3e zondag in de paastijd

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden
Na de verrijzenis dient het tot niets meer de deuren te sluiten. De steen voor het graf wordt weggerold, Jezus staat plotseling in hun midden, de deuren van de gevangenis openen zich voor Petrus. Alleen wie leeft als vóór de verrijzenis speelt nog met sleutels: de Joden en de Romeinen sluiten de apostelen op, de apostelen zelf sluiten zich op, het dienstmeisje dat Petrus na zijn vrijlating in huis moet binnenlaten, laat hem voor een gesloten deur staan.

Meer dan de deuren zijn het de harten die gesloten blijven. 'Toen maakte Hij hun geest toegankelijk'. '0 onverstandigen, die zo traag van hart zijt'. 'Je bent niet goed wijs'. Woorden van Jezus aan de leerlingen van Emmaüs, woorden van de 'velen in gebed verenigd' in 'het huis van de moeder van Marcus', aan 'Roosje, het dienstmeisje', dat Petrus voor de buitenpoort liet staan.

Wat houdt de deuren en de harten zo gesloten? De verrijzenis zelf natuurlijk. Want hoe moeilijk de mens zich neerlegt bij de idee dat met de dood alles zou gedaan zijn, nog ongeloofwaardiger is het dat iemand van de doden opstaat. 'De priesters, de bevelhebber van de tempel en de Sadduceeën sloten Petrus en Johannes op, verontwaardigd dat zij het volk onderricht gaven en in Jezus de opstanding uit de doden verkondigden'. Paulus preekt in Athene op de Areopaag. 'Maar toen zij van de opstanding der doden hoorden, spotten sommigen daarmee, terwijl anderen zeiden: Daarover zullen wij u bij gelegenheid nog wel eens horen'. Voor Grieken en Joden blijft de verrijzenis ongeloofwaardig.

Zondag na zondag worden wij nochtans overtuigd: 'De Heer is waarlijk verrezen'. De Paastijd is een vreemde tijd. Het is de tijd waarin de deuren en de harten opengaan. Eerst gewoonlijk de harten. 'Bekeert u en hebt berouw, opdat uw zonden worden uitgewist', zegt Petrus tot het volk in Jeruzalem. Wie zijn hart opent laat nadien ook zijn deur open. Hij heeft die verre bescherming niet nodig. Hij heeft niets af te grendelen. Hij gaat zelf naar buiten.

Het is hierop dat de nadruk vandaag ligt. Pilatus oordeelde dat Jezus in vrijheid moest gesteld worden. 'Maar gij hebt de Heilige en Gerechte verloochend en als gunst de vrijlating van een moordenaar gevraagd. De vorst des levens hebt gij gedood. God heeft Hem evenwel uit de doden doen opstaan Jezus legt deze dramatische vergissing van de mensen uit. 'Dit zijn mijn woorden, die Ik sprak toen Ik nog bij u was: alles moet vervuld worden wat over Mij staat in de Wet van Mozes, in de profeten en in de psalmen'.

Waarin bestaat deze vervulling en wat is dat moeten? Iemand moest komen die de kring zou doorbreken van schuld en straf en dood, iemand die de steen van voor het graf zou wegrollen. De straf is rechtvaardig maar herstelt de liefde niet. 'De heilige en gerechte' Jezus herstelt ook de liefde. De Schuldeloze stelt zich in de plaats van de schuldigen. Hij neemt uit liefde de schuld op zich en de straf en de dood. De liefde die in Hem nooit gebroken is, kan zo in de anderen hersteld worden. Met zacht geweld breekt Hij de harten open en de grendels op de deuren worden dan vanzelf opengebroken.

Jezus is gestorven door de schuld van het kwaad. Maar Hij leeft. Hij heeft als schuldeloze de dood overwonnen, die dacht ook Hem vernietigd te hebben. Maar Hij is het die de dood vernietigd heeft. 'Dood, waar is nu uw angel'? Door list, door een liefdelist is de dood overwonnen. Het verraad en de schijnheiligheid zijn in de valstrik getrapt en hebben in hun vermeende overwinning Jezus de kans in de hand gespeeld om alles te herstellen. 'Moest dit alles niet gebeuren'?

Telkens wanneer dit in Jezus opnieuw gebeurt, gaan de harten en de deuren open. 'Daarvan zijn wij getuigen'.