29e zondag C (2010)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 194 niet laden

OPENINGSWOORD

Broeders en zusters, allemaal welkom. Wij zijn samengekomen om de heilige Eucharistie te vieren.

Met wie zijn wij hier samen? De drie-ene God is hier, de Vader en de Zoon en de heilige Geest. Maar in het boek Apocalyps of ook wel de Openbaring van Johannes, staat dat bij de viering van de heilige liturgie rondom de troon van God ook de engelen en de heiligen en de evangelisten aanwezig zijn. Zou dat dan hier ook het geval zijn? Hebben de engelen en de heiligen zich ook rondom het altaar van onze Sint Dionysiuskerk verzameld?

Ik hoop dat velen van jullie weleens hebben gehoord of zelfs gelezen over pater Pio, een Italiaanse heilige pater Kapucijn, die in 1968 is gestorven. Hij droeg de stigmata, de kruiswonden van Jezus, en deed wonderen aan de lopende band. Vele van die wonderen zijn door de moderne, medische wetenschap onderzocht en als echt erkend, d.w.z. als medisch onverklaarbare gebeurtenissen.

Pater Pio had ook visioenen, zag bijvoorbeeld zijn eigen engelbewaarder en die van andere mensen.

Toen men hem er naar vroeg, verklaarde pater Pio, dat niet alleen wij rondom het altaar staan, maar ook de engelen, heel het hemelse hof, bijvoorbeeld de twaalf apostelen, en ook Moeder Maria knielt hier vol eerbied neer, ik neem toch aan samen met Sint Jozef, om Jezus hier te aanbidden.

Broeders en zusters, hier in onze kerk raakt de hemel de aarde; de aarde raakt de hemel. Dat is niet alleen maar een mooie gedachte, maar het gebeurt werkelijk doordat de bewoners van de hemel en de bewoners van de aarde hier samen aanwezig zijn.

Proberen wij net als de engelen en de heiligen met de grootst mogelijke eerbied en aandacht deze heilige Eucharistie mee te vieren. Dan zal deze heilige Mis veel vruchten dragen, voor nu èn ook voor later, voor ons leven bij God in de hemel.

OPENINGSGEBED

Laat ons bidden. Goede God, als lijden en beproeving ons overkomen, wordt dikwijls alles ons te machtig, en laten wij vertwijfeld de armen zinken. Verlaat ons niet. Sta als een wacht aan onze zijde. Laat ons weer vernemen dat Gij nooit uw steun ontzegt aan wie met een oprecht vertrouwen tot U bidden. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon ... . Amen.

PREEK

De lezingen vandaag willen zeggen dat bidden helpt. Maar dan moet je wel volhouden, zegt de tekst er meteen bij. Zolang Mozes met zijn armen omhoog en uitgestrekt bidt, zijn de Israëlieten aan de winnende hand; laat hij de armen, de moed, zakken, en verliest hij zijn vertrouwen, dan wint de tegenpartij. Bidden is dus een kwestie van volhouden. Zoals die weduwe, wie recht wordt gedaan, al was het alleen maar om van haar voortdurende gezeur af te zijn. Een rechter die niets om anderen geeft, doet zo al, en dus zal God toch zeker recht verschaffen aan hen, die dag en nacht tot Hem roepen.

Bidden is een kwestie van volhouden. Je doet het niet vandaag even en dan zes dagen weer niet. Bidden doe je in moeilijke situaties, maar niet alleen dan. Nee, bidden, leert de Bijbel, moet je regelmatig doen, en stug volhouden. Dan pas helpt het.

Door ons bidden wordt meestal de wereld niet anders, maar jij, die bidt, wij, die samen bidden, worden andere mensen in diezelfde wereld. Door de kracht van het gebed kunnen wij de soms harde wereld beter aan. Door te bidden en vol te houden ga je vaak anders, minder paniekerig, vrediger soms, tegen bepaalde situaties aankijken.

Bidden is voor sommigen al moeilijk. "Ik kan niet bidden", zeggen ze, "ik dwaal zo vaak met mijn gedachten af". Daar hebben veel mensen last van, maar als wij tien keer met onze gedachten afdwalen kunnen wij ook weer tien keer tot God terugkeren. Tien keer afdwalen geeft tien mogelijkheden om opnieuw voor God te kiezen, om Hem tien keer te eren.

