4e zondag in de veertigdagentijd B - 2009

Zusters en broeders,

Heb je vorige week ook dat bericht gehoord, gezien en gelezen: Crisis vreet aan superrijken. Met daarbij de uitleg dat er vandaag maar 793 dollarmiljardairs meer overblijven van de 1125 die er vorig jaar nog waren. Meer dan driehonderd miljardairs werden uit de lijst gekegeld, en met zijn allen verloren ze 1,4 biljoen dollar, of zo'n 23 % van hun vermogen. Ocharme de miljardairs, wie weet kunnen ze hun arme bloeikes van kinderen nog wel te eten geven. Ocharme, ocharme.

Ocharme, inderdaad, want die enkele honderden dollarmiljardairs bezitten meer dan de armste helft van de wereldbevolking samen, en ieder voor zich bezitten ze op hun eentje ook meer dan het hele vermogen van een gemiddeld Afrikaans land. En dat terwijl eenderde van de wereldbevolking in armoede, ziekte, honger en ellende leeft. Het is tegen die achtergrond dat Broederlijk Delen onze steun vraagt, waarbij je je natuurlijk de vraag stelt: zal die steun het verschil maken? Is hij meer dan een druppel water op een gloeiend hete plaat of in het zand van de woestijn?

Zusters en broeders, ik wil daar een tegenvraag bij stellen: wat betekent één mens in een land van 3,3 miljoen vierkante kilometer groot, en 1 miljard 150 miljoen inwoners? Geef toe, die ene mens is een druppel op een hete plaat of in het zand van de woestijn. Die ene mens, je ziet hem niet eens lopen. En toch ...

Toch kan die ene mens het verschil maken. Dat bewijst Jeanne Devos, de Vlaamse zuster die al veertig jaar voor miljoenen Indiërs een teken van hoop is, en voor miljoenen andere een doorn in het oog, omdat ze het opneemt voor de armen. Dat deed Moeder Theresa ook, maar die bleef bij het verzorgen van armen, zieken en stervenden. Jeanne Devos niet. Zij pakt de oorzaken van de ellende aan. Zestig procent van de Indiërs leeft in uiterste armoede, en wordt koudweg uitgebuit door de rijken. Dat komt onder meer door het kastensysteem, dat voorhoudt dat je binnen de kaste moet blijven waarin je geboren bent. Ben je arm geboren, dan moet je arm blijven en heb je geen rechten. Dat heeft dan weer tot gevolg dat miljoenen kinderen, vooral meisjes, uit de dorpen worden weggehaald om dienstbode te worden bij de rijken in de steden. Meisjes vanaf vijf jaar, die verkocht worden, geen enkel recht hebben, slavenarbeid moeten verrichten, en fysiek en dikwijls ook seksueel misbruikt worden. Slavinnen zijn het, en alle Indiërs vonden dat heel gewoon, want het was altijd zo geweest, en het ging toch maar om kastelozen, en kastelozen zijn mensen die bij manier van spreken niet eens bestaan, dus mag je met hen doen wat je wilt. Tot zuster Jeanne Devos zei: ‘Dat kán niet!', en ze zette zich in voor die kinderen. Ze richtte het National Domestic Workers Movement op, dat er een punt van maakt die slavernij aan te klagen en te bestrijden, en die kinderen rechten te geven. Ondertussen is de organisatie een begrip geworden in India en hebben honderden miljoenen Indiërs ingezien dat zuster Devos gelijk heeft, dat het inderdaad niet kán. Maar de tegenkanting is groot. Toch geeft ze niet op, blijft ze strijden voor de rechten van de kinderen, van de armen, van de kastelozen, en van allen die het slachtoffer zijn van dat mensonwaardige kastensysteem.

Zusters en broeders, Broederlijk Delen gaat dit jaar onder de slogan: ‘Tilak heeft ook talent', en Tilak staat voor al de armen en al de uitgebuiten en al de slachtoffers van de Indische maatschappij. Het is voor die miljoenen mensen dat Broederlijk Delen dit jaar onze steun vraagt. De steun waarvan we misschien dachten dat hij een druppel water was op een hete plaat of in het zand van de woestijn. Maar zuster Devos toont al jaren aan dat die ene druppel echt wel het verschil kan maken. Jaren geleden was zij die druppel, maar ondertussen is die druppel een zee geworden die het hele Indische continent doordrenkt. Want Indië is niet meer wat het was vóór zuster Devos. Zoals Molokai nooit meer was wat het was vóór pater Damiaan er neerstreek. Met hem is zuster Devos te vergelijken. Ook hij deed meer dan alleen maar helpen en verzorgen: hij pakte de oorzaken aan, schopte de wereld een geweten, eiste wetenschappelijk onderzoek naar geneesmiddelen enz. En na hem waren de melaatsen nooit meer alleen. Zoals de arme, verschopte, uitgebuite Indiërs nooit meer alleen zijn. Honderden miljoenen van hen hebben nu hoop, kennen hun rechten, weten dat ze mens zijn, ook al zijn ze kasteloos. En miljoenen anderen hebben ingezien dat ze mensonwaardig bezig waren, en steunen nu het werk van de zuster dat ze vroeger bestreden. Als nu de politiek nog wil volgen ... Die aarzelt nog, want iets veranderen wat nooit anders is geweest, is niet zo vanzelf sprekend.

Zusters en broeders, laten we er straks bij de collecte aan denken dat wij die ene druppel mogen zijn die bijdraagt tot de zee van hoop voor miljoenen armen, uitgebuiten, kanslozen. Precies de mensen voor wie Jezus het altijd opnieuw opnam, ook tegen de zin van de gevestigde machten en de politiek in. Maar zijn inzet was tomeloos. Laten we ons aan hem spiegelen. Amen.