Enkel een deel van zijn heerlijkheid

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden
Wij zijn christenen, en wij geloven dat God bestaat en dat Hij de mensen nabij is. Als wij eerlijk zijn, moeten we erbij voegen dat geloven ons wel ooit moeilijk valt. Wij lopen verloren in de drukte van de dag. Soms leven wij in een onverdraaglijke eenzaamheid of slaat het lijden zijn vangarmen om ons heen. In die momenten komt het ons vaak voor dat God veraf is en dat Hij ons gebed niet eens hoort. De hemel lijkt ons dan gesloten en de aarde zonder teken van hoop.

Misschien is het een troost te weten dat Jezus ook deze eenzaamheid en verlatenheid gekend heeft. In doodsangst heeft Hij zich overgegeven aan de wil van zijn Vader, maar op het kruis doet die eenzaamheid Hem roepen tot God, die Hem schijnbaar verlaten heeft. Niettegenstaande zijn zondeloosheid en zijn volle vertrouwen was zijn nood aan het kruis en zijn eenzaamheid zo groot dat Hij geen enkel lichtpunt meer ontdekte.

Kan het ons troosten dat ook de Kerk in de loop van de geschiedenis hetzelfde lijden moest doormaken? Als bruid van Christus draagt zij nog altijd de pelgrimsmantel. Van buitenuit wordt zij vernederd en bestreden, binnen haar muren leeft onzekerheid en helaas ook verraad. Vaak kent ze mislukking, zodat wij ons beklemd kunnen afvragen: Waar is God dan, waar blijft Hij? Wie brengt ons heil?

Het Taborgebeuren kan ons hierop een geloofsantwoord geven. Voor de moderne mens komt dit verhaal misschien nogal legendarisch over. De wolk, de stem, het licht, al die dingen drukken weliswaar een ervaring uit die onuitsprekelijk is, maar ze maken de zin van dit gebeuren klaar en duidelijk.

Op weg naar Jeruzalem, op weg naar het kruis wordt een stuk van Jezus' heerlijkheid zichtbaar. De donkere sluier die over het leven en sterven van Jezus ligt, wordt een ogenblik opgelicht. Aan de drie kroongetuigen van Jezus' leven en lijden wordt heel even dui¬delijk gemaakt dat deze Jezus van Nazaret de Zoon van God is. Maar daar boven op die berg, waar de heerlijkheid tot hen doordringt, kan Petrus de tent nog niet voorgoed opslaan. Hij wist niet wat hij zei, toen hij vroeg om daar definitief te blijven. Eerst moeten ze de berg afdalen en bij Jezus alleen zijn op weg naar Jeruzalem. Die heerlijkheid zal in het verrijzenisgebeuren veel sterker oplichten. Nu is het voldoende dat ze gesterkt zijn voor al wat er gaat gebeuren. Petrus vertelt later dat deze ervaring hem had doen inzien dat hij, door te luisteren naar Jezus' woord en door zich volledig aan Jezus toe te vertrouwen, tot het doel van zijn leven was gekomen. Want de verheerlijkte Heer is het doel van ons leven. Het werd duidelijk dat de weg van Jezus door lijden en dood heen zou gaan en dat zijn vijanden schijnbaar zouden zegevieren. Maar dat betekende nog niet het einde, want God kan niet blijven zwijgen. Als zij dan na de verrijzenis de heerlijkheid van de Heer opnieuw mogen ervaren, weten zij dat de weg naar het volle licht alleen langs verlatenheid, lijden en onmacht kan gaan. Die ervaring werd een lamp voor hun voeten, die ook schijnt als het donker is... En dan gaan zij de weg naar de mensen met de boodschap van Jezus. Zij zullen vervolging, verlatenheid en ook de dood trotseren. Maar die herinnering aan zijn heerlijkheid, die ze diep in zich meedragen, houdt het heimwee naar de volle openbaring van zijn licht wakker.

Als wij af en toe een stukje heerlijkheid mogen zien, is het niet meer zo moeilijk om trouw te blijven aan ons geloof.

Na de consecratie bidden wij: 'Heer Jezus, wij verkondigen uw dood en wij belijden tot Gij wederkeert, dat Gij verrezen zijt.' Wij verkondigen zijn dood in ons dagelijks lijden, maar wij leven ook al van zijn verrijzenis, in gespannen afwachting van zijn wederkomst in heerlijkheid. Dat is de dynamiek van onze hoop. Kunnen wij van tijd tot tijd de heerlijkheid van de verrezen Heer ervaren?

Zou het niet kunnen zijn in momenten van gebed? Als vrede, vreugde en zekerheid ons vervult?

Het licht van de verrezen Heer kan zo weldoende zijn als we sacramenten vieren: Eucharistie, boeteviering, als wij luisteren naar zijn woord..: Ja zelfs in ons dagelijks werk kan Hij zo plotseling naast ons staan, zomaar tussen potten en pannen... Even maar, in het voorbijgaan, maar zijn sporen blijven achter...

Het is goed dat wij die ogenblikken van geluk in ons hart bewaren zodat ze ons moed kunnen geven in sombere dagen wanneer het kruis wat zwaar weegt.