23e zondag door het jaar C

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Filemon heeft een knecht, een slaaf, Onesimus. Hij is weggelopen, en zoekt bij Paulus zijn toevlucht. Die stuurt hem teug naar zijn baas met een brief, waarin te lezen staat: ‘Beschouw hem niet meer als je slaaf, maar als je broeder'. Dat zal Filemon niet meegevallen zijn. Het zal hem best moeite gekost hebben. Een slaaf plotseling als je broer gaan zien, dat is nogal wat.

Mensen veranderen immers maar moeilijk hun denken en doen. We zijn gauw gewend aan, en verwend met, bepaalde patronen. We laten maar moeilijk datgene los waarmee we vertrouwd geraakt zijn. We roesten gauw vast, en geven niet graag af wat we als ‘van ons' beschouwen. We hechten aan mensen en dingen, maar ook aan meningen en gevoelens.

Dat is vaak heel goed, maar soms ook heel slecht: iets niet meer kunnen loslaten. Dan ben je niet meer de baas over je bezit, maar speelt dat wat je hebt, de baas over jou.

In die dagen, schrijft Lucas, trokken tallozen met Jezus mee. Maar onder die tallozen waren blijkbaar nogal wat meelopers, want Hij dwingt ze tot een echte keuze; Hij eist van hen dat ze het een en ander loslaten wat hun dierbaar is. Denk goed na, zegt Hij, als je mij wilt volgen. Iemand die een toren gaat bouwen, of een koning die een strijd moet leveren, denkt ook eerst na over wat hij gaat beginnen. Want dikwijls zeggen we te gemakkelijk ja, kiezen we spontaan voor iets nieuws, maar vallen we al weer gauw terug in het oude.

Ik heb zieken nogal eens horen zeggen: ‘Wanneer ik straks thuis ben uit het ziekenhuis, zal ik niet meer zo gek zijn als vroeger. Ik ga het minder aan doen. Al die rotcenten! Ik heb nu gemerkt dat het allemaal niks voorstelt. Zo druk als ik me altijd heb gemaakt, zal ik dat niet meer doen'. Soms dwingt ziek zijn je tot bepaalde keuzen, maar vaak blijkt een en ander te gemakkelijk gezegd in de situatie van toen, want na verloop van tijd gaat alles toch weer als vroeger, en zitten we weer in hetzelfde patroon. Kiezen voor nieuwe wegen is heel moeilijk.

Na de Eerste Wereldoorlog liepen heel veel mensen met een gebroken geweertje op hun revers. Dat zei: Oorlog mag nooit meer. Twintig jaar later stond de wereld toch weer in brand. En in de bezettingsjaren dachten velen: wanneer de oorlog voorbij is, zullen we dit en dat samen gaan doen, maar in feite bleek er al gauw grote verdeeldheid. En thans zien we - of we niks hebben geleerd! - bij sommigen in onze samenleving toch weer fascistische trekken.

Kiezen voor nieuwe wegen blijkt dus moeilijk, want na verloop van tijd, vallen we terug op het oude.

Echt langdurig zieken worden vaak gedwongen anders te gaan leven, en bij hen zie je dikwijls dat zij dingen steeds onbelangrijker zijn gaan vinden, waar wij zo aan hechten. Zij ontdekken dikwijls de werkelijke waarden. Zij hechten aan een goed gesprek, een hartelijk telefoontje, een leuk verhaal van een kind, de zon op het gras, heerlijke muziek, meelevende mensen.

Als je Mij wilt volgen, zegt Jezus, heb Ik niks aan meelopers die niet echt kiezen. Op gelovigen, die trouw zijn zolang het hun goed uitkomt, maar die afhaken zodra hun keuze ook eisen stelt, op zulke volgelingen zit Hij niet te wachten.