Kleine stappen naar het licht (2006)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 205 niet laden
de paaskaars staat brandend voorin. Enkele kaarsen liggen op het altaar.
enkele kinderen naar voren vragen
ik geef een kind een aantal muntstukken en vraag ze te tellen
ik vraag het kind de munten uit te delen.
Hoeveel munten waren het?

ze krijgen een kaars.
Eén kind vraag ik de kaars aan te steken.
Dan vraag ik dat kind het vlammetje te verdelen.
Hoeveel vlammetjes zijn er nu?

Licht is een symbool van de liefde van God.
Als je die doorgeeft wordt het meer.
Dat probeerde Jezus duidelijk te maken aan Nicodemus.
Licht is ook het symbool van ons geloof. Ons geloof moet zo vurig zijn dat zij aanstekelijk werkt.

Ik blaas mijn kaars uit.
Wat gebeurt er nu? Hoe komt dat? De wind, de adem… ik zie niks….
Door tegenwerking, haat, ruzie, door de slechte geest in de mensen kunnen we ons geloof of de liefde verliezen.
En dan?
Elkaar helpen te geloven. Daarvoor zijn we samen de kerk.

Jezus gebruikt het beeld van de wind juist voor de Goede Geest, de Heilige Geest, de Geest van God.
Hij zei: “Je ziet Hem niet maar je voelt Hem. Hij komt in je”.

Vuur kun je doorgeven. Maar als niemand vuur heeft, wat dan?
Wie heeft het vuur van Gods liefde op aarde ontstoken? Wie is er mee begonnen?
Daarom brandt hier de paaskaars. Die symboliseert Christus.
Zijn vlammetje werd gedoofd door slechte mensen. Maar God heeft dat vuur weer aangestoken: in de paasnacht is Jezus namelijk weer uit de dood opgestaan. Daarom zullen we in de paasnacht weer een nieuwe kaars gaan aansteken. Als jullie op eerste paasdag weer naar de kerk komen, dan zul je de nieuwe paaskaars van 2006 zien.

En die centen: ja, ’t zijn er maar een paar. Maar weet je, er zijn heel veel mensen op de wereld die van die paar centen een hele dag moeten leven. Ik hoorde deze week nog het verhaal van mensen in arme landen die maar één zak rijst in de maand kunnen kopen. Maar als ze dan rijst koken, dan koken ze niet een klein beetje voor het hele gezin, want vaak komen er ook buren mee-eten die op dat moment helemaal niets hebben. En opa en oma komen mee-eten, want die hebben geen AOW of pensioen. En als een zwerver ziet dat er eten is, dan komt die er ook gewoon bij zitten. En dan gaat het wel hard met die rijst. Maar toch delen die mensen terwijl ze zo arm zijn, want ze weten dat ze later wel weer door anderen geholpen worden. Daarom stel ik voor dat jullie dat geld meenemen en in een vastenspaarpotje doen. Dan hebben jullie alvast wat. En dan hoop ik dat jullie van je zelf ook wat gaan delen. Zo kunnen wij het licht van Jezus verder verspreiden.