Zich door God laten bewonen

Maria, een vrouw in verwachting, is ‘de’ adventsfiguur. Zij is de beste weg naar Kerstmis. In het spoor van haar ‘ja’ kunnen wij bidden om ‘ja’ te zeggen en voelen wij ons verbonden met allen die ‘leven’ wekken en een kind verwachten.

Een woonst bouwen

Mensen zoeken onderkomen en beschutting, een plaats om te wonen. Ze hebben hutten, iglo’s, tenten opgericht. Ze bouwden huizen en kastelen. Een woonst biedt onderdak, maar is dikwijls een vorm om de welstand van de eigenaar te etaleren.

Religies, ze bouwden tempels opdat de godheid er zou inwonen en opdat mensen er in gebed zouden samenkomen. Deze tempels weerspiegelen vaak de macht en de rijkdom van de toenmalige bazen.

Jahwe is volgens het Oude Testament een meetrekkende God. De tent met de ark was daarvan het teken. Wanneer koning David Jeruzalem tot hoofdstad van zijn rijk bestemde, wou hij de politieke eenheid godsdienstig bezegelen door in die stad een tempel te bouwen en daar de ark onder te brengen. Zijn zoon Salomo zal daarin slagen. Hij bouwde een tempel, God tot eer maar die tevens liet blijken hoe rijk de koning was. Oude kerken zijn dikwijls het resultaat van de macht van een orde of een kapittel, van de stadsburgerij of van de bisschop. De Sint Pieters basiliek in Ivoorkust was omstreden omdat ze meer zei over de rijkdom van een president dan over de behoeften van een arme bevolking.

Jezus had eerbied voor de tempel van Jeruzalem. Hij trok er enkele keren heen, maar hij maakte niet te veel spel van stenen. Hij voorzag dat wat mensen bouwen kan vernietigd worden. Hij verklaarde dat zijn Vader niet aan één plaats verbonden is, maar dat Hij zich overal in geest en waarheid laat aanbidden. Voor God zijn de levende stenen belangrijker dan de muren van een gebouw. Hij is een God die bij en in mensen wil wonen (ZJ 105).

God wil in mensen wonen.

De liturgie van de vierde zondag ziet de tegenstelling tussen het project van David en de wijze waarop God zijn huis bouwt. Een tegenstelling tussen de tempel in Jeruzalem en Maria in Nazareth. Een tegenstelling of een voorafbeelding? De tent in de woestijn, de ark met de stenen tafelen, de tempel in Jerusalem zijn stappen naar de vrouw die zich door God mag laten bewonen. Een woonst is de plaats waar wij ons terugtrekken, waar wij onszelf mogen zijn, ons afsluiten voor anderen. Ze kan tevens het huis zijn waar wij anderen gastvrij binnenlaten. Maria laat God binnen. Zij spreidt geen zelfgenoegzaamheid ten toon. Zij is de beschikbare. Doordat ze zich laat bewonen, wordt zij woonst. De devotie kent haar titels toe uit het Oude Testament en noemt haar Toren van David, Gulden Huis, Ark van het Verbond.

Ark voor anderen

Laten we ons zoals Maria bewonen? Of sluiten we de deur voor anderen? Welke plaats krijgen de kansarmen? Welzijnszorg biedt elk jaar, vooral tijdens de Advent, een projecten aan tot lotsverbetering van armen en kansarmen. Een aantal mensen zitten zich in voor ex-gevangenen, zoals Oikonde, of voor gehandicapte kinderen (het werk Emmanuel). Vijftig jaar geleden stichtte Jean Vanier de eerste Ark-gemeenschap. Hij had in een verpleegtehuis twee volwassen mentaal gehandicapten ontmoet en nam hen op in zijn eigen huis. Maandag 8 december 2014 ontving de 70-jarige Jean-Pierre Crépieux in het Élysée de Nationale orde van het Legioen van Eer (Ordre national de la Légion d'honneur). Dat is de hoogste en belangrijkste Franse nationale onderscheiding. Jean-Pierre Crépieux is daarmee de eerste Fransman met een verstandelijke beperking die deze hoge onderscheiding ontvangt. Hij stond met Jean Vanier mee aan de wieg aan de Arkgemeenschap in Frankrijk (Kerknet 09.12.14).

“Wij zijn naar de Ark gekomen omdat de armen en de gekwetsten een beroep op ons doen, omdat ze smeken om een relatie opdat wij hen zouden nabij komen en met hen zouden leven’ getuigde Odile Ceyrac in het boek Wie hen ontvangt in mijn naam. Dit contact verdiepte haar spiritualiteit, die een Adventskarakter heeft: “Iedere man en ieder vrouw, zonder het zelfs te weten, verwacht zijn Redder, zijn Messias, degene die de Emanuel zal zijn, die God met ons. Onze dorst en ons verlangen moet zo groot zijn, zo hevig, dat hij de Messias laat geboren worden in ieder hart” (Op. cit. p. 72).

Gegrepen in het dagelijkse leven

De Schrift is zeer sober over Maria. We weten weinig van wat in haar leven is voorgevallen, wat ze verlangde en wie ze was vooraleer de engel Gabriël tot haar kwam. Lucas vermeldt enkel dat zij in Nazareth leefde en verloofd was met Jozef. De ontmoeting met de engel was binnenshuis. Schilders schijnen te weten wat Maria toen aan het doen was, nl. bidden. Maar dat zegt Lucas niet. Ze kon even goed aan het werk geweest zijn. Zij was in ieder geval geschrokken door het woord van de engel. Engelen kondigen het onverwachte aan. Ze wijzen naar Gods optreden. Maria werd tijdens haar dagelijks bezig zijn benaderd.

Zo geschiedt het meestal. We zijn benomen met de dingen van elke dag. En zie daar komt een engel, een onverwachte gebeurtenis en een dwingende opdracht. We worden als het ware bij de haren en genomen en overgebracht naar een vreemd land waar we een zending te volbrengen hebben.

Lucas beweert niet dat Maria een engel zag zoals het was bij Zacharias die een verschijning had. Maria heeft de woorden van de engel gehoord en was er onderste boven van (G. Blanquière, Het evangelie van Maria).

Maria was verloofd met Jozef. Jahwe bestemt haar tot moeder van zijn Zoon. God dwong haar niet. Maria mag vragen stellen en haar bezwaren uiten. Ze had zelfs neen kunnen zeggen. Dan zou ze kunnen blijven leven in het schemerdonker van Jozefs huis.

God blijft zijn engelen zenden. In elk mensenleven komen onvermoede gebeurtenissen. We zien geen engel verschijnen en toch. “Het zal wellicht een vriend zijn of een geliefde – een mens die op wonderlijke wijze tot engel wordt omdat hij of zij hoop schenkt, hoop is. Het kan ook iemand zijn die arm en gebroken is als wij zelf. Men moet alleen durven uitkijken naar engelen. Ook naar degenen die geen vleugels hebben” (E. Henau, De tijd lezen).

Het zijn engelen die ons komen vragen: “Wil je jou laten bewonen? Wil je een huis van Nazareth zijn voor jouw Heer?