Maleachi, ook in een tijd van maatschappelijke, religieuze, economische en sociale ontreddering. ‘Maar voor u, die mijn naam vreest, gaat de zon van de gerechtigheid op'. En: ‘Geen haar op uw hoofd zal verloren gaan', zegt Lucas.

Hoe sterk staan christenen in beroerde tijden? Wat is de betekenis van geloof als de omstandigheden eens minder gunstig zijn en als je van je stuk wordt gebracht door de realiteit van alledag? Zitten zij neer bij de pakken vol wanhoop? Zoals iemand zei: De tanden van de hoop ingewisseld tegen het kunstgebit van het geweld, af en toe gereinigd in een glas ideologie. Zoals het gaat, gaat het nu eenmaal en het zal mijn tijd wel duren! Of blijven gelovigen ook dan zoeken naar een antwoord? Zoals het gaat, gaat het niet! Het moet anders!

Er waren er in die dagen die zich geroepen voelden zich ermee te bemoeien. Ze zagen Gods gezicht in elk hongerend kind, in elke lijdende mens, in ieder die leeft met tekort of rouw of vernedering. Zij voelen elke tegenslag als een uitdaging, elke onheilstijding als het uur van de waarheid. Er waren er ook die zich vergaapten aan de fraaie tempel met zijn mooie stenen en wijgeschenken: de eeuwige verleiding te vluchten in een binnenkerkelijk geloof. Geloven is iets anders dan kerken en kathedralen bewonderen. En God, in zijn eindeloze verborgenheid, blijft zoeken naar mensen die beter weten, opnieuw beginnen, durven. Er waren er in die dagen die hun stem verhieven tegen rassenhaat en vreemdelingenfobieën. En gastvrij zetten zij hun huis en hun hart open voor nog eens duizenden Bosniërs die anders de winter niet zouden overleven. Lachend om de zuinige zieligheid van onze regering. Ze oefenden druk uit op de overheid. En ze namen een voorbeeld aan een arm land als Malawi dat twee miljoen vluchtelingen herbergt in zijn armoede. Er waren mensen in die dagen die er een eer in stelden buitenlanders uit te nodigen in hun huizen om te delen in de rijkdom van hun cultuur. En schoolbesturen gaven opdracht in de lesprogramma's plaats te maken voor informatie over etnische minderheden, want wie de jeugd heeft kijkt naar een gezamenlijke toekomst voor allen die hier wonen. Zoals het gaat, gaat het niet. Geloven betekent: het kan beter en ik ga er aan staan. Ook in het persoonlijke leed dat ik op mijn weg ontmoet in levens van mensen dichtbij. En of er ooit een God zichtbaar wordt, te midden van al wat er gebeurt? Dat ligt er maar aan. Zullen er ooit mensen opstaan in zijn Naam? Zoals die Ene, geleefd, gestorven en opgestaan in zijn naam?