2e zondag door het jaar (2009)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 477 niet laden

WELKOM

Aan het begin van het nieuwe jaar wordt tussen de feesten van Petrus en Paulus (in de oude kalender werd vandaag het feest van de Zetel van Petrus gevierd en volgende week zondag vieren we de bekering van de apostel Paulus) de internationale gebedsweek voor de eenheid gehouden. Deze is dit jaar voorbereid door de kerken van Korea. Daar is sprake van verdeeldheid van kerken, maar ook van verdeeldheid van landen economische systemen en daardoor ook van families. Mensen hebben elkaar tientallen jaren niet kunnen ontmoeten. Verdeeldheid is pijnlijk, verdrietig en vreselijk moeilijk om te overwinnen.
De eenheid waartoe Christus zijn leerlingen oproept, is een teken van eenheid van de gehele mensheid. Daartoe worden ook wij geroepen. Christus roept ons op om te bidden voor een eenheid en te bouwen aan een eenheid die werkelijk zo stevig is dat die een basis voor de eenheid van de mensheid kan zijn. Kunnen we dat als kerk waarmaken. Laten we ons in de eucharistie openen voor de eenheid die Christus ons biedt met de Vader zelf door de werking van de heilige Geest.

HOMILIE

Samuël woont in het heiligdom. Dat is nog niet de tempel in Jeruzalem, maar het heiligdom in Silo. Voordat de tempel in Jeruzalem werd gebouwd door Salomo, hadden de Israëlieten de Ark van het verbond met daarin de Tien Geboden in Silo geplaatst waar de mensen kwamen om tot God te bidden, hun offers te brengen en Hem te vereren. Het heiligdom is de woning van God maar het kan blijkbaar ook de woning van mensen zijn. De dienaren van de tempel wonen in de tempel, huisgenoten van God als het ware.
Een heiligdom is een wonderlijke plek om te wonen. Samuël woont daar sinds hij door zijn ouders daar gebracht is omdat ze hem aan God hebben toegewijd. Het is een prachtig verhaal van het besef dat we het leven van onze kinderen, ja het leven van ons allen te danken hebben aan God zelf. Ze laten hun zoon los in de hoop en het vertrouwen dat God hem zal roepen en een richting zal geven aan zijn leven. Het zal blijken dat Samuël een beslissende rol zal spelen in Israël om de koningen die door hem gezalfd zullen worden en het volk te herinneren aan het koningschap van God zelf. Deze jongen woont in het heiligdom.
Het lijkt mooi om te wonen in het heiligdom, maar het is problematisch. Duisternis en blindheid zijn de tekens van de leegte van het volk in de tijd van de kleine jongen Samuël. De oude profeet Eli is blind geworden. Zijn zoons zijn van de weg van God afgeweken. Een woord van God wordt nog maar zelden gehoord. Het heiligdom staat er wat verloren bij en is niet meer het centrum van eenheid in het land. De lamp van het geloof is bijna uitgedoofd. Iedereen is druk bezig met de opbouw van zijn/haar eigen leven en dan heb je wel wat anders te doen, dan steeds maar weer naar de tempel te gaan. Waar heb ik dat meer gehoord?
Toch zoekt Samuël zijn verblijfplaats in dit heiligdom. Hij is het tegendeel van de zonen van Eli die steeds onderweg zijn en niet hun vaste verblijfplaats in het heiligdom hebben. De beweeglijkheid van het volk op zijn tocht door de woestijn en bij het in bezit nemen het beloofde land is verworden tot een doelloos rondtrekken en een onrustige jacht op steeds weer nieuw amusement. De zingevingcrisis waar we in onze tijd getuige van zijn, speelt ook in deze periode van Israël. De jonge Samuël zoekt een stevige basis van zijn leven en zoekt naar een verblijfplaats bij God die hij nog maar nauwelijks kent. Wie kan hem daarin voorgaan en wie kan hem een weg wijzen? Zijn geloof is niet een onrustig fladderen van de ene opwelling naar de andere, maar is een keuze, een antwoord op een roepstem. Keuze maken betekent dat je een weg kiest en andere links laat liggen. Als je bezig blijft met de vraag waar de andere wegen je naar hadden kunnen leiden, kom je nooit tot een keuze.
Ook de leerlingen van Johannes de Doper die hem verlaten en achter Jezus aangaan zoeken een verblijfplaats. Op de vraag van Jezus: 'Wat zoeken jullie?' Zeggen ze 'Waar houdt U verblijf'. Zijn ze dan ontrouw aan hun eerste leraar Johannes de Doper?
Ieder mens zoekt naar een verblijfplaats. Je kunt daarbij denken aan een huis, maar daar gaat het evangelie niet om. We denken daarbij ook aan mensen bij wie we ons thuis voelen. Onze familie en vrienden, dat zijn de gelijkgestemden om ons heen, met wie we ons verbonden voelen. Toch neemt Jezus ons mee op een weg van ontmoetingen en confrontaties die niet altijd gemakkelijk zijn. Jezus gaat de twistgesprekken niet uit de weg. Hij zoekt juist de zondaars op en probeert weerbarstige leraren van Israël een andere manier te leren om Gods verbond te verstaan.
De verblijfplaats die Jezus biedt is geen schuilplaats, geen comfortabel gebouw. Hij biedt een levensweg die zich oriënteert op God zelf. Nu zegt Hij tegen de leerlingen als zij vragen naar zijn verblijfplaats: 'Kom en je zult het zien.' Aan het einde van zijn leven zegt Hij tegen de leerlingen: 'Blijft in mijn Liefde.' Dat is de verblijfplaats die Hij de leerlingen biedt: leven in de ruimte van Gods liefde. Dat is geen plek, geen kerk als woning maar een levenshouding, een levensbeschouwing. Jezus zelf is woning van Gods Woord, de nieuwe Ark van het verbond. Deze is niet weggestopt in een heiligdom, maar trekt rond door de wereld en stelt de mensen zelf ook in staat om woning voor Gods woord te worden.
Waar houden wij verblijf? We wonen niet in dit heiligdom, ook al komen we er graag. We vieren hier dat we in ons leven verblijven in de liefde van God. Dat we steeds weer opnieuw, ook al doen we dat met vallen en opstaan, de nabijheid van God en zijn Woord ervaren in ons leven. Ons drukke leven, onze vele activiteiten vinden hierin hun kernpunt dat we ze uit God willen doen, dat we ze in dienst van Gods koninkrijk willen plaatsen. Dan hebben we onze verblijfplaats gevonden. Dan zijn we niet op losgeslagen wegen zoals de zonen van Eli, maar dragen we het heiligdom van God steeds met ons mee. Hier komen wij thuis om in heel ons leven te ervaren dat we thuis kunnen komen bij God zelf, op al onze wegen. Mogen wij altijd dat thuis ervaren waartoe de Heer ons uitnodigt. Amen.