Evangelieprikje 2014

Zoals de mens van vandaag zich laat leiden door de gps, die gestuurd wordt door satelieten die rond de aarde hangen, zo lieten de magiërs uit het verhaal zich leiden door een ster. Gelukkig voor de magiërs is Jezus niet in België geboren, want wie weet, hadden ze Hem, met al die omleidingen niet gevonden. Er zijn al veel boeken geschreven over deze ster, mocht je ze allemaal lezen, je zou waarschijnlijk sterretjes zien. Misschien moeten we gewoon voor ogen houden dat voor de Bijbelse schrijver de zon, de maan en de sterren slechts instrumenten zijn van God. Voeg daarbij oudtestamentische teksten over een licht dat zal opgaan en je weet waar de ster vandaan komt. Dat neemt niet weg dat ik het een schitterend beeld vind: de magiërs hebben Jezus niet gevonden door alleen maar teksten te lezen en te bestuderen, neen, op een bepaald moment hebben ze die boeken gelaten voor wat het was en hebben ze vol vertrouwen een ster gevolgd. Ook een leuk detail: het zijn niet de gelovige, vrome joden die op weg gaan maar wel vreemde magiërs.Misschien is dat voor ons al een tip. Als we God echt op het spoor willen komen, moeten we ons niet opsluiten in onze eigen veilige cocoon, maar moeten we ons laten leiden, nieuwe wegen durven gaan. En natuurlijk passeren we dan wel bij de Kerk, de magiërs passeren ook in Jeruzalem. In dat Jeruzalem huist een vorst die wel beweert dat hij de nieuwe koning wil aanbidden, maar eigenlijk wil hij vooral zelf aanbeden worden en vormt die kleine een bedreiging. Zolang er in de Kerk alleen maar mensen zijn die eerder zoeken aanbeden te worden dan zelf te aanbidden, is er nog werk aan de winkel en moeten we verder zoeken om een authentiekere Kerk te stichten. Over zijn tactiek en strategie valt te discussiëren, maar het lijkt dat de nieuwe paus daar werk wil van maken.

Na het ommetje bij Herodes komen de magiërs uiteindelijk aan bij de plaats waar Jezus geboren is. Bij Matteüs is Jezus geboren in een huis, gewoon even ter herinnering, omdat ons collectief geheugen de magiërs op een babyborrel in de stal plaatst. Ik zei daarnet al dat ze geluk hadden dat Jezus niet vandaag in België geboren was, ik herhaal dat nog eens. Was Jezus vandaag hier geboren, dan hadden ze, net als de meesten van ons, moeten zoeken naar een geschenk dat uitmunt in nietszeggendheid. Een geschenk voor een kind is bij ons ofwel geld storten op een pamperrekening ofwel een geschenk kiezen op een geboortelijst. Er zijn uiteraard praktische voordelen aan deze systemen, maar het lijkt me toch ook alsof we tegen de mensen zeggen: jullie hebben geen smaak, weten niet wat zo'n kind kan gebruiken, dus wij doen dat even voor je en jij hoeft alleen maar te betalen. Of hoe we van bij de geboorte al willen laten weten dat we helemaal niet weten waarin de schoonheid van een geschenk zit, of van iets schenken tout court. Maar goed, in die tijd mochten de geschenken wel nog iets betekenen en gelukkig betekenen ze iets want ze zijn, en dan zeg ik het nog heel beleefd, niet echt praktisch, noch voor het kind, noch voor de ouders. De drie geschenken hebben ons meteen laten besluiten dat er ook drie magiërs waren alhoewel het verhaal geen getal noemt. De drie geschenken zijn goud, wierook en mirre. Die drie geschenken zijn eigenlijk zonder betekenis voor de kleine Jezus en zijn ouders, maar ze vertellen in een notendop het verdere levensverloop van de baby. Het goud verwijst naar het koninklijke karakter van Jezus, de wierook naar het goddelijke en de mirre naar Jezus' lijden. Met die betekenis in ons achterhoofd, kunnen we misschien eens nadenken over wat wij die Jezus kunnen aanbieden om tot diezelfde betekenis te komen.

Het goud verwijst dus naar het koninklijke. In die tijd is de koning geen ceremoniële functie, neen, de koning is heerser, opperrechter, militair, ... de Bijbel vat het vaak samen met het beeld van een herder. Is Jezus voor ons nog een koning? Zijn wij Hem gehoorzaam? Gehoorzaam in de echte betekenis van het woord: gehoor geven aan, luisteren naar. Luisteren wij nog naar wat Jezus ons vandaag te zeggen heeft? En belangrijker nog: proberen we er naar te leven? Of is Jezus voor ons een ceremoniële koning die de mooie momenten in ons leven een extra cachet moet geven? Niet echt eerbiedig vind ik, maar wie ben ik?

De wierook verwijst naar het goddelijke, het god-zijn van Jezus. Is Jezus voor ons meer dan een interessante mens, een goed spreker, een groot profeet? Is Jezus zo één met God dat we mogen zeggen dat we in Jezus'handelen en spreken God zelf aan het werk zien en horen? Alleen wie gelooft dat Jezus God is, kan via Hem tot God bidden, kan door Hem delen in het leven van God zelf. Geloven wij dat?

De mirre waarmee lijken gebalsemd worden, verwijst naar het lijden van Jezus. Aanvaarden wij het lijden van Jezus als een offer voor ons? Zien wij in dit zinloos lijden Gods grote liefde voor ons?

Zo zie je maar dat een heel eenvoudig verhaal ons echt kan helpen om na te denken over ons geloof. Sluiten we ons aan bij de magiërs uit het Oosten of blijven we koele Westerlingen, vooral gedreven door kapitaal en ego? Bij die laatste categorie heeft het evangelie het echt lastig om goed nieuws te zijn. En toch wil dit verhaal vooral goed nieuws zijn want het toont ons ook dat Jezus er voor alle mensen is, niet enkel voor de joden.

Hoe men ooit vanuit dit mooie verhaal gekomen is tot drie armzalige koningen die zich ocharme nog geen nieuwe hoed kunnen kopen omdat ze het geld dat ze zorgvuldig op de rooster geteld niet voldoende is, blijft voor mij een mysterie. Maar als er een aan de deur staat, raad ik hen toch aan om het geld niet op een rooster te tellen, want het is niet denkbeeldig dat het er door valt en zo kan je blijven zingen.