En toen zagen ze de ster

Een nieuw jaar, dus naar goede gewoonte wensen we elkaar gelukkig Nieuwjaar, en we voegen er steevast aan toe: ‘En een goede gezondheid.’

Vroeger wensten we elkaar een ‘Zalig en gelukkig Nieuwjaar’, en misschien was dat net iets straffer dan wat we nu wensen, want ‘zalig’ is toch net dat ietsje meer dan ‘gelukkig’.

 

Maar wat we ook wensen, het blijft een wens, waarvan we hopen dat hij werkelijkheid wordt.

We hopen dus dat iemand gelukkig en gezond zal zijn en vrede zal kennen, maar we weten tegelijk dat op 1 januari alles niet ineens verandert.

We mogen dan al een nieuwe kalender en een nieuwe agenda hebben, ons leven van gisteren gaat vandaag gewoon door.

Wat ons het voorbije jaar vreugde bracht, bestaat vandaag nog altijd, en de pijn die er gisteren was, verdwijnt niet ineens omdat er nu 1 januari op onze scheurkalender staat.

Toch is het goed om mekaar het allerbeste te wensen, laat ons eerlijk zijn, we gunnen het mekaar gewoon.

Een zalig Nieuwjaar dus.

 

Al een hele tijd waren ze onderweg, de Wijzen uit het oosten, en toen ze in Marseille aan land gingen, ruilden ze hun kamelen in tegen enkele tweedehands motoren.

Zo tuften ze verder, richting Vlaanderen, want hun ster wees naar het noorden.

Toen ze in Brugge aankwamen, vroegen ze waar ze de pasgeboren koning van de joden konden vinden, maar de mensen keken hen aan met een bedenkelijke blik, of ze tikten met hun wijsvinger tegen hun voorhoofd en gingen hoofdschuddend verder.

Uiteindelijk stuurde een oude pastoor hen naar de bisschop. Als die het niet wist, wist niemand het.

 

Maar in het bisschoppelijk paleis hadden ze echt geen tijd voor spelletjes, want ze waren nog volop bezig om puin te ruimen.

Dus stuurden ze hen naar Gent. Maar ook daar vingen de Wijzen bot, want daar hadden ze hun handen vol met het reorganiseren van de dekenaten en de parochies.

Vandaar ging het naar Antwerpen, maar aan het bisschoppelijk paleis ging alle aandacht dan weer naar het ‘Jubileum van 50 jaar bisdom Antwerpen’. En dit moet toch een uitstraling geven in de monumentale kerken !

 

‘Probeer het eens op de Linkeroever zie toen iemand op het bisdom. Die zijn daar niet slecht bezig, en daar is altijd vanalles te doen. En er is nog veel plaats voor vreemdelingen.

En ja, het viel hun op dat de ster precies boven de Linkeroever stond en niet boven de stad.

“Hoe geraken we daar?” vroegen ze.

Wij hebben 5 tunnels, dus je kunt kiezen. “Is dat niet wat veel, 5 tunnels?”  

Neen, eigenlijk is dat nog te weinig, maar dat is een ander verhaal.

 

Toen ze op Linkeroever aankwamen verschoten ze van het uitzicht – hoogbouw, brede lanen, veel groen, een ook gezellige straten met eengezinswoningen. Dit lijkt hun wel een goede plaats om hun koning te vinden.

Ze trokken eerst naar de pastorij. Den Herman was natuurlijk niet thuis maar het secretariaat was open. Maar druk dat het daar was, wat die mensen allemaal niet doen voor de parochie, onvoorstelbaar…

Maar van een pasgeboren koning hadden ze niet gehoord, ook niet in hun fichen, niets van te vinden.

 

“Probeer eens in het SAC “ zeiden ze daar. Die organiseren wel meer feesten, misschien kunnen die jullie wel helpen.

De koningen naar het SAC. De beheerraad zat juist te vergaderen en te plannen. Die hadden het druk zeg, wat die allemaal op hun vork nemen, hoe houden die dat vol?

“Wij zijn op zoek naar een koning”

Ja wij hebben koninck was het antwoord, een bolleke of een prinske, je mag kiezen. Maar dat was hun vraag niet. Dan trokken ze maar een deur verder, naar Kind & Preventie. Daar zouden ze toch met een pasgeboren koning terecht moeten kunnen?

Ze hadden echt hoop.

 

Een pak dames als vrijwilliger zijn druk bezig met kindjes wegen en inschrijven. Het is er een drukte van jewelste. Tientallen moeder komen af en aan met hun kindjes in alle kleuren, maar geen pasgeboren koning.

