Het huwelijk (2009)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 205 niet laden

Geliefde mensen,

Vandaag is het werelddierendag, ofwel de gedachtenis van de heilige Fransiscus. Mopje:
Man tot vriend: “ik heb een geweldige hond. Hij haalt elke ochtend trouw voor mij de krant”.
Vriend: “dat is toch geen kunst. Dat doet mijn hond ook”. Man: “Ja, maar het aardige in mijn geval is dat ik helemaal niet geabonneerd ben op een krant.”
Niet in dit geval, maar vaak kunnen wij een voorbeeld nemen aan een hond. Eigenschappen van de hond zijn trouw aan zijn baas en hulpvaardigheid en doorzettingsvermogen, waaks, begroet je bij binnenkomst, verdedigt je, beschermt je, zoekt je op, beschermt de kudde, speurt slachtoffers op onder puin, kan sleeën of karren trekken. We kennen allemaal wel het voorbeeld van een blindengeleidehond of de waakhond of de politiehond.
De hond is kennelijk een hulp die goed bij de mens past.

Zou de schrijver van het scheppingsverhaal zich dan vergist hebben? Hij schrijft dat God voor de eerste mens een hulp ging maken die bij hem paste. Dan schept God de dieren en Hij bracht die bij die eerste mens om te zien of er één bij was die bij hem paste. Uit de naamgeving moest dat blijken, want in het Hebreeuws waarin dit verhaal geschreven is, hebben alle namen een betekenis. Maar de eerste mens noemde geen enkel dier zijn gelijke oftewel een hulp die bij hem paste..ook niet de hond.
Heeft de schrijver zich vergist? Had hij bij de hond zijn verhaal moeten eindigen?

Nee, natuurlijk heeft de schrijver zich niet vergist. De woorden “een hulp die bij hem past” hebben in het Hebreeuws een veel diepere betekenis dan ons woord ‘hulp’. Bij hulp denken wij spontaan aan een huishoudelijke hulp. Maar daar gaat het in dit verhaal helemaal niet om. Laten we dat duidelijk vooropstellen.
De titel ‘een hulp die bij hem past’ duidt op een wezen dat de eerste mens helpt om gelukkig te worden. Een wezen dat zijn eenzaamheid oplost. Een psychische hulp. Een sociale hulp. Een emotionele hulp. Een gelijksoortig lichaam waarmee hij lichamelijk één kan worden, een lichaam dat geborgenheid geeft en warmte. De toevoeging ‘die bij hem past’ duidt op de gelijkwaardigheid van dat wezen dat God er bij schept. Dat blijkt ook uit de uitroep van de eerste mens als hij de vrouw ziet: “Eindelijk been van mijn gebeente en vlees van mijn vlees! Mannin zal zij heten.” Deze woorden mogen we niet opvatten alsof de vrouw minder zou zijn dan de man, juist niet. Het tegendeel: deze onvertaalbare benaming, waarin de benaming van de eerste mens, man, is opgenomen, duidt er op dat de vrouw gelijkwaardig is aan de man. Het woord mannin is eigenlijk een heel ongelukkige vertaling. Er zou zo iets moeten staan van: “nog een mens” of “een soortgelijke mens” “Een man+”. De dieren waren niet gelijkwaardig. De vrouw wel.

Er zit nog een prachtige symboliek in dit allegorisch verhaal, dat we niet historisch mogen opvatten. God neemt voor de schepping van de vrouw een rib uit de man. Waarom een rib? Deze zit dicht bij het hart. Dit duidt er op dat man en vrouw dicht bij elkaars hart willen leven. Dus dat zij een onvergelijkbare liefde voor elkaar hebben.

Aan dit verhaal herinnert Jezus als Hij spreekt over de huwelijkstrouw. Jezus legt zelfs de nadruk op het seksuele aspect: “Man en vrouw worden één vlees” zegt Hij. In de geslachtsgemeenschap geven man en vrouw zich helemaal aan elkaar. Ze geven zichzelf totaal. Dat heeft God zo gewild. En daarin zit de eis om elkaar trouw te blijven. Wie de zichzelf gevende ander aanvaard heeft met ziel en lichaam, die mag die ander niet meer wegsturen. Het wegsturen of in de steek laten van iemand die zich in de geslachtsgemeenschap geheel open gesteld heeft en zichzelf gegeven heeft, slaat een diepe psychische wond in die ander. De ziel van de ander voelt zich daardoor vernederd, afgedankt, een wegwerpartikel, een consumptie-artikel. Wat een vernedering is het voor iemand om zijn lichaam alleen als lustobject gebruikt te zien en niet aanvaard te worden als gelijkwaardige levenspartner.
Wat God verbonden heeft, dat mag een mens niet scheiden. God heeft liefde en lichaam verbonden met trouw.

Wat God verbonden heeft mag een mens niet scheiden, zei Jezus. Direct na deze perikoop komt het verhaal dat mensen kinderen bij Jezus brengen, met de bedoeling dat Hij ze zou aanraken. Ogenschijnlijk is dit een heel nieuw verhaal, dat niets met het voorgaande te maken heeft. Maar als we er even over nadenken, dan zien we toch een logisch verband: kinderen ontvangen immers het leven uit de lichamelijke eenwording van man en vrouw.
God heeft voor elk kind een vader en moeder bedacht die elkaar liefhebben. God heeft het ontstaan van nieuw mensenleven verbonden aan de liefde en de lichamelijke eenwording van man en vrouw. Dat mag de mens ook niet scheiden. Alle vormen van kunstmatige verwekking tot en met het klonen van mensen, zijn daarom uit den boze.

Ouders moeten kinderen opvoeden. Zij moeten daarom een voorbeeld zijn voor de kinderen. Maar Jezus draait het om: Hij zegt: “Wie het Rijk Gods niet aanneemt als een kind, zal er zeker niet binnengaan”. Hij stelt kinderen dus ten voorbeeld aan volwassenen.
Hoezo stelt Jezus kinderen ten voorbeeld? Kinderen maken toch ook ruzie, kunnen toch heel gemeen, oneerlijk, ongehoorzaam en onbehulpzaam zijn? Ja, dat is waar. Maar kinderen hebben ook een paar eigenschappen waar we wel een voorbeeld aan kunnen nemen: kinderen maken wel ruzie, maar kunnen ook weer snel vergeven en vergeten. Kinderen zijn open, geloven nog in dingen die ze niet zien en kunnen daardoor ook gemakkelijk in God geloven. Kinderen weten zich afhankelijk van ouders en vertrouwen zich aan de zorg van ouders toe. Zo zullen wij ons als kinderen van God aan zijn zorg en liefde toevertrouwen.

Als man en vrouw die eigenschappen van een kind in hun leven waar maken, zou er dan nog echtscheiding voorkomen? Wanneer gehuwden elkaar kunnen vergeven, altijd open staan voor elkaar en zichzelf afhankelijk durven opstellen van de liefde en zorg van elkaar, zouden ze dan niet het geheim van huwelijkstrouw gevonden hebben?