H.I.V. (2009) Mensen in nood

bij het bezoek van een delegatie uit Rundu, Namibië aan de Nicolaaskerk op 26 april ‘09

De extra collecte is vandaag voor Mensen in Nood, voor hulp aan vluchtelingen in Noord Sri Lanka. Een uitzichtloze situatie. Toch proberen mensen te helpen. Zo'n 6500 families kregen in de afgelopen weken daar voedselhulp via Mensen in Nood uit Nederland. Maar naar aanleiding van het bezoek van de delegatie uit Rundu, Namibië wil ik het over aidsbestrijding hebben. Een ander rampgebied dus. Het H.I.V.-virus richt in tal van landen een slachting aan. Het is veel erger dan we denken. De mensen uit Rundu zijn hier te gast in het kader van hun inzet voor aidspreventie. Ze willen niet machteloos blijven toekijken naar de ramp die zich voltrekt. Wat zou er door hen heen gaan als zij wéér een begrafenisstoet zien, met jonge kinderen achter de baar? Wat houdt hen en anderen innerlijk op de been? Ze hebben maar beperkte middelen en botsen op tegen diep verankerde culturele patronen rond seksualiteit en macht.
Rampzalige situaties nu in Sri Lanka, in Namibië of ook hier in Nederland lijken heel ver af te staan van de gebeurtenissen een kleine 2000 jaar geleden rond de dood en de verrijzenis van Jezus. Toch is het verhaal van toen met de verhalen van nu verweven. Stel je eens voor: je werkt in een rampgebied en je bent christen. Het verhaal van Lucas over verrijzenis draag je mee op de bodem van je ziel. Wat kan er gebeuren? Het kan zijn dat je eerst volkomen van streek bent geweest, net als de leerlingen rond het kruis. Je wilde wegvluchten. Of je ogen sluiten. Maar je bleef, net als de vrouwen, aanwezig, je wilde de situatie onder ogen zien, net de vrouwen die de dode Jezus wilden balsemen. Stel je eens voor dat je je godverlaten gaat voelen, dat er een leegte is, een leegte zoals van een graf van Jezus. Je laat het op je inwerken. Er kan dan iets met je gebeuren. Ook dan kun je met de vrouwen gaan zeggen: ik heb ervaren dat Jezus hier toch verborgen aanwezig is. Dat Hij leeft. Als je er met elkaar over praat lijkt het allemaal geklets, vrome fantasie. "Vrouwengeklets" noemt Lucas het letterlijk in zijn evangelie. Maar als je met elkaar deelt wat er allemaal gebeurt en wat dat met je doet, dan kan er, net als in het Emmausverhaal, als het ware een stem uit den vreemde mee gaan praten. En stem die zegt: "Dit moest allemaal gebeuren". Petrus zegt in de eerste lezing hetzelfde op een iets andere manier. Hij zegt over het kruis: "Zo zijn mensen. Uit onwetendheid, uit blindheid doen zij de meest verschrikkelijke dingen. Zij kunnen zelfs God die mens geworden is doden. Maar de Messias moest sterven. Want zo kon de kracht van Gods liefde zichtbaar worden. Zo kon de verrezen Messias in de harten van mensen werkzaam worden". Mysterievolle woorden. Woorden die ook in onze tijd werkelijkheid kunnen worden.
Want zo is het naar mijn ervaring tot op de dag van vandaag. Een rampgebied geeft uit zichzelf vooral reden tot wanhoop en cynisme, tot walging en machteloosheid, en tot vluchtgedrag. Dat is allemaal heel menselijk. Maar in de ziel kan iets anders gebeuren. Het verhaal over de dood en de opstanding van Jezus kan op de bodem van de ziel van mensen een heel eigen dynamiek ontwikkelen. We kunnen onze eigen afkeer en angst gaan overwinnen. We kunnen innerlijk gaan accepteren dat mensen helemaal mee kunnen worden gezogen door het kwaad. Ook in hun omgang met macht, ook in hun omgang met seksualiteit. We kunnen gaan beseffen dat de donkere kant, het kwaad helemaal bij onze wereld, bij ons leven hoort. En van de weeromstuit kunnen we de mensen en het leven nog meer gaan liefhebben. Oog in oog met het kwaad kun je vertrouwen voelen opkomen, en hoop, waardoor je nieuwe wegen vindt. Dat heet genade.
De delegatie uit Rundu is hier in het kader van hun werk bij de aidspreventie. Ik las in Trouw een artikel over een zwarte jezuïet uit Kenia, de theoloog Orobator. Hij is ook op televisie geweest, bij Kruispunt. Hij vindt dat de kerk anders moet gaan denken over condooms, maar dat er veel meer nodig is dan alleen condooms. De kerk zou veel meer moeten luisteren naar hoe Afrikaanse theologen studie maken van de dieperliggende culturele patronen van dat continent. Pater Orobator zegt over de katholieke kerk: "Geen kerk die aidspatiënten zo intensief bij staat, hen en hun dierbaren omringt met pastorale zorg. Dat moet ook het uitgangspunt zijn: een ongelimiteerde liefde voor aidspatiënten en kiezen voor het leven. Daarom moet je het gebruik van condooms toestaan. Ook om de gemeenschap te beschermen die al zoveel leden heeft verloren. Aids gaat iedereen aan, of je nou patiënt, familie, bekende of hulpverlener bent. En met veertig miljoen besmettingen en drie miljoen doden heeft de epidemie zich zodanig uitgebreid dat je kunt zeggen dat de hele kerk inmiddels aids heeft. Overigens", zegt hij, "hoef je de katholieke traditie niet overboord te gooien. Sterker nog: die wijst ons juist de weg van waardigheid, gerechtigheid, compassie en solidariteit." Ik wens onze gasten uit Rund toe dat ze open blijven staan voor de werking van Gods Geest. Dat ze hun werk volhouden en vreugde scheppen in iedere kleine stap in de goede richting. En dat het verhaal van Jezus' verrijzenis diep in hen zijn verlossende werk blijft doen. En ook in ieder van ons. Amen.