Probeer eens bij Anna³? Die zitten soms wel in hemelse sferen?

Neen, daar hadden ze ook niets gehoord van een koning. Maar als ze hem vonden mochten ze wel terugkomen want dat zou interessant zijn om er een tentoonstelling over te organiseren…

Informeer eens bij de kerkfabriek? Dat is wat officiëler.

 

De koningen vonden dat er dikwijls dezelfde mensen in die verschillende raden zaten. Maar de mensen van de kerkfabriek hadden het zo druk, de kerk loopt onder water, volgende week is er een benefitconcert, de weekkapel wordt geschilderd….neen, wij hebben geen tijd om mee te zoeken naar een pasgeboren koning.

Ga eens tot bij de Pleplo. Daar vangen ze ook alle kinderen op die graag komen spelen. Maar de Pleploleiding telden de leden en er was geen koning bij of iemand die koning noemde.

 

Misschien aan de andere kant in het Cultureel Centrum? Ook daar zat een beheerraad die het zeer druk heeft. “Wat doen jullie hier?” vroegen de koningen. Wij houden dit centrum open, wij zetten dit open voor verenigingen, voor feesten maar ook voor de overburen van Katrinahof. En zelfs de moslims komen gebruik maken van onze accommodatie.

Maar een pasgeboren koning, neen daar hadden ze niet van gehoord.

 

Waarom eens niet de KAV en KWB en de OKRA proberen?

Die van de KWB bijvoorbeeld die maken zelfs een eigen kerststal. En het zijn allemaal sterk geëngageerde mensen. Ze organiseren kookavonden, en bierproefavonden en fietstochten en wijkmeestervergaderingen, en OKRA doet alles voor de gepensioneerden, en KAV, dat is niet op te noemen wat die allemaal organiseren,…

Het viel de koningen op dat de leden van die organisaties soms dezelfde waren, maar het aanbod was groot en interessant.

“Zijn dat allemaal parochiale verenigingen?”

Ja eigenlijk wel, al zie je ze niet elke zondag in de kerk. Ze gebruiken de accommodatie van de parochie.  En allemaal samen vormen ze het ACW. En die doen 1 keer per jaar wel een mis met Rerum Novarum.

Dus de lading is gedekt.



Maar van een koning hadden ze ook niets gehoord.

Probeer eens bij de Scouts, of bij de Klokskesvrienden, of bij Ziekenzorg, of bij de werkgroep rouwen, of bij het PT, of bij parochiale werken, of bij de kaartclub of de GAM of de wereldwinkel of de preekploeg of de catechese.

God de doopcatechese, dat we daar niet aan gedacht hebben.

Die moeten het toch weten. Maar noch de doopcathechese, de vormselcatechese of de eerste communie voorbereiding wisten iets van een Koninklijke geboorte.

En daar stonden ze dan, de Wijzen, met hun blijkbaar niet te vinden koning.

 

Beste vrienden, ik weet het, dit is een lichtelijk absurd verhaal, maar eigenlijk is het niets anders dan de hedendaagse vertaling van het aloude verhaal uit het evangelie. Dat was ook Marcus zijn bedoeling toen hij dit schreef 60-70 jaar na de geboorte.

Ons verhaal is meer dan 2000 jaar later.

Er wordt hier wel geen koning gevonden maar het viel hen wel op hoeveel hier nog gebeurt. Hoeveel mensen hier nog werken aan die betere wereld aan dat stukske hemel op aarde.

Die koning, dat pasgeboren kind is hier wel welkom. Het is alsof het hier altijd al geleefd heeft.

Zie hoe ze mekaar liefhebben, dit is een plaats waar dit kind mag geboren worden. We zullen mekaar en dat kind wel opvangen.

 

(alle lichten gaan uit behalve het licht boven de ster)

 

En toen zagen ze de ster.

Een ster die flikkert en hen iets wou zeggen. Een ster die hen wekenlang de weg getoond heeft.

Er is altijd een ster die wat meer schittert aan het uitspansel.

En onder die ster kwamen ze tot een wijs besluit. Hier is dit kind welkom, hier wordt nog iets gedaan voor de wereld, voor de gemeenschap, voor de parochie.

Deze ster mag nooit uitgaan.

En dan zien we echt dat kind in de kribbe, dan zien we daardoor mekaars zorgen, of delen we mekaars vreugde.

Ik hoop echt dat je vandaag de 3 koningen nog te zien krijgt.

Ik ben eens benieuwd of je dan geen toontje lager zult zingen en dit kind wil verwelkomen.

 

(alle lichten gaan terug aan)