21e zondag C (2010)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 194 niet laden

OPENINGSWOORD

Broeders en zusters, welkom. Volgens de eerste lezing zal er ooit een tijd aanbreken, dat de mensen massaal tot de Kerk zullen toetreden. Een prachtige belofte!

De tweede lezing spreekt over die tijd... die al begonnen is met het feest van Pinksteren! Heel veel mensen werden vanaf toen door het doopsel kinderen van God, maar in hun persoonlijke levenswandel moeten zij nog meer op Jezus Christus gaan lijken. En wat lijden en tegenslag lijkt volgens diezelfde tweede lezing goed daarbij te kunnen helpen, want je kunt er geestelijk sterker door worden. Ook de Zoon van God heeft moeten lijden. Ooit zei iemand: "Ik ken geen problemen. Ik ken alleen maar uitdagingen". Zo'n uitspraak, zo'n levenshouding, getuigt van een grote innerlijke kracht.

Het evangelie is vandaag een beetje streng. Mensen moeten echt hun best doen om te proberen als christen te leven. Anders zou het kunnen gebeuren, dat zij bij God voor een gesloten deur komen te staan. Is het in de wereld ook niet zo? Een sporter, die zich niet helemaal geeft, vindt de deur naar een Europees- of Wereldkampioenschap gesloten. Een werknemer, die keer op keer zijn taak niet serieus neemt, wordt de deur gewezen.

Openen wij de deur van ons hart voor God en ook voor alle mensen, die wij ontmoeten, sympathiek of niet, dan vinden wij de deur van Gods Hart ook altijd geopend. Wie weet krijgt ook onze wereld dan weer eens opnieuw een uitstorting van de heilige Geest met alle goede gevolgen, die daarbij horen.

OPENINGSGEBED

Laat ons bidden. Heer God, tot iedereen richt Gij uw blijde boodschap, en alle mensen wilt Gij verzamelen tot uw ene volk. Wij bidden U: breek onze weerspannigheid; ban de ongerechtigheid uit ons leven, zodat Gij ons als uw uitverkorenen kunt toelaten in uw Koninkrijk. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon ... . Amen.

KINDERWOORDDIENST

PREEK

Mensen vragen zich van alles af. Zal er ooit echte vrede komen in Irak? De Amerikaanse gevechtssoldaten zijn nu wel weg, maar wij weten, dat het geweld gewoon doorgaat!? Gaat het met de economie nu inderdaad weer beter of hebben die vooral buitenlandse economen, die beweren dat de echte klap nog moet komen, gelijk!? Zullen wij morgen nog werk hebben, vragen mensen zich af?

Er zijn minder mensen, die zich afvragen of zij nú al ècht bij het Koninkrijk van God horen en of zij ooit in de hemel komen. In het evangelie is er iemand, die vraagt: "Heer, zijn het er weinig die gered worden?" Dat is ergens jammer, want deze vraag kwam enkel voort uit nieuwsgierigheid.

Jezus geeft op die vraag dan ook geen antwoord en wijst op wat werkelijk van belang is: "Spant u tot het uiterste in om door de nauwe deur binnen te komen, want velen zullen proberen binnen te komen, maar zij zullen daar niet in slagen".

"Spant u tot het uiterste in". Dit kan ons aan sport doen denken. Atleten moeten zich van alles ontzeggen: niet roken en niet drinken, en vele uren per dag trainen, maar zij hebben het er voor over, want zij weten, dat er voor hun onderdeel slechts één gouden medaille is.

Jezus wil, dat ook wij onze uiterste best doen. Het feit, dat wij een gedoopte mens zijn, geeft ons niet automatisch recht op een plaatsje in de hemel. Wij moeten tijdens ons aardse leven de belangen van God èn die van onze naasten hebben behartigd. En dan mogen wij erop vertrouwen, dat wij door die nauwe poort binnen zullen komen.

Verlossing is geen vanzelfsprekende zaak, broeders en zusters. De heilige Augustinus, bisschop en kerkleraar, die leefde in de 4e en de 5e eeuw, heeft ooit geschreven, dat God ons wel zonder onze hulp heeft geschapen, maar ons redden zal Hij niet zonder onze hulp.

Dus... hoe serieus nemen wij Gods belofte tot eeuwig leven? Als ik zo rondkijk, denk ik, dat veel mensen die belofte vrij serieus nemen. Velen van ons zitten trouw iedere zondag in de kerk. Maar durven wij ook op voorzichtige wijze te getuigen tegenover onze familieleden en vrienden, die dat misschien heel anders zien? Denken wij dan heel gemakkelijk: Nou ja, ieder zijn vrijheid, hij moet het zelf weten!? Inderdaad, ieder zijn vrijheid. Maar om in vrijheid te kunnen kiezen moeten mensen wel eerst gehoord hebben hoeveel vreugde, kracht en wijsheid wij in het geloof vinden. Dan kunnen ze zelf bepalen of ze meedoen of niet.

Waarom spreekt Jezus eigenlijk over een nauwe poort? Omdat het kiezen voor het goede soms véél moeilijker is dan de keuze voor het kwade. De weg van het kwade gaan is soms veel gemakkelijker, zoals je makkelijker kunt rijden op een brede weg dan op een smalle.

