Wat God verbonden heeft

├Ś

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Het is heel moeilijk een overweging te houden over de lezing uit het boek Genesis, en het evangelie, als je weet dat intens goede mensen hebben moeten ontdekken, dat hun met veel idealisme begonnen huwelijk een fatale schipbreuk heeft geleden.

Het wordt nog moeilijker als je weet, dat er mensen zijn die door hun aanleg niet als man en vrouw door het leven kunnen gaan.

Toch mogen we ook vandaag niet naar huis gaan zonder gesterkt en geïnspireerd te zijn door het evangelie. Dit geldt voor allen. Voor hen die gelukkig gehuwd zijn, maar ook voor hen, die gebukt gaan onder een verschrikkelijke mislukking. Dit geldt niet minder voor hen die als man en man, of vrouw en vrouw hun weg door het leven zoeken. En tenslotte geldt dit ook voor hen die vrijwillig, of door omstandigheden gedwongen alleen hun levensweg gaan. Voor hen allen staat als een paal boven water wat in de eerste lezing werd gezegd: het is niet goed voor de mens om alleen te zijn. Hoe dan ook: wij zullen samen door her leven moeten gaan, in onverbrekelijke trouw.

Onze evangelielezing uit Marcus begint hij vers 2. Dat is jammer. Want in vers 1 staat dat Jezus op weg ging naar Judea, naar Jeruzalem. Dat staat er niet voor niets. Dat wil zeggen: God gaat naar zijn volk. De bruidegom gaat naar zijn bruid. God wordt steeds de bruidegom genoemd. En Jeruzalem, zijn volk, de mensen: zij zijn de bruid. In vers 1 staat dus dat nu gaat blijken hoe groot Gods trouw is ten opzichte van de mensen. Zijn trouw gaat ontzettend op de proef gesteld worden. Ze zullen hem uitstoten, geselen, kruisigen. Maar Hij zal trouw blijven. Hij gaat naar Jeruzalem. En in dit verband zegt Jezus dat een man zijn vrouw nooit weg mag sturen. Hij zal dat laten zien. Hij zal zijn bruid niet verstoren zelfs niet als zijn bruid hem her allerergste aandoet.

Wij zijn geschapen naar Gods beeld. In de liefde van de mensen openbaart God zichzelf. Man en vrouw zijn het beeld, de foto, van Gods liefde voor de mensen. Als wij aan een wildvreemde, die nog nooit van God gehoord heeft, zouden moeten zeggen wie God is, hoe God is, dan moeten wij kunnen wijzen naar twee mensen die samen door het leven gaan in eindeloze trouw. Dan moeten wij kunnen zeggen: daar heb je een foto van God.

Het is niet goed voor een mens alleen te zijn. We moeten samen gaan. In onverbrekelijke trouw.

Maar over trouw praat je pas, als ontrouw voor de hand ligt. Zo kwam de trouw van Jezus pas ter sprake toen hij naar Jeruzalem ging waar hij door de mensen vermoord zou worden. Over trouw praat je pas als ontrouw voor de hand ligt. Dat gold voor Jezus. Dat geldt ook voor ons. Want dan is trouw niet meer vanzelfsprekend. Dan vraagt trouw offers. Grote offers. Trouwen doe je dan ook niet op je huwelijksdag. Dat doe je pas later, als er een crisis is.

Wij zijn maar kleine, zwakke mensen. Ook al zijn wij naar Gods beeld geschapen. Wij moeten elkaar helpen in die zwakheid. Wij moeten elkaar helpen om trouw te zijn en trouw te blijven. En niemand kan trouw zijn zonder hartelijkheid en waardering. Dat moeten we elkaar geven met handenvol. Juist omdat we zwakke mensen zijn. Zonder dat kan niemand trouw zijn aan zijn eens gegeven woord. Zonder hartelijkheid en waardering kan je man, je vrouw, je vriend, je vriendin, je kind, je collega niet trouw zijn aan ons.

Wat God verbonden heeft mag een mens niet scheiden. Vertaald betekent dat: als wij elkaar die hartelijkheid en waardering niet geven dan brengen we wat God verbonden heeft in gevaar.