23ste zondag B (2009)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 194 niet laden

23e zondag door het jaar B
5 en 6 september 2009 in de Jozefparochie in Haarlem en in de Franciscusparochie in Oosthuizen
pastoor Frank Domen

OPENINGSWOORD

Broeders en zusters, welkom bij deze heilige eucharistieviering. Vandaag gebeurt er in het evangelie een wonder: een doofstomme wordt genezen. Prachtig! Misschien willen wij aan God ook wel om een wonder vragen. Voor onszelf - of nog mooier - voor een ander.
Er was eens een vrouw, die de hele wereld afreisde op zoek naar de ene, ware God. Zij onderzocht alle kerken en religies en luisterde naar allerlei openbaringen en getuigenissen over wonderen.
Op één van haar reizen klopte ze aan bij een klooster en vroeg aan één van de monniken of hun God ook wonderen deed.
"Dat hangt er van af wat je een wonder noemt," antwoordde de monnik. "Sommige mensen denken dat het een wonder is als God doet wat zij Hem vragen. Maar hier in dit klooster geloven dat het een wonder is als de mensen doen wat God wil."
Laten wij eerst aan God vragen dat wij doen wat Hij wil. Dan kan Hij daarna doen wat wij willen.
Voor de keren dat wij niet de wil van God hebben gedaan, maar wel van alles van Hem hebben verwacht, vragen wij nu samen om vergeving.

OPENINGSGEBED

Laat ons bidden. Heer onze God, alleen zij die niet willen zien, zijn blind; alleen zij die niet willen horen, zijn doof. Wij vragen U: maak ons ontvankelijk voor al het goede dat Gij door mensen bewerkt, zodat wij van U kunnen getuigen:'Alles heeft Hij welgedaan'. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon ... . Amen.
PREEK
Hebben jullie ook weleens de ervaring gehad, dat je ergens een avond op bezoek bent geweest, of je hebt een uur naar de radio geluisterd, een overvloed aan woorden over je heen gekregen, en dat je je daarna afvraagt: Wat is er nu eigenlijk gezegd? Is er wel wat zinnigs gezegd? Natuurlijk, een gezellige avond hoeft niet bloedserieus te zijn, maar wij kunnen toch ook over wat mooie onderwerpen praten, zodat wij elkaar kunnen verrijken!
In psalm 115 staat geschreven, dat mensen wel oren hebben, maar niet horen; zij hebben wel ogen, maar zien niet; zij hebben een mond, maar spreken niet. Dat wil zeggen dat zij niet willen horen en zien hoe de werkelijkheid is, en dat hun eigen gepraat maar leeg gebabbel is. Schone schijn. Een glimmende buitenkant.
Gelukkig maak je soms ook het omgekeerde mee: dat een gesprek heel diep is. Het gesprek wordt als het ware door iets gedragen. Het heeft inhoud, geestkracht. Het kan een heel kort gesprek zijn, maar het is van hart tot hart. En de oren van je hart vangen die woorden op.
In het evangelie raakt Jezus de oren en de mond van een doofstomme aan. Daardoor kan de man opeens weer normaal spreken en horen. Dat zijn lichamelijke functies hersteld zijn is op zich al een wonder, maar dat een doofstomme - die nooit heeft leren praten - opeens ook volop kan spreken is al helemaal bijzonder. Jezus levert geen half werk af. Jezus zorgt voor een echte doorbraak. Een heel nieuw en goed begin.
Het woord, dat Jezus tegen de doofstomme sprak - "Effeta, ga open" - gebruiken wij ook tijdens de doop. Wij raken dan een oor en de lippen van de dopeling aan en zeggen: "Effeta", en wij voegen er aan toe: "Wij wensen je toe dat je spoedig zijn woord kunt verstaan en verkondigen."
Misschien zijn sommige gesprekken wel een beetje leeg, omdat er niet wordt gegeven. Het zijn gesloten gesprekken. Mensen gebruiken wel woorden om met elkaar te praten, maar ze willen zichzelf niet geven. Ze willen of durven zichzelf met hun goede en zwakke kanten niet te laten zien. De gesprekken gaan in feite over niets. Gesprekken met woorden, maar tegelijk nietszeggende gesprekken.
Een goed gesprek is er een waarin de ander zichzelf openlegt, en waarin er ook voor jouzelf ruimte is om dat te doen. Misschien kun jijzelf daar wel mee beginnen!? Het hoeft niet lang te zijn, want als het hart is geraakt, is het belangrijkste gezegd. De Romeinse honderdman in Lucas 7 sprak tegen Jezus: Maar spreek slechts een woord en mijn knecht zal gezond zijn. Het diepste van jezelf openleggen voor de ander, in woorden, sprekend en luisterend.
Het woord dat Jezus tot ons spreekt gaat heel erg diep. Hij laat zijn vurigste hartenwens horen: dat Hij verlangt naar een liefde, die alle menselijke gebrokenheid en teleurstellingen overstijgt, Hij heeft een verlangen dat sterker is dan de dood. Als je heel diep met mensen wil praten, dan spreek je met mensen over het verlangen in je hart naar de hemelse Vader, het verlangen naar Jezus, die onze beste Vriend is, Vriend in eeuwigheid. Ons diepste niveau is daar waar de heilige Geest is. Daar, in ons hart, is de bron van eeuwig leven, want God is daar. Praat je daar, in je hart, weleens met God? Praat je met anderen weleens over die kostbaarste schat?
Jezus zegt vandaag dat korte woord ook tegen ons: Effeta, ga open! Ga open om in jou een verlangen naar de eeuwigheid te laten wekken, een verlangen naar relatie met je hemelse Vader. Ga open om werkelijk met Jezus in gesprek te raken, om werkelijk te bidden, van hart tot hart. Ga open om je geestelijke rijkdom met je medemensen te delen, zodat je kunt getuigen, zoals de mensen in het evangelie uitriepen: Hij heeft alles welgedaan! Ga open om in het leven van je medemensen een diepere betekenis te brengen. Ga open naar de liefde, met handen en voeten, om net als Jezus andere mensen aan te raken in hun noden vanuit de kracht van de Geest die in je leeft. Ga open naar de wereld om zout en licht te zijn. Effeta, een woord dat de diepte in gaat. Moge de heilige Geest ons helpen om te spreken tot andere mensen, zodat de blijde boodschap weer overal wordt verkondigd. Amen.

SLOTWOORD

Een mooi gedicht van Luc Gorrebeek.
Ik heb gehoord dat velen
van jullie zitten te wachten
op een wonder,
een wonder dat Ik,
jullie God,
de wereld zal redden.
Hoe zal Ik redden
zonder jullie handen?
Hoe zal Ik rechtspreken
zonder jullie stem?
Hoe zal Ik liefhebben
zonder jullie hart?
Vanaf de zevende dag
heb Ik alles
uit handen gegeven;
heel mijn schepping
en mijn wondermacht.
Niet jullie, maar Ik
wacht nu op het wonder.
Beste mensen, laten wij niet wachten op een wonder. Laten wij ze zelf doen, met de goddelijke kracht, die in ons leeft.