Vol verwachting (2012)

“Vol verwachting klopt ons hart..”
Er zijn nog steeds kinderen die dat liedje kennen en, ofschoon het sinterklaasfeest allereerst een kinderfeest is, ook volwassenen zijn benieuwd wat deze of gene dit jaar voor hem of haar bedacht heeft.

Wachten we af?
Nee, dat doen we niet.
Het kan hele middagen kosten om iets te bedenken en in te kopen.
En dan komt de verpakking en in sommige gevallen ook nog een verhaaltje of een gedicht erbij.

Dat is geen afwachten.

In afwachting doe je niets, laat je over je heen komen.

We hebben wel eens de neiging om alleen maar af te wachten.
Met een ziekte onder de leden kun je je machteloos voelen.
Bij het verlies van een baan ook.
Er kan ons van alles overkomen wat ons neerslachtig maakt, passief, ongeduldig, kribbig.
Zo kun je afwachten wat de toekomst brengen zal, maar dat kan ook anders.

Onze verwachtingen gaan veelal heel wat verder dan sinterklaascadeautjes.
Er is een conflict en we zien uit naar de opening tot een gesprek, je zit in de schuldsanering en ziet ernaar uit om daar uit te komen, je baan staat op de tocht en ziet uit naar een nieuwe, misschien nog betere baan.

Heel wat verlangens hebben we al jarenlang gemeenschappelijk: het einde van de economische recessie, het einde van de conflicten in Afrika, in Libië, Syrië, Israël enzovoorts.

We kunnen gaan zitten afwachten of op zoek gaan naar perspectief, we kunnen onze hoop vestigen op betere tijden omdat er altijd weer kleine tekenen zijn naar verandering die beter is dan het heden.

Dat veronderstelt betrokkenheid, alertheid, creativiteit.

Gemopper maakt plaats voor actie.

Zowel de profeet in de eerste lezing alsook Jezus Christus in het evangelie wijst naar verlossing die nabij is.
Op de laatste zondagen van het kerkelijk jaar werd ons een hele hoop mogelijke ellende voorgehouden.

Maar nu, ineens, aan het begin van het nieuwe kerkelijk jaar is er bemoediging.
Als alles lijkt in te storten: “Blijf rechtop en raak niet versuft door de zorg van alledag, want zorg dat je paraat bent voor het moment dat er een keer komt in de ellende en de tegenslag.

We zijn vandaag de adventstijd binnen gegaan.
Een eerste kaarsje op de adventskrans is ontstoken, teken van hoop en vertrouwen, maar drie nog niet ontstoken kaarsjes winnen het nog.
Zij staan voor zoveel wat nog overwonnen moet worden.
We worden er dagelijks van op de hoogte gehouden: misdragingen en rampen hebben de overhand in de berichtgeving, maar toch, ook daartussen staat af en toe een ander berichtje, van een moeder die haar kind net op tijd voor een auto weggrist, van een bandje dat voor eigen en andermans plezier muziek maakt, van een 50-jarig huwelijksjubileum samen met gelukkige feestvierders.

Het is even zoeken, maar ze zijn er wel, die opstekers.
Sommige mensen presteren het om zelfs zonder opstekers het hoofd recht te houden.

Gelovige mensen hebben nog een extra mogelijkheid om naar de toekomst te kijken, omdat hun bidden een andere manier is om naar de werkelijkheid te kijken, hoopvol, vol vertrouwen.

Ik vond een lied van Michaël Steehouder.
De komst van Jezus van Nazareth wordt aangezegd, Hij die nieuw licht laat schijnen over een donkere wereld:

Die als een herder ons behoedt,
brengt ons naar verten onvermoed,
brengt ons door steppe en woestijn,
die zal ons licht en leven zijn.
Alles wat krom is, maakt hij recht
muren en bergen ooit geslecht,
onrecht in vlammen opgegaan,
niets kan dat hoge woord weerstaan.
Licht van de dag die komen moet:
waarheid, genade, overvloed,
troost aan de mensen, wereldwijd:
licht van de zon gerechtigheid.
Dat wij geloven dat bericht.
Dat wij ons keren naar dat licht,
wachtend op hem die komen zal
die met zijn geest ons dopen zal.