Wat is er gebeurd?

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden
Het is algemeen bekend dat de verzen 9 tot 26 pas veel later aan het 16de hoofdstuk toegevoegd zijn. Oorspronkelijk eindigde het Marcusevangelie met de woorden: ‘Ze vluchtten naar buiten, van het graf weg, bevend van angst en buiten zichzelf. Ze zeiden niemand iets, want ze waren bang' (Mc 16,8). Een wel heel onwaarschijnlijk slot voor een boek dat helemaal goede boodschap wil zijn. Begrijpelijk ook dat men er later nog enkele verzen aan toegevoegd heeft. Nieuws staat daar niet in. Ze zijn samengesteld uit woorden die we elders in de evangeliën kunnen lezen. Toch wil ik even stilstaan bij dat vreemde slot. Het laat zien dat het geloof in de verrezen Heer niet zomaar voortvloeit uit de vaststelling dat zijn graf leeg is. Dat laatste betekent eigenlijk alleen maar dat Jezus daar niet is. De engel meldt: ‘U zoekt Jezus van Nazaret, die gekruisigd is. Hij is tot leven gewekt, Hij is niet hier.' Ook dat heeft, merkwaardig genoeg, geen effect.

Vermoedelijk heeft het een tijdje geduurd voor de leerlingen tot het volle geloof in de verrezen Heer kwamen. Het valt niet mee om het ontstaan van het paasgeloof te reconstrueren. Wat kunnen we daarover zeggen? Kort na Jezus' begrafenis moet er iets gebeurd zijn. Het is een feit dat zijn leerlingen, die bij de catastrofe van Golgota op de vlucht geslagen waren, zich opnieuw verzameld hebben. Ze zijn gemeente en Kerk gaan vormen en zelfs tot over de landsgrenzen gaan missioneren. Na Jezus' dood moet iets gebeurd zijn, een soort nieuw begin dat krachtig genoeg was om de onvoorstelbaar vlugge verspreiding en de enorme weerklank van de christelijke boodschap mogelijk te maken. Er moet iets gebeurd zijn wat het mogelijk maakte om met de finale mislukking van Jezus zelf met het kruis in het reine te komen. Over dat iets zijn alle geschriften van het Nieuwe Testament eensluidend: Jezus de Gekruisigde is verrezen en leeft! Tot die gebeurtenissen behoort ook de Hemelvaart van Jezus Christus. ‘Hij werd in de hemel opgenomen en nam plaats aan de rechterhand van God.' Ook dat zegt iets over de Gekruisigde, die nu leeft. Laten we niet vergeten dat kruisiging een religieuze betekenis had. Men heeft Jezus gekruisigd omdat Hij God gelasterd had en valse profetieën verspreidde. Met zijn kruisiging werd zijn verwerping door God bezegeld! Tot de verbijsterende ervaringen van Pasen behoorde het besef: neen, Hij is niet afgewezen door God, maar juist door God ten volle aanvaard! God ging helemaal aan de kant van de Gekruisigde staan. Hij nam Hem op in zijn volle gemeenschap en schaarde zich aldus achter heel Jezus' leven en sterven!

Daarin hebben de leerlingen ook de kracht gevonden om met de zending te beginnen. Ze waren zelf nieuwe mensen geworden en ervoeren hoe de kracht van God doorwerkte in hun spreken en handelen: ‘De Heer werkte met hen mee en zette hun woord kracht bij door de begeleidende tekenen.' Het laatste vers van het evangelie is het begin van de geschiedenis van de Kerk.