3e zondag na Pasen (2006)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 554 niet laden
De bekende Duitse theologe Dorothée Sölle, nog niet lang geleden overleden, getuigt in een van haar boeken hoe zij werd geraakt door het mysterie van God. Ze was zes jaar getrouwd en had een paar jonge kinderen toen haar man haar plotseling en volkomen onverwacht verliet. Ze viel in een diepe put: geen licht meer, geen hoop, slechts verwarring en duisternis. Ze had altijd veel steun gevonden bij haar geloof en met haar man diep-religieus geleefd. Nu leek alles voorbij. Enorme wanhoop en bijna geen kracht meer om verder te gaan.

Op een gegeven moment loopt ze ergens een kerkje binnen. Iets in haar drijft haar daartoe. En dan ineens, terwijl ze daar zomaar zit in grenzeloos verdriet komt er een grote rust over haar en komt ze tot een diepe overgave aan dat wat onvermijdelijk is: ze wil niet meer koste wat kost haar man terúg. In liefde wil hem zíjn weg laten hoe moeilijk en onbegrijpelijk ook. Er komt een kracht in haar vanuit een andere kant, een kracht van liefde en geloof.

In een interview zegt ze later:

‘Er is in mij een oervertrouwen dat mij zegt, dat het leven een zin heeft. En dat ik, ondanks alles aan die zin deel heb. Een stroom van liefde draagt uiteindelijk de wereld, en die stroom is er ook voor mij, of ik het nu wel of niet zie of voel. Ik zou ondergedompeld willen worden in deze stroom, die uit de traditie tot mij komt; ik wil stemmen uit de traditie horen, die de hoop doorgeven. Ik geloof dat veel hoop voortkomt uit herinnering. We moeten herinneringen kunnen hebben aan iets wat vroeger al aanwezig was vóór ons. Daartoe is ons de traditie gegeven: er ís al eens iemand uit de doden opgestaan!'

 

We hoorden zojuist in de lezing uit Handelingen hoe Petrus bij het volk de gebeurtenissen rond Jezus in herinnering roept. Hij, die Jezus heeft verloochend, heeft samen met de andere leerlingen ervaren dat Jezus voortleeft. Hij is door God opgewekt uit de doden. De mensen en ook hijzelf lieten Jezus in de steek, maar God niet! God laat de mens niet los! Door de mensen daaraan te herinneren wil Petrus ze ervan overtuigen dat de dood niet het einde is. Hij - die Jezus verloochende - heeft mogen ervaren dat er een weg is úit de donkerte en de doem van het leven, ook al is de zondigheid nog zo groot. Hij wordt een grote getuige van de nieuwe weg, een weg van liefde en gerechtigheid, door de dood van de zonde heen.

 

En zodadelijk horen we de evangelielezing: Terwijl de leerlingen van Emmaüs vertellen wat ze hebben meegemaakt, verschijnt Jezus in hun midden. Met zijn woord VREDE, met de wonden van zijn kruisdood en met zijn verzoek om iets te eten is er geen twijfel mogelijk: Hij IS hier, hier bij hun. Hij roept bij hun in herinnering wat er in de Schriften staat: de weg van een mens die kiest voor God en Zijn gerechtigheid voert naar lijden en dood, maar dat is niet het einde. Dóór de dood heen is er leven. Dat is het geheim van God. Met name de verworpen, ontkende, geminachte mens maakt Gods Liefde zichtbaar. Dat is niet te geloven! Maar het is werkelijk wáár: de mens die meelijdt met het lijden van de wereld is bij uitstek beeld van God. Dat kan ons de ogen openen voor hoe onze wereld in elkaar zit en voor onze zonden: ons eigen voordeel zoeken en ons hachje redden ten koste van vele anderen.

Echte verrijzenis is pas mogelijk als wij opstaan uit onze wanhoop en angst, uit ons eigenbelang en egoïsme. Dat is de blijde boodschap van Jezus en daarin is Hij ons voorgegaan. Deze boodschap moet steeds worden herinnerd en doorgegeven en daarom geeft Jezus de leerlingen zijn zending: Jullie zullen hiervan getuigen.

Dat geldt ook voor ons. Ook wij zullen steeds in herinnering moeten brengen wat de kern is van ons geloof: Jezus die door de weg van liefde gerechtigheid de dood heeft overwonnen. Ook wij zullen daar met elkaar over moeten spreken en ervan getuigen - hoe moeilijk ook - zodat het geen verhaal op afstand blijft, maar werkelijkheid wordt hier en nu voor ons.

Kunnen we ons toevertrouwen aan de weg van Jezus, de weg van liefde en gerechtigheid, waar de dood niet het einde is? Ja, we kúnnen omkeren, anders gaan kijken, anders gaan denken, tot overgave komen, zoals Dorothée Sölle in dat kerkje.

‘Een stroom van liefde draagt uiteindelijk de wereld, en die stroom is er ook voor mij, of ik het nu wel of niet zie of voel. Er is al eens iemand uit de doden opgestaan'.

De traditie is ons gegeven als herinnering van hoop op nieuw leven. We mogen beseffen: Ons leven, ieders leven, is van onvoorwaardelijke betekenis in de ogen van God. Ons leven is eeuwig!