Het geheim van de vreugde

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden
Sommige mensen schrijven een dubbel testament. Dat is zeer mooi. Het dubbele testament zegt iets over de bestemming van de materiële goederen en het voegt daar iets aan toe om in de gezindheid van de overledene verder te leven. Het is eventjes denigrerend dat laatste een ‘geestelijk' testament te noemen... alsof dit enkel in het voorbijgaan belangrijk is. Er is veel voor te zeggen om de rollen om te keren: het materiële is slechts voorbijgaand belangrijk. Het is bovendien vaak aanleiding tot ruzie, tot familiale oorlogen. Het is soms een fanatiek gevecht zonder enige geest. Vandaar een pleidooi voor een geestelijk testament.

In het vierde evangelie staan heel lange testamentwoorden van Jezus. Hij wil met veel nadruk zeggen wat zijn leerlingen liefst nooit zouden vergeten. Hij zegt ons iets over het geheim van de vreugde. Op zich is dat een heerlijk woord: het geheim van de vreugde. Het is meer dan een cursus over positief denken. Het is ook meer dan een gebruiksaanwijzing voor het geluk. Wat in het vierde evangelie staat, heeft eventjes een ander niveau. Het betreft woorden die een mens pas uitspreekt in het zicht van de dood. Dan pas begrijpt hij waar het leven om draait. Vanzelfsprekend leven mensen niet altijd op deze gewichtige hoogte. Dat zou onze dagelijkse omgang met het leven onnodig bezwaren. Maar af en toe wordt een mens tot stilte gedwongen en tot ernst.

Dat gebeurt vandaag in de lezing van Sint-Jan. Jezus bidt. Een curieus gebed eigenlijk. Meestal bidden de levenden voor een stervende. Hier bidt een stervende voor de levenden. De stervende mens spreekt en verkondigt, Op een boogscheut van de dood wordt Jezus onze grote predikant. Hij zegt iets over wat christenen nooit mogen vergeten. Hij zegt niets over geluk en plezier. Vreugde is van een andere orde.

Vreugde is van de orde van de vervulling en de diepe vrede. Dat is het eigenlijke punt. Mensen staan altijd in de wereld, in hun tijd, in hun cultuur. Welnu, het staan in de wereld, in de tijd en in de cultuur is niet altijd een reden tot grote en wilde vreugde. Integendeel. Dat zeggen mensen al eeuwenlang. Mensen zingen almaar klaagliederen over slechte tijden. Wij zijn producers van pessimisme en defaitisme. Als wij de media mogen geloven (de makers van ons geluk!), dan is er overwegend negativiteit. De mensen die de publieke opinie kneden en maken, hebben overschot van gelijk. Hoewel ik daar niets van geloof. Ze hebben namelijk helemaal geen gelijk.

Ze hebben geen gelijk omdat ze de vraag van onze ziel en van ons gemoed niet raken. Christenen zien alles aan, maar ze vergapen zich niet aan het aanschijn der dingen. Ze hebben een innerlijke blik. Ze staan wel in de wereld, maar ze zijn daarom niet mondain. Ze zijn met zaken zakelijk bezig, maar ze worden er niet door beroesd. Hun passie, hun laatste en diepste bewogenheid is hun onontvreemdbare contemplatieve kern. Dáár, op die stille plek, op de bodem van hun ziel, kunnen mensen zich onvoorwaardelijk vreugdevol weten. Omdat dáár God in hun buurt is. Dáár wil Jezus de mensen op aanspreken. Dat is geen wereldvlucht en geen oproep om te capituleren voor de vragen die er zijn.

Het is de enige plek waar wij onze ziel niet bedriegen.