Bidden is moeilijk, en het volhouden is nog moeilijker. Soms laten we, net als Mozes, de armen zakken. We geloven er niet meer in, we vinden dat wij niet snel genoeg verhoord worden. Maar gelukkig had Mozes helpers, en ook wij kunnen elkaar hierin tot steun zijn. Aan hoeveel oma's wordt niet gevraagd een lichtje op te steken voor... voor een ziek kleinkind, voor het slagen van een examen. En hoe vaak bidden we niet voor zieken, die het zelf misschien niet meer kunnen.

Natuurlijk, we moeten het niet laten bij bidden alleen. Soms zijn wij de vragende en biddende partij. Andere keren wordt ons gevraagd, 'gebeden', iets te doen. Wie dan alleen maar de handen vouwt en de ogen sluit om te bidden, is verkeerd bezig.

"Hoorde je dat kind in de kamer hiernaast niet huilen?", vroeg de rabbi aan zijn leerling. "Nee", zei hij, "ik was in gebed verzonken". Maar de rabbi zei: "Wie bidt, maar niet het verdriet hoort van anderen, bidt niet goed".

We denken aan, en bidden voor, de mensen die het als hun missie zien in de geest van Jezus armen vooruit te helpen. Een van die biddende sjouwers, een missionaris in het Amazonegebied, vertelde: "Op een dag moest ik met spoed naar een ernstig zieke. Het was drie dagen roeien bij ons vandaan. Met nog een halve dag te gaan stopten de roeiers. Ze wilden - of beter gezegd: ze konden - even niet meer verder. Eén van hen zei toen: ‘We kunnen niet meer verder; we hebben zo hard geroeid dat onze ziel eerst weer ons lichaam moet inhalen'".

Eigenlijk is bidden dat ook: even ophouden met druk doen, opdat je ziel je lichaam weer kan inhalen. Wie dat regelmatig doet en echt volhoudt zal het goed doen en geluk brengen. Maar na het vouwen van de handen moeten wij altijd weer de handen uit de mouwen steken.

Broeders en zusters, de mooiste en krachtigste en hoogste vorm van gebed is natuurlijk de heilige Eucharistie. Paus Benedictus XVI schreef aan het begin van zijn pontificaat, dat wij in een tijd van oorlog en terrorisme de Eucharistie moeten laten zien als een school van vrede. De Eucharistie is de viering van Jezus' Kruisoffer. Wel, hangend aan het Kruis bidt Jezus voor zijn vijanden. Hij verontschuldigt hen bij zijn Vader. Hij vergeeft hen.

De paus roept ons ook op de Eucharistie te vieren overeenkomstig de voorschriften om daardoor beter te beseffen, dat de Eucharistie niet iets menselijks is wat wij zelf vorm kunnen geven, nee, Jezus Christus is de Gastheer. Hij nodigt ons uit aan zíjn Offermaaltijd. Het is een viering van God en daardoor gaat er een goddelijke kracht van uit.

De paus roept ook op om iets meer aan aanbidding te doen. Wel, wij hebben iedere eerste zondag van de maand om 19.00 uur ‘s avonds aanbidding. Maar misschien zouden we dat iets vaker kunnen doen. Misschien dat mensen willen meedenken hoe we aan die terechte wens van de paus in onze parochie meer gestalte kunnen geven. Het zal onze parochie, ja, heel de wereld, ten goede komen, en zeker het leven van de mensen, die daadwerkelijk naar de aanbidding komen.

Laten wij bidden, hier in de kerk, maar ook thuis, ouders en kinderen samen, voor en na het eten, een kort morgen- en avondgebed. Als de tijd daarvoor ontbreekt, kunnen we vijf minuten eerder opstaan. God zal ons er om zegenen. En... houden wij het vol. Zoals wij blijven eten, blijven leren, blijven spelen, blijven wij zo ook in gesprek met Jezus en Maria en met de engelen en de heiligen.