Jezus' gezag en waarde wordt in twijfel getrokken

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Marcus vertelt ons vandaag wat 'men' over Jezus denkt, en wat de 'schriftgeleerden' van Hem vinden.

‘Men' denkt dat Jezus niet goed bij zijn verstand is. De schriftgeleerden vinden, dat Hij van de duivel bezeten is.

Die eerste aantijging, dat Hij niet goed bij zijn verstand is, is heel erg. En deze aantijging wordt door zijn familie geloofd ook. Het zal je maar gebeuren.

Een missionaris was wat overspannen. Hij had teveel en te hard gewerkt, en niet die bevrediging gevonden, die hij had verwacht. Er werd hem geadviseerd met vakantie te gaan. Hij deed dat. Zijn overste gaf hem een brief mee waarin gevraagd werd hem in her moederland onder professionele leiding te stellen. Zodra die professionele leiding het goed vond, kon hij weer in de missie terugkeren. Die brief is hem onder ogen gekomen. Hij was er kapot van. Professionele begeleiding. Dat wilde zeggen: psychiatrische begeleiding. Zij vonden hem dus gek. Het heeft zijn hele verdere leven beïnvloed. Nooit meer wilde hij die overste ontmoeten. Die had hem immers voor gek verklaard. En dat na alles wat hij aan goeds gedaan had in de missie.

Ja, het zal je maar gebeuren, dat ‘men' zegt dat je niet goed bij je verstand bent. En dat zei men uitgerekend van Jezus. Wij zouden ons voor kunnen stellen dat Hij toen de hele zaak er bij neer had gegooid. Hij was ook een mens die kwetsbaar was. Maar hij heeft het niet gedaan. Hij zei alleen: mijn familie zijn zij, die de wil van God volbrengen. En hij ging door met zijn verlossende arbeid. En met die zin maakt hij duidelijk, dat wat hij doet van God komt.

De tweede aantijging is erger. De schriftgeleerden vonden dat hij van de duivel bezeten is, en dat hij door de duivel duivelen uitdrijft. Dit is de ergste beschuldiging die tegen een goed mens kan worden geuit. Dit is gewoon verschrikkelijk. Dat Marcus deze beschuldiging onverkort weergeeft is een bewijs dat hij ten diepste overtuigd was van het gezonde denken van Jezus, en van zijn waarachtigheid.

Jezus besluit zich tegen deze ernstige beschuldiging met kracht van argumenten te verzetten. Hij doet dat op een grandioze en waardige manier. Hij zegt: hoe kan ik door de boze macht de boze macht uitdrijven? Dan is satan toch verdeeld in zichzelf? Dan houdt zijn rijk toch geen stand? Ja, we hebben dat gezien in de jongste geschiedenis. Als een land verdeeld is, dan komt er revolutie. Dat kan niet uitblijven. Welnu: de boze, de kwade, de satan, of hoe je het kwaad ook noemen wilt, wil zijn rijk in stand houden. En het lukt hem. Want de schriftgeleerden gaan voor de argumenten van Jezus nier door de knieën. Omdat ze verblind zijn. En mensen die verblind zijn kunnen geen goed meer zien. Die noemen wat wit is: zwart, wat licht is: duister, war goed is: kwaad. Dat heeft Jezus moeten ondervinden. Hij die de mensen kwam bevrijden en genezen, hij die de mensen in hun gaafheid herstelde, hij die de mensen weer opnam in de gemeenschap, hij die de mensen vergeving bracht en ontzettend veel vriendschap gaf: hij wordt ervan beschuldigd, dat hij van de satan bezeten is, omdat men her goede kwaad vindt. Dat is het erge. Dit alles war uit God gebeurt, het werk van satan noemen. Dat is her allerergste wat men een mens kan aandoen. Want Jezus deed dit alles als instrument van God, die her goede wil voor de mensen.

Misschien kennen wij dit verschijnsel. Dat een mens geen goed meer kan doen. War hij ook doet. Dat alles verkeerd wordt uitgelegd. Ook al doet een mens her met de beste bedoelingen. Maar dan wordt aan zo'n mens her grootste onrecht gedaan. Laten wij in Gods naam iemand de kans geven om goed te doen. Laten wij in Gods naam iemand toch het recht geven om goed te doen. Laten wij in Gods naam iemand ook de mogelijkheid geven om goed te doen. Ook al heeft die mens ons misschien in her verleden kwaad gedaan. Want her is het verschrikkelijkste van iets goeds te zeggen dat her kwaad is.