De leek aan het woord (2006)

Professionaliteit is het keurmerk voor het uitoefenen van functies en beroepen. Toch worden kerken zich in toenemende mate er van bewust dat er onder gewone mensen natuurlijke gaven zijn die meer benut moeten worden. Sommige mensen hebben de gave om voor zieken een grote steun te zijn, anderen de gave om het geloof over te brengen op jong en oud, weer anderen de gave om een mooie gebedsdienst samen te stellen. Daardoor zijn zij een kostbare geschenk voor onze gemeenschap. Om te kunnen functioneren is het nodig dat men hun vertrouwen geeft. Immers, degene die zich aanvaard weet, kan zich ook geven. Juist op dat vlak merken wij dat ‘aanvaarding' niet vanzelfsprekend is. Naarmate gemeenschappen kleiner zijn kijkt men elkaar meer naar de ogen waardoor gaven vaak verborgen blijven. Dit overkwam Jezus ook.
Toen hij in Nazereth, de plaats waar hij opgegroeid was, de synagoge betrad, werd hij uitgenodigd om een stukje voor te lezen uit de Schrift. Voor de Joden was dit een heilig gebeuren. Het ‘boek' werd niet aangeraakt, maar met een staafje, jat genoemd, waar op het einde een afbeelding van een wijsvinger te zien was, werd de tekst gevolgd. Tot op dit moment deed Jezus niet meer dan elk lid van de gemeenschap: een stuk voorlezen ter bezinning. De problemen kwamen pas toen Hij zijn boekje te buiten ging en niet sprak over de Messias die eens zou komen, maar over zichzelf als de Messias die gekomen was. Hij vroeg de mensen in Nazereth om in Hem te geloven. Want door Hem zou een nieuwe tijd aanbreken. De belofte van de profeet Jesaja zou in vervulling gaan. Hoongelach en kwaadheid was het gevolg en men dreigde hem in de afgrond te storten aan de rand van de stad. Het evangelie eindigt met de constatering dat hij niet in staat was om een enkel wonder te verrichten. Zonder iets voor hun betekend te hebben ging Hij heen.
Geloof in God gaat vaak samen met geloof in elkaar. Wanneer wij ons niet laten leiden door vooroordelen, maar mensen eerlijk een kans geven, gebeuren er wonderlijke dingen. Vaak heeft men  hoog gespannen verwachtingen van enkele mensen die een parochie draaiende moeten houden. Maar hier ligt een taak voor ons allen. Gelukkig zijn er van die mensen die meewerken aan het samenstellen van een gezinsmis, het verzorgen van een avondwake, het leiden van een vergadering van een eerste communiebijeenkomst. Of andere werken zoals het doen van de kerkenwas en het maken van bloemstukken wat even belangrijk is. Het zijn gewone mensen die iets voor de Kerk willen doen en de reactie is vaak daarna: "Ik wist niet dat die man of vrouw zulk een goede inbreng kon hebben". De ander de kans geven is de beste garantie om ook een parochie vitaal te houden.