1e zondag van de advent (2002)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 201 niet laden
Er wordt nogal gestolen en geroofd. Regelmatig vind je er berichten over in de krant. De daders zijn vaak mensen die een slechte jeugd hebben gehad, een lage opleiding hebben ontvangen en wonen in een van de vele achterstandswijken.
Ze willen niet achterblijven in een samenleving die helemaal georiënteerd is op succes en geld. En omdat ze op legale wijze niet erin slagen dat te bereiken komen ze heel gemakkelijk op het criminele pad terecht.
Dit heeft ook te maken met de vraag: hoe geven we het leven door? Ouders geven leven door aan hun kinderen, niet alleen letterlijk leven, maar in de opvoeding geven ze ook een manier van leven door, met de waarden en normen die zij zelf belangrijk vinden. En als kinderen later ontsporen, ligt vaak, niet altijd maar wel vaak, de oorzaak bij de ouders.
Hoe vaak hoor je niet dat mensen die zich schuldig maken aan kindermishandeling of kindermisbruik, zelf in hun jeugd ook mishandeld en misbruikt zijn.
Hoe kun je verwachten dat kinderen eerlijkheid leren, als ze bij hun ouders allerlei oneerlijke praktijken zien.
Ouders geven hun kinderen, ongemerkt, misschien ook onbedoeld, een bepaalde mentaliteit mee, een bepaald zicht op het leven.
Als bij ouders alles draait om geld en succes, als materiële welvaart de hoogste prioriteit krijgt, dan nemen kinderen dat haast automatisch over.
En ik moet zeggen: ik schrik wel eens van uitlatingen van kinderen waarin naar buiten komt hoe materialistisch ze ook al zijn. En als dit in de toekomst alleen maar toeneemt, dan moeten we niet die generatie erop aan spreken maar onze generatie van nu.
Niet alleen ouders geven leven door, heel de samenleving doet het. En als er nu in onze grote steden achterstandswijken zijn, waar de bekoring tot criminele activiteiten levensgroot aanwezig is, dan kunnen we ons boos maken op de overvallers, de drugsdealers en al die andere kleine en grote criminelen, maar misschien moeten we ons boos maken op een samenleving die toegestaan heeft dat die achterstandswijken ontstaan zijn, misschien moeten we ons boos maken op een regering of op de volksvertegenwoordiging dat zij dit probleem nog steeds niet onder ogen zien, en nog steeds geen geld willen vrijmaken om de problemen in de wortel aan te pakken.
Het leven doorgeven is bouwen aan de toekomst, het gaat niet alleen om het doorgeven van kennis en deskundigheid, het gaat om een beschaving, een stuk eigen cultuurgoed, doorgeven. Het leven doorgeven is ook: zinvol en menswaardig leven doorgeven, de mogelijkheid ervoor doorgeven aan iedereen in onze samenleving.
Ik hoorde onlangs het verhaal van enkele Koerdische asielzoekers, ze werden afgewezen en zonder pardon en zonder geld op een station gedropt. De vrouw was drie maanden in verwachting. Ze hebben verschillende nachten buiten geslapen. Toen een instantie zich over hen ontfermde, had de vrouw al een miskraam gehad.
Over leven doorgeven gesproken? Moeten we ons als beschaafd land hiervoor niet doodschamen? Het leven doorgeven, hoort daar ook bij: leven volgens de boodschap van Jezus van Nazaret? Als we nu moeten constateren dat die boodschap en beleving ervan al heel erg afgezwakt is tot iets vaags, of zelfs helemaal weg is, dan is er de vraag: hebben we in het verleden die boodschap niet goed doorgegeven, niet goed voorgeleefd? En doen we dat vandaag voldoende.
Regelmatig zijn er wel discussies over negatieve ontwikkelingen in de hedendaagse samenