1e zondag van de advent (2009)

Vandaag is het de eerste zondag van de Advent. Een Latijns woord dat je kunt vertalen met komst, aankomst. Ik zou het willen verstaan als toekomst.
Voor mij persoonlijk is het een bijzondere tijd omdat ik als klein kind in deze periode voor het eerste geraakt ben door muziek: de melodie van de hymne van de vespers van de Adventtijd, uit de 12de eeuw, die me nog altijd diep ontroert als ik ze zing of speel. Nu ik dit neerschrijf, komt het woord "geraakt worden" bij me op, als de beste typering voor deze tijd van het jaar. En dan heb ik aan de oude, sobere melodie genoeg.
En als ik naar buiten kijk zie ik een boom in deze herfsttijd, teruggebracht tot zijn wezen: hout en takken, hij heeft er genoeg aan daar kaal te staan, waardig en heel diep geworteld, in staat de stormen te trotseren, helemaal in zichzelf gekeerd, na de uitbundige zomer.
Dat gun ik u allemaal: het gevoel dat u heel diep geworteld bent zoals de bomen om u heen. Ook al zal dat gevoel dikwijls overbluft worden door het licht en de drukte en opwinding van de komende maand. Laat u af en toe meenemen door zo'n boom. Hij blijft staan en be-staan, wat er ook om hem heen gebeurt. Hij ver-beeldt de laatste woorden uit het evangelie van deze zondag: "Dat gij stand moogt houden voor het aangezicht van de Mensenzoon."
De laatste zin van de eerste lezing, uit de profeet Jeremia, luidt: "In die dagen wordt Juda gered en is Jeruzalem veilig. En de stad zal heten: Heer onze gerechtigheid." Er is geen stad die hartgrondiger vervloekt wordt en grotere bron is van onrecht dan Jerusalem. U ziet wat er van mooie voorspellingen terecht kan komen.
De evangelielezing roept ons op: "Zorgt ervoor dat uw geest niet afgestompt raakt door dronkenschap en de zorgen van het leven... Weest daarom waakzaam."
Waakzaam, zo'n dierbaar woord: de herder die waakt over zijn kudde, een moeder die waakt over haar kinderen, een verpleegkundige wakend over de zieke, een moederdier dat waakt over haar jongen.
Een ander dierbaar woord dat dikwijls valt in de Adventtijd: is "Redder", die eindelijk na zoveel eeuwen zal komen. Op zo'n redder wordt al duizenden jaren gewacht. In het Midden-Oosten hebben oudheidkundigen de resten gevonden van zuilen met het woord "Sootèr", redder, er ingegrift, maar de kop die er op stond was er van af geslagen: want die redder was nooit gekomen.
Ik verzeker u dat zo iemand nooit, nooit zal komen. Niemand anders dan wijzelf zijn die redder. Daarheen wijzen ons de woorden die Matteüs Jezus in de mond legt: "Wat gij wilt dat anderen voor u doen, doet gij dat ook voor hen." Bovendien staat er deze absolute toevoeging bij: "Dat is wet en profeten." Niet een redder, een ander, alleen wij samen, Nederlanders en Nieuwe Nederlanders, kunnen een betere wereld brengen als wij waakzaam zijn, elkaar zien staan, en elkaar proberen te verstaan.
De ene keer aardbol zijn die zich laat vasthouden, de andere keer de twee handen die vasthouden, verwarmen en verder brengen.
Mooie woorden?
Van harte wens ik u toe dat u er een mooie tijd van maakt, samen.

P.S. bij het begin van het nieuwe kerkelijke jaar het volgende: Misschien krijgt u al zoveel e-mail berichten dat u ze niet allemaal aandacht kunt geven, of misschien doen mijn wekelijkse berichten niet terzake. In die gevallen stel ik voor dat u bovenstaande tekst retourneert door eenvoudig op het knopje "beantwoorden" te drukken.