Vierde zondag van de advent (2005)

Welkom

Voor sommigen van ons zal het een drukke week worden als zij zich voorbereiden op de komende feestdagen. Voor anderen een moeilijke week als zij opzien tegen de feestdagen. De lichtjes en kaarten zullen daar niets aan af doen.

Toch zal Kees nu de vierde kaars aansteken en zo de Adventskrans helemaal afmaken..

Laat ons samen een ogenblik stil zijn en bidden dat de helende en troostende aandacht van onze gemeenschap haar werk mag doen.

 

Homilie

Beste dorpsgenoten.

De glorie, de macht, de heerschappij tot het einde der tijden, woorden uit de eerste lezing die we voor evenveel aanhoren als ze van deze plaats worden uitgesproken. Alleen de staat Israël probeert die woorden nu al langer dan een halve eeuw letterlijk waar te maken. Toch zijn we met de inhoud van die woorden allemaal vertrouwd, ook in onze tijd: wat we zien op TV aan vrouwen en mannen, die beroemd zijn om hun schoonheid, hun rijkdom, hun sportieve kwaliteiten, hun politieke macht of hun seksuele aantrekkelijkheid, zij zijn even zovele symbolen van macht, glorie en heerschappij die zij met niemand hoeven te delen.

Voor het overige slaan die grote woorden bijna nergens meer op, en gelden ze zeker niet voor slachtoffers van de Tsunami op 26 december het vorig jaar, van de aardbeving in Pakistan op 8 oktober, voor de duizenden doden van aanslagen in Bagdad en elders.

En toch, al die grote woorden wijzen volgens de traditie met de grootste vanzelfsprekendheid op Jezus van Nazareth. Hoe kan dat? Want hoe vaak wordt er niet over hem geschreven dat hij juist arm was met de armen en klein met de kleine man en dat hij juist niets verwachtte van macht en rijkdom.

Want in zijn tijd, zo'n 2000 jaar geleden waren macht, rijkdom en glorie absolute grootheden die met niemand gedeeld werden en dat werd ook niet verwacht. Wie klein was, bleef klein, wie arm was bleef arm, wie geen kansen had zou die ook nooit krijgen. Het was een hard en onbarmhartig leven voor wie eenmaal in de verkeerde hoek zat..

De naam Jezus betekent: "God verlost." Verlossen mogen we verstaan als: betere tijden krijgen. Dat maakte Jezus in zijn leven waar: God gunt ons betere tijden, God wil dat het ons beter gaat. En Hij legde onvermoeid uit hoe dat werkelijkheid kan worden: "Wat gij wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander". Op de uiterste manier liet hij dit zien op de avond voor zijn dood: "Eet en drink mijn vlees en bloed. Zo deel ik mezelf met jullie. Doe dit ter mijner gedachtenis."

U weet dat ik het Goed Nieuws, God die zich aan ons openbaart, die ons aanraakt, graag zoek en vind in de media, in de krant, enz. Gisteren las ik in de krant over het boek van Wouter Bos, de leider van de PVDA fractie in de Tweede Kamer, getiteld: Dit land kan zoveel beter.

Hij vertelt hoe hij aan het denken gezet werd over zijn keuzes in het leven. Langer bij Shell blijven, met het vooruitzicht van een glanzende carrière, met interessant dik betaald werk, maar met als schaduwzijde conversaties over de nieuwe serie BMW's en peperdure horloges? Of toch maar toegeven aan die sluimerende, steeds sterker wordende hang naar het onzekere bestaan in de politiek? Politiek die een vorm van solidariteit moet zijn waar iedereen beter van wordt.

Hij maakte niet de meest voor de hand liggende keuze en ook niet de gemakkelijkste, en daarmee werd alles anders in zijn leven. Van zijn ouders, in Odijk, had hij geleerd dat het helemaal niet nodig is om twee auto's en een zeilboot te hebben, zoals bij veel schoolgenootjes gewoon was. Met geld kon je zo veel mooiere dingen doen dan alleen de rijkste van het dorp worden.

Nu haal ik hem letterlijk aan: "Politiek hoort om de macht te gaan, en die is niet vies. Zonder macht kunnen we niets betekenen voor de mensen die op ons rekenen." Bos kiest ronduit voor macht. Maar dan macht waarmee hij iets voor mensen kan betekenen. Macht waar mensen beter van worden. Daarin mogen we de naam van Jezus horen: God verlost, God wil dat we betere tijden krijgen. God wil dat het ons goed gaat.

Dit is geen verkiezingspropaganda, wel wil ik er mee zeggen dat die grote woorden over macht en heerschappij ook in onze tijd gebruikt mogen worden maar alleen als mensen er beter van worden. Dan zitten we op de lijn van Jezus of we naar de kerk gaan of niet.

Dat het zo moge worden.