Witte Donderdag (2009)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 419 niet laden

Toe-val. Het valt je toe. Het valt ons toe.

Het is toch wel weer een speling van het lot, dierbare gasten en parochianen van deze Vredeskerk, het is toch wel weer een toe-val, of moeten we zeggen: een vingerwijzing van hogerhand? - dat precies op deze Witte Donderdag de verstrekking van de voedselpaketten aan bijna honderd individuen of leef-verbanden vanwege de voedselbank, die een paar lang al heeft plaatsgevonden in en vanuit het Vincentiuslokaal oftewel de bloemenkamer hier achter mij; het is toch wel weer een toeval dat dat vandaag op Witte Donderdag voor de eerste keer is gebeurd in en vanuit de entree-ruimte van de kerk zelf, de ruimte onder het oksaal, waar we na de vieringen op zaterdagavond en zondag altijd koffiedrinken en waar we vandaag, na afloop van deze Witte Donderdag-viering, een glas wijn en een snee brood zullen eten en drinken. Uitgerekend op Witte Donderdag! Ik denk: dat is betekenisvol.

We hebben er nogal mee geworsteld, met die beslissing: Moeten we dat nou wel doen? de voedselbank in de kerk zelf? Geeft dat wel pas? Op zondag 15 maart hebben we er na de viering op zondag met de toen aanwezige mensen over van gedachten gewisseld en ook de meningen er over gepeild. Een ruime meerderheid van de kerkgangers bleek er vóór te zijn. Maar met name de medewerkersters van onze onvolprezen Open Kerk, de mensen die het mogelijk maken dat door de week in de middaguren de kerk steeds open is voor bezoek, stilte, gebed en een luisterend oor; met name de mensen van de Open Kerk hebben zich overvallen gevoeld en ook verdróngen gevoeld en zelfs respectloos behandeld gevoeld vanwege de beslissing van het parochiebestuur om inderdaad "ja" te zeggen tegen het verzoek van de voedselbank én om toe te staan dat één en ander inderdaad op korte termijn z'n beslag zou krijgen. Mensen hebben zich erover opgewonden. Mensen hebben zich er boos over gemaakt. Iemand schreef: "Verdrietig is het dat één en ander zich juist nu afspeelt in de voorbereidingsweken op het hoogfeest van Pasen. We zouden ons met andere dingen bezig moeten houden."

Is dat inderdaad zo mensen? Zouden we ons inderdaad "met andere dingen" bezig moeten houden? Werpen de verhitte discussies over de voedselbank en soms zelfs harde woorden die gevallen zijn een smet op onze voorbereiding op Pasen? Ik weet het niet.

Als er één ding duidelijk wordt uit de schriftlezingen die we op deze Witte Donderdag horen en uit wat we er zien gebeuren en meemaken, met name in de voetwassing zodadelijk én uit de viering van de heilige eucharistie waarvan we de instelling vieren; als daaruit íets duidelijk wordt, dan is het wel: Eten en drinken horen bij het hart van onze gelovige traditie. In Exodus: het slachten, door de joden, in de avondschemering, van het paaslam en het eten daarvan, reisklaar, met de lendenen omgord, de sandalen aan de voeten en met de staf in de hand. Dan Paulus die, in zijn eerste brief aan de christenen van Korinthe, verhaalt van de overlevering die hij van de Heer zelf, zo zegt hij, ontvangen heeft: "Telkens als U dus dit brood eet en uit de beker drinkt, verkondigt U de dood van de Heer totdat Hij komt." Ons vieren van de eucharistie is een geloofsgetuigenis. Wij geloven dat er in de de dood van Jezus een boodschap zit. En wij geloven dat Jezus terugkomt. En dan het evangelie over de voetwassing. "Het gebeurde tijdens een maaltijd" - zo horen wij. En dat is, veelgeliefden, dat is geen toeval dat "het" tijdens een maaltijd gebeurt. Door en met het verhaal van de voetwassing legt de evangelist Johannes ons uit wat die maaltijd, de maaltijd van Jezus en zijn leerlingen en wat ook de viering van de heilige eucharistie betekent. Heel eenvoudig is het: elkaar, mensen, dienen, elkaar, mensen, goed-doen.

Welnu, veelgeliefden, dat is natuurlijk precies wat de mensen die de Open Kerk én wat de mensen die de voedselbank bemannen en bevrouwen, dat is natuurlijk precies wat al die mensen daarmee beogen en willen: Zij willen daarmee mensen dienen en goed-doen. Mensen ruimte geven, heel letterlijk. Mensen warmte geven. Naast mensen staan. Hen laten voelen: Je staat er niet alleen voor. Ik probeer náást je te staan. Wíj proberen naast je te staan. En God staat zéker achter en naast je. Ik geloof: Dat is de ervaring waartoe de Schrift, waartoe God, waartoe Jezus ons wil stuwen en brengen. Dus dáárom zou het ons als kérkgemeenschap dus ook altijd moeten gaan. Ik denk: dat wij in deze voorbereidingstijd voor Pasen ons met elkaar zo druk hebben gemaakt over de plek die de voedselbank hier mag hebben, dat is niet verdrietig, maar dat is reden tot vreugde. Want mensen dienen en goed-doen is het hart van de zaak, van de zaak van God, van de zaak van Jezus, van onze zaak dus. Amen.