17e zondag door het jaar (2009)

Als er bij ons vroeger thuis een vriendje of een vriendinnetje was
en we vroegen aan mijn moeder, of hij of zij mochten mee eten,
dan kon dat.
Ik hoor haar dan nog zeggen, ook al hadden wij 10 kinderen,
waar er tien kunnen eten kunnen er ook elf eten.
Op zich is dat een goede gewoonte,
alles eerlijk delen met elkaar,
dan heeft iedereen genoeg.
Maar als ik er nu aan denk,
vraag ik me af,
of we,
van wat we toen in huis hadden,
wel genoeg was voor onverwacht bezoek.
Vandaag horen we in beide lezingen dezelfde situatie.
In de eerste lezing is het de dienaar, die ziet
dat 20 gerstebroden niet genoeg zijn voor honderd man.
en in de evangelie-lezing zijn het Filippus en Andreas
die zo reageren.
Wonderlijk als we dan horen:
zij zullen eten en overhouden.
De mensen bleven,
ondanks dat het tijd was om te gaan eten,
Jezus volgen.
Zij waren onder de indruk
van de wondertekenen,
die Jezus deed bij zieken.
Ze zijn nieuwsgierig en
hebben duidelijk hoge verwachtingen van Jezus.
Jezus ziet dat de mensen uitgeput en hongerig zijn
en Hij zegt tegen Filippus en Andreas:
laat de mensen gaan zitten.
Daarna neemt Jezus de 5 broden en 2 vissen
die een jongen bij zich heeft.
Hij spreekt het dankgebed uit
en geeft het brood aan zijn leerlingen om uit te delen
aan de mensen.
Als iedereen gegeten heeft,
verzamelen de leerlingen de overgebleven stukken brood.
en vullen daar 12 manden mee.
De mensen zien dit wonderteken
en zeggen dan tegen elkaar:
Hij moet de profeet zijn, die in de wereld moet komen
en ze willen Hem koning maken.
zij zien in Jezus de bevrijder, die voor hun welzijn zal zorgen.
Maar begrepen zij Jezus eigenlijk wel
met dit teken van de wonderbaarlijke broodvermenigvuldiging?
Ja, hoe zullen wij reageren,
als wij daar zitten en onze maag gevuld wordt?
Kunnen wij dan vermoeden wat Jezus
met dit teken bedoelt?
Of zien we net als zij een God van consumptie?
Echter, Gods visioen voor mensen gaat veel verder.
Hij wil ons zover krijgen, dat we zelf in beweging komen,
zodat we zorg gaan dragen voor onze medemensen,
net als Jezus.
In het evangelie van Johannes
zien we dat er veel elementen uit een eucharistieviering
overeen komen met de gebeurtenissen op de berg:
mensen hebben zich verzameld
brood waarover is gebeden,
wordt gebroken en aan de mensen uitgedeeld.
De wonderbare broodvermenigvuldiging
dwingt ons als het ware toe in te zien,
dat er brood genoeg is voor iedereen,
als we maar willen delen.
Brood delen; wat wordt hiermee bedoeld?
Met het woord brood
duiden we al het brood-nodige aan
zoals eten en drinken, kleding en onderdak.
Ieder mens wil een goed leven.
Maar, consumptiemiddelen kunnen,
hoe aangenaam zij het leven ook mogen maken,
geen vervulling bieden
in onze behoefte naar liefde, geluk en leven.
Want wie zijn we met al ons geld en welvaart,
als we niet gelukkig zijn,
als we ziek zijn en de zin van ons leven missen.
Jezus geeft ons het enige zinvolle antwoord
dat mogelijk is:
Het brood dat Hij uitdeelt, is Hijzelf,
het is zijn eigen leven, dat Hij geeft.
Ook vandaag doet Hij dit nog
telkens wanneer wij liturgie vieren,
komt Hij tot ons.
En delen van zijn Brood leidt er niet toe,
dat ik minder overhoud
maar dat we samen meer hebben.
Jezus wil voor ons brood zijn dat leven geeft.
Naar Hem mogen wij ons richten,
om onze diepste menselijke verlangens te vervullen.
Ook wanneer de situatie uitzichtloos is en
er blijkbaar geen uitweg meer is.

Dit verhaal over de broodvermenigvuldiging,
is een belangrijk verhaal in de Christelijke kerk.
Wel 6 keer wordt het in de 4 evangeliƫn verhaald,
iedere keer met wat andere details,
maar in essentie telkens hetzelfde.
Jezus voedt een grote menigte in de woestijn.
Johannes wil wel duidelijk maken,
dat Jezus geen wonderdoener was voor die tijd,
die zomaar sterke staaltjes ging verrichten,
om in populariteit alsmaar verder te stijgen.
Daar is het Jezus niet allemaal om begonnen.
Maar zijn woord roept ons op,
tot een menselijker wereld,
waarin we voor elkaar
naasten zijn.
Zijn woord is brood voor ons leven.
Het brood
dat zich vermenigvuldigt,
wanneer je dit met anderen wilt delen.
Onze welvaart, liefde en aandacht,
om zo voedsel voor de wereld te zijn
en ik denk dat we daarin mogen geloven
en vertrouwen voldoende van in huis te hebben.