Twaalf uurtje

De lezing uit het eerste testament hebben slimme kerkvaders geïnspireerd tot het Angelus gebed dat gewoonlijk ( vroeger?) om 12:00 gebeden wordt.

In het morgengebed vragen wij God deze dag christelijk door te brengen hem niet te beledigen en al onze plichten goed te vervullen Die strijd voor het dagelijks bestaan kan niet  zonder de barmhartigheid van God. Daarom vragen wij om zijn genade omdat voornemen trouw te volbrengen Maar in de loop van de dag raken we afgemat en willen we de strijd om de dag zinvol in de ogen van God door te brengen opgeven. Het is mooi geweest denken we en wij hebben onze “best” gedaan. Amalek is meer dan een naam, meer dan een voornaam of een familienaam. Het is een verzamelnaam, een gesteltenis. Het is laffe vijandigheid tegen Gods volk. Een volk dat voortdurend bloot staat aan verleidingen genotzucht, hoogmoed en eigenliefde. Als God iets van ons vraagt weet hij dat wij dat ook aan kunnen. Als die “klus” te zwaar is stuurt hij zijn helpers net als in het Oude testament om je te ondersteunen bij die taak. We overschatten vaak ons zelf en nemen te veel hooi op de vork inplaats van optijd  hulp te vragen. Net als Petrus die over het water naar Jezus liep maar halverwege de moed verloor. Bidden is en blijft een moeilijke zaak. En toch is het voor ons even noodzakelijk als adem halen. Want bidden is het ademhalen van de ziel, de geest van een mens. Als een christen niet meer bidt, verschrompelt zijn geest, zijn geloof, zijn hoop, zijn liefde, kan zelfs zijn geestelijk leven sterven. Daarom is bidden zo noodzakelijk. En tegelijk is het zo moeilijk. Jezus, weet ook dat bidden voor ons moeilijk is. Hij wil ons ook daarmee helpen. Hij vertelt een parabel van een rechter en een weduwe. Er was eens een rechter die zich bekommerde om God noch gebod. Dat is wel heel merkwaardig, want een rechter is er juist voor om de wet te handhaven. Dat is zijn vak. Wie dus bij zo’n rechter zijn toevlucht zoekt, is eigenlijk in de aap gelogeerd; die krijgt de kous op zijn kop; die gaat eigenlijk bij de duivel te biecht. Ik snap best dat jullie bidden erg moeilijk vinden zegt Jezus. Net zo moeilijk als de gang van die weduwe naar die rechter, die voor geen cent deugt. Maar jullie moeten dit van Mij aannemen, wil Jezus zeggen: God is niet als die rechter. God is er niet als de passieve derde, als een buitenstaander. God is er als degene die zich om jou bekommert, die van je houdt, die je eindeloos liefheeft. Er is een God. En Hij is niet alleen je schepper, Hij is je Vader, je abba, je pappa. De naam van God betekend ook letterlijk Ik ben er voor Jou!. Het kan zijn dat we moeten leven met grote teleurstellingen. Teleurstelling in mensen, teleurstelling in God. Het kan zijn dat we zó teleurgesteld zijn, dat het ons de adem beneemt, dat we het er benauwd van krijgen. Maar laten we dan doorademen door samen te bidden. En het grote project tot een deel project van te maken. Jeruzalem is ook niet op een dag gebouwd.

En de moed niet opgeven. Want als je niet bidt, haalt je ziel geen adem meer. Dan sterft je geloof, je liefde, je hoop…en dreig je net als Petus te verdrinken als je de uitgestoken hand van Jezus niet vast pakt. De Engel des heren (Angelus) wordt rond 12:00 gebeden. Het is een goede gewoonte om het ook s’morgens en s’avonds rond 6 uur te bidden samen met je engelbewaarder. Dat gebed werkt als een toverdrank het geeft je nieuwe energie ja zelfs vleugels. Elke middag luidt de kerkklok om 12:00 uur die ons aan het Angelus gebed herinnert Je weet nooit of dat de bel is voor jou laatste ronde. En die eeuwige roem.