20e zondag door het jaar (2009)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 554 niet laden

Vrouwe wijsheid en vrouwe Dwaasheid, ze leven naast elkaar, ze zijn tot elkaar veroordeeld. Vrouwe Dwaasheid gaat niet de goddelijke weg, vrouwe Wijsheid kiest steeds opnieuw voor de rechte weg, de weg van de gerechtigheid.

Zijn leven lang staat de mens voor de keuze tussen dwaasheid en wijsheid, het is de kunst te onderscheiden welke weg de rechte en welke de kromme is.

Wijsheid maakt een goddelijke scheppingsorde zichtbaar, die de mens telkens weer uitnodigt zich in te passen in die orde. Er is, zegt het boek Spreuken, een samenhang tussen wat de mens doet en wat hij ondervindt m.a.w. een menselijke daad en het gevolg daarvan laten God niet onberoerd.

 

Onze werkelijkheid zoals we die om ons heen telkens weer op een andere manier ervaren vraagt om een diep geloof in God als Schepper, om een bewuste en open manier van leven. Onze werkelijkheid vraagt om te proeven en te genieten, om eerbiedig luisteren, om ontzag voor de Schepper en het geschapene en om vol vertrouwen aan te sluiten aan Zijn tafel, met Brood en Wijn die nooit opraken en die alle mensen en alles wat er leeft op aarde, voedt en laat groeien als we Zijn wil laten geschieden.

 

Zijn wil vraagt om een consequente levenshouding, om onderricht die je kennis omtrent de schepping vermeerderen...

Een consequente levenshouding wat zou die in onze tijd moeten inhouden?

We leven hier in onze streken in een tijd van overvloed, hoewel de eerste barstjes nauwelijks nog zijn te ontkennen. Onze techniek levert ons ongekende mogelijkheden, onze reislust en ontdekkingsdrang waren nooit zo algemeen verbreid. De wereld wordt steeds kleiner, onze behoeften daarentegen worden groter. De wereld zal barsten in haar voegen als wij niet wijzer worden, als we onze levenshouding niet kunnen inpassen in de wil van God...als we geen of te weinig ontzag hebben voor de Schepper en het geschapene. Wij kiezen te vaak voor ónze tafel, ons brood en onze wijn, onze overvloed, die van vrouwe dwaasheid die ons influistert dat we nù leven en nù moeten genieten, dat wij het waard zijn, om te nèmen waar wij menen recht op te hebben...

Mag ik twee voorbeelden noemen die me afgelopen week zijn overkomen; ik kreeg een e-mail van Greenpeace: de zeebodem van het Kattengat bij Denemarken zal als de Deense regering niet ingrijpt worden bevist door een bodemschraper ter grootte van 500 voetbalvelden. Het ecosysteem dat daar in honderden jaren kon groeien, met vissen die wel 100 jaar oud kunnen worden, zal in een mum van tijd worden verstoord.

Het tweede voorbeeld, ik was aan de Belgische kust, 80 km strand langs de Noordzee, volgebouwd met flats en overvolle wegen, visrestaurants, viswinkels met een royaal assortiment aan vis, ook met vis die met uitsterven wordt bedreigd, de zee voor de verwende toerist waaronder ik...

 

De schoonheid van de zee, eb en vloed, het nooit eindigende en niet aangeleerde spel van kinderen en hun ouders op het strand, het werk van kunstenaars dat ons aan het denken wil zetten over onze vergankelijkheid en onze dwaasheid, dat het zó niet langer kan, dat we dief zijn van de generaties na ons, dat alles in schril contrast met de werkelijkheid daar nu, verkwistend, in de klauwen van vrouwe dwaasheid, die haar plek met alle macht verdedigt. Vrouwe dwaasheid of te wel het geld, liet ons flats bouwen op plekken die we moeten koesteren, flats die nu worden bedreigd door leegstand en verpaupering, die vrouwe die ons ongebreideld laat eten, ook met de crisis op onze hielen, of we met niemand rekening hoeven te houden.

We denken dat we de werkelijkheid zien en aankunnen en intussen raken we verblind voor de hemelse werkelijkheid die alles geeft ‘om niets' als we breken en delen met Hem en in zijn Geest

 

Brood, ons alledaagse voedsel, moet voor ons een teken zijn en blijven waar we met eerbied en respect mee omgaan

hoe het groeide, de graankorrel in de aarde, water en licht, de bewerking die het brood tot voedsel dat nooit verveelt en altijd voedt,

laat dit brood voor ons een teken zijn van overvloed, van geur en smaak, dat ons maant tot soberheid, eerbied en ontzag, vertrouwen met een gevoel van rijkdom en overvloed, en geloof dat, dat de enige weg is. Amen