Christus gaat verder. Er is die nauwe deur, die openstaat. En God kan lang wachten, héél lang! God heeft meer geduld met ons dan wij met elkaar. Er komt echter een uur, dat de deur wordt gesloten! Voor wie dan nog buitenstaan, helpt kloppen niet meer, goede relaties ook niet. De mensen in het evangelie roepen: Heer, doe open, U kent ons toch. Wij hebben met U gegeten en gedronken! Maar de deur blijft op slot. Want die mensen hebben hun leven lang de kans gehad, tienduizenden kansen, om voor God en de naaste iets te doen... en zij hebben het niet gedaan of veel te weinig of met een verkeerde intentie, om er bijvoorbeeld zelf beter van te worden.

Broeders en zusters, het is noodzakelijk, dat wij echt onze uiterste best doen om de Tien Geboden van God te onderhouden. Dat mensen zich vergissen, kan altijd gebeuren, maar gelukkig kunnen en mogen wij altijd oprecht vergeving vragen.

Maar eigenlijk verwacht God méér van ons dan dat wij ‘alleen maar' de Tien Geboden onderhouden. Wie in zijn liefde niet verdergaat dan de Tien Geboden heeft als het ware op zijn rapport niet meer dan een magere 6-. Dat ìs voldoende, maar meer ook niet. Als het om ons loonstrookje gaat, wil iedereen graag méér ontvangen dan het minimumloon. God wil ook liever méér ontvangen: dat wij met Hem omgaan als met een echte vriend! Dat Hij niet voor ons is als een dorpsgenoot, die wij wel vaker tegenkomen, maar die wij eigenlijk niet echt kennen. Nee, aan een goede vriend vertrouwen wij alles toe. En zeker als het merendeel van de wereldbewoners ernstig tekortschiet in liefde voor God en medemens moeten wij, wekelijkse kerkgangers, aan wie zoveel genade is gegeven, extra ons best doen om de balans op de weegschaal van goed en kwaad weer naar de goede kant te doen doorslaan.

Een tijdje geleden zag ik een affiche met foto's en teksten. Het begon met de foto van een spelend kind waaronder de tekst stond "Veel te jong om aan God te denken". Daaronder volgde een foto van een jongeman op zijn motorfiets met de tekst: "Veel te zelfverzekerd om aan God te denken".

Tussen haakjes - ik heb gisteren om 16.30 uur de heilige Mis gevierd in De Mediaan in de Stad van de Zon en een 20-jarige jongeman van het restaurant hielp even met de stoelen. Toen hij klaar was keken wij samen naar een oudere dame, die haar booster inparkeerde. Ik zeg tegen hem: Over 60 jaar zit jij daar ook in. Hij keek me met grote ogen aan en verklaarde dat dat niet zo was. Wat een zelfverzekerdheid, en dat terwijl er ook al jonge mensen zijn, die in een booster rijden.

Er volgde een foto van een bruidspaar: "Veel te gelukkig om aan God te denken", stond daaronder. Een man achter zijn bureau: "Veel te druk om aan God te denken". Een werkende moeder: "Veel te moe om aan God te denken". En de laatste foto was die van een grafmonument. En daaronder stond: "Te laat om aan God te denken".

Beste mensen, het is vandaag een ernstig evangelie. Alle dingen waarvoor je werkt, het plezier dat je maakt, prima, maar het gaat allemaal voorbij, soms sneller dan je denkt, en wat dan?

En toch eindigt het evangelie blij. Want van de mensen van goede wil wordt gezegd: "Zij zullen komen uit het oosten en het westen, uit het noorden en het zuiden, en zij zullen aanzitten in het Koninkrijk Gods". En in een andere evangeliepassage zegt Jezus zelfs onomwonden dat de poorten van de hel, die van de hemel niet zullen overweldigen.

Broeders en zusters, onze liefde voor God en medemens is het enige wat telt aan de andere kant van de dood. Vragen wij, dat wij steeds meer overtuigd mogen raken van de werkelijkheid van het leven na de dood. Dat wij met grote ernst God dienen en onze medemensen helpen. Durf het aan om jezelf - liefst altijd - op de laatste plaats te zetten. Als je het een tijdje volhoudt, zul je merken, dat jíj bij God op de eerste plaats staat. Dan zal strakjes je geluk bij God groter zijn èn ... hoeveel meer vrede zou er niet nú al in de wereld zijn als alle mensen eens wat minder aan hun eigenbelangen zouden denken. Geven wij thuis, op het werk, op school, tijdens een visite, altijd het goede voorbeeld. Met Jezus, die wij in de heilige Communie opnieuw mogen ontvangen, kunnen wij deze opdracht volbrengen.

SLOTWOORD

Broeders en zusters, enige tijd geleden zat ik in een klooster aan tafel met een Pools meisje, 18 jaar, diep gelovig, en heel intelligent. Zij zou filosofie gaan studeren in Duitsland.

Toen wij afscheid namen zei zij in het Duits tegen mij: "Tot ziens en anders zien wij elkaar wel weer in de hemel".

Toen dacht ik: Wat moeten wij, mensen, in Nederland, nog veel goede zaken terugvinden.

Laten wij de komende week eens extra aan God vragen, dat wij en alle mensen een rotsvast geloof mogen krijgen in het eeuwige leven. Wie de gebeurtenissen van het dagelijkse leven bekijkt door de bril van de eeuwigheid, ziet alles in een beter en mooier licht. Het zou de vrede in ons eigen leven èn de vrede in de wereld reuze ten goede komen.