Paaswake B

De mooiste kerkelijke viering van het jaar
is de nachtmis... zeggen velen. De kerken puilen uit.
Stoelen bij. Dat is fijn: iedereen is welkom
wij zijn daar als tot gastvrijheid geroepenen heel blij mee, uiteraard.

Maar - zegt bisschop Augustinus -
'de paaswake is de moeder van alle vieringen'
zeg maar de mooiste en belangrijkste viering van het jaar.
Het nieuwe millennium zijn wij enkele jaren terug ingegaan
en nu na de eerste lente-vollemaan van 2006
komen wij weer samen... in de nacht.

Erg overtuigend is de lente nog niet
maar gisteren voelde ik al een lekker zonnetje
en toen wist ik het: het komt goed;
de kou zal het niet lang meer houden,
het einde van de macht van koning winter is in zicht.

Maar nog lijkt het nacht.
Het kwade lijkt oppermachtig
en de wanhoop houdt mensen soms in hun greep.

Is daar nu niets tegen te doen?
Ja, samenkomen in protest tegen de wanhoop deze nacht.

Achter in de kerk waren we net bezig met vuursteentjes
een klein vuurtje ontbrandde
waaraan een grote kaars werd aangestoken:
'Licht van Christus'
werd gezongen, tot driemaal toe steeds hoger.


En toen we allemaal onze kaarsjes hadden aangestoken
aan de grote paaskaars gingen we lezen.

De eerste bladzijde van de Bijbel:
'God sprak: er moet licht zijn!' En het kwam:
God dank: de eerste dag!

Het water werd opzij geschoven: er kwam land in zicht!
De aarde werd een goed land om in te wonen.
Het land aangekleed met groen gewas,
vogels vliegen langs het hemelgewelf
en dieren lopen in het vrije veld: alles is goed.

Is dat wel zo? Dieren worden 'geruimd' bij duizenden
en of de aarde nog wel zo goed is??

Als kroon op het geheel wordt de komst van de mens beschreven
die alles nog mooier zal gaan maken:
en uitbundig zongen we na de zeven andere tussenzaneg:
'zo werd het avond en morgen deze dag.'

In het verhaal mag God dan uitrusten omdat Hij ziet
dat alles goed, zeer goed is.

Is dat zo?? Mooi niet.
Het lijkt een verhaal uit een oude mooie droom.
Alles goed, zeer goed???
Nee hoor,
kijk maar naar de verharding in de harten van de mensen,
de steeds groeiende kloof tussen arm en rijk,
de troosteloze situatie in Irak en Jeruzalem: Gods vredesstad.
En we weten het zeker
onze jongens die uitgezonden zullen worden
naar Afghanistan, lopen veel gevaar.
In onze eigen parochie zullen we het steeds moeten meemaken
hoe mensen in de bloei van hun leven door ziekte
uit dit mooie leven worden weggerukt.

Maar de verhalenserie in de kerk gaat door.
Het tweede verhaal klinkt:
over het volk Israël dat uit de harde slavernij wordt verlost.

In de lente gaat Mozes
als gezant van God het conflict aan met de farao
en hij zal zijn volk voorgaan naar een nieuwe toekomst.
Geen zee gaat hem te hoog.

Als derde verhaal hoorden we het visioen van de profeet Ezechiël
die honderden jaren later leefde. Het volk was,
na enkele gelukkige eeuwen in Jeruzalem, in ballingschap gevoerd.
De levenden waren als doden.

In Ezechiëls visioen richt een ruisende stormwind
de dode karkassen van de mensen van Israël weer op.
Veel om te verwerken. Moeilijk te geloven.

Als hemels antwoord klonk dan
na drie Alleluia's het paasevangelie:
van Marcus dit jaar.

Jezus, de aanvoerder van een nieuw mensenvolk, is vermoord.
In haast is Hij in een graf gelegd.
Enkele vrouwen willen het begrafenisritueel voltooien
door het lijk te balsemen. Maar ze komen daar niet aan toe
en worden door twee mannen (engelen?) weggestuurd:
'waarom zoek je de levende bij de doden.'
Ze moeten weer terug naar hun woonplaats
en daar zal hun vriend en leidsman Jezus hen voorgaan.

Hij wil de voorganger zijn van een nieuw soort mensen
die alles niet bij het oude laten. Daden van gerechtigheid
en nieuwe initiatieven worden gevraagd en...
volharding tegen alles in.


Marcus vertelt hoe de vrouwen in paniek wegrennen
en niemand iets durven vertellen.

Daar kan ik mij iets bij voorstellen.
Het gaat je bevattingsvermogen te boven
en de buitenwereld is er nog niet aan toe.

Toch is die boodschap uitgelekt en
zelfs doorgegeven tot in onze dagen toe.

Mensen blijven komen, u weer deze nacht.

Mensen komen om hun kinderen te laten dopen,
om te rouwen en te trouwen.
Jonge volwassenen melden zich voor de doop
- in deze jaren meer dan vroeger -
er is toch een andere geschiedenis gaande.

De geschiedenis van God die naar ons toekwam
- zoals wij dat met kerstmis vierden -
maar die solidair met ons verder gaat
trouw aan ons tot in de dood
ja tot over de dood heen.

Voor ieder van ons geldt de belofte van God:
IK ZAL ER ZIJN.

En, wanneer we dreigen te bezwijken zegt Jezus ons:
IK BEN MET U ALLE DAGEN.

Ik voelde de zon al gisteren
als een teken
van dat het goed komt
neen, nu bedoel ik niet alleen maar
dat het echt lente gaat worden
maar dat God werkelijk van ons houdt.


Dat er hoop is voor deze kwetsbare wereld
dat wij mensen geliefde zijn zoals wij zijn
en dat God ons redden zal
uit de wurggreep van de dood.
Moeilijk te geloven allemaal
of misschien toch niet.

Laten we gauw neerknielen om
onze hemelse hulptroepen erbij te halen:
de heiligen van alle eeuwen
en daarna zullen wij worden opgeroepen
onze eigen verantwoordelijkheid
serieus te nemen.

God zegene ons allen.
AMEN