Doorzichtig worden (2006)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 198 niet laden

WONDERLIJK VERHAAL


Is dit verhaal uit het evangelie wel of niet gebeurd? Die vraag blijft bij dit soort wonderlijke verhalen terugkeren. Alle bijbeluitleg ten spijt, is het voor heel wat mensen nog steeds een schrik en een teleurstelling, te horen dat zulke verhalen geen historische verhalen zijn. Wat ervan zij, de vraag naar het echt-gebeurd-zijn leidt de aandacht alleen maar af.
Wat wij zeker wél weten is dat het gebeurd is: iemand heeft een verhaal geschreven dat van groot belang blijkt te zijn. Onze vraag is wel: waarom en waarom zó.
Dit verhaal is nieuw, maar de evangelist maakt veel gebruik van oude elementen: de berg, de lichteffecten, de stem uit de hemel, Mozes en Elia. Wie in die tijd dit verhaal hoorde, dacht zeker meteen aan verhalen uit het Eerste of Oude Testament; en dat is ook de bedoeling: de evangelist wil met dit verhaal aansluiten bij oude verhalen.

BERG

Dat doet hij al door het te laten spelen boven op de berg. De berg is de plaats waar mensen God kunnen ontmoeten en van God een zending krijgen. Dat de evangelist daarbij de namen noemt van Mozes en Elia, is helemaal niet toevallig. Want beiden hebben op de berg God ontmoet, en dit gaf een beslissende wending aan hun leven en aan heel de geschiedenis. Mozes krijgt volgens de overlevering op de berg de zogenoemde tien geboden. En Elia wordt op de berg geroepen tot profeet. Daarmee is al iets van de bedoeling van dit verhaal duidelijk: het gaat om een belangrijke zending, een beslissend ogenblik, niet alleen in Jezus' leven. maar in dat van heel de mensheid.

LIJDENSVOORSPELLING

Maar er is méér: Mozes en Elia staan daar als vertegenwoordigers van heel het Eerste of Oude Testament, van Wet en Profeten. Dat wonderlijke tafereel boven op de berg met doden die spreken en levenden die licht uitstralen wil ons zeggen: Jezus staat helemaal in de traditie van het Eerste of Oude Testament. en Hij is minstens even belangrijk en evenzeer door God gezonden als Mozes en Elia.
Vergeten we echter niet: de gebeurtenis op de berg staat in een tweeluik met een ander moment in Jezus' leven: de berg van de gedaanteverandering en de berg van Calvarie vormen een moment.
Het evangelie van vandaag is eigenlijk vervroegd verrijzenis verhaal, gekoppeld aan de eerste lijdensvoorspelling. De evangelist wil hiermee onderstrepen en, verkondigen dat wij geen afstand, mogen scheppen tussen  kruis en opstanding want beide zijn één gebeuren. Het kruis laat zien hoe diep iemand wordt vernederd, monddood gemaakt. De opstanding laat zien wat voor iemand die mens is die het uithoudt, die onder ogen durft te zien wat gebeurt. Het kruis toont a.h.w. de feiten, de opstanding laat zien wat die feiten ten diepste betekenen.
Dat je de betekenis doorziet van wat gebeurt, dat je in een flits een totaalvisie krijgt, dat is het moment van de gedaanteverandering.

DURF VERDER TE GAAN MET VERTROUWEN OP GOD.

Daar gaat het om Jezus en en om mensen die doorzichtig worden, volstromen van elkaar en weet hebben van anderen, zich niet vastpinnen op wat uiteindelijk onbelangrijk is, maar alles zien en zichzelf laten zien, niet in hun schulp kruipen, maar naar buiten treden, buiten zichzelf en buiten hun eigen mogelijkheden.
Dat is een ervaring als op een berg. Maar het is slechts voor even. De verleiding is groot om bóven te blijven. Petrus stelt dat in dit verhaal ook voor. Maar je moet toch weer naar beneden, de wereld in, oog hebben voor wat om je heen gebeurt. Aan het verhaal van de gedaanteverandering op de berg zit geen spoor van triomfalisme. Zo'n ervaring betekent pas iets als je ze weer kunt loslaten en weer verder durft te gaan. Dan is zoiets ook beslissend voor ons leven: zoals Mozes en Elia en vooral zoals Jezus van Nazaret niet boven op de berg blijven. maar teruggaan, het dal in, en weten wat ons te doen staat, met beide benen op de grond. Daar gaat het eigenlijk om: met twee benen op de grond staan en verder durven gaan, maar wel met heel goed in ons hoofd wat wij daar hebben gezien. Dan kunnen wij op God vertrouwend door het leven gaan zoals Paulus het in de eerste lezing uitjubelt. Want God is vóór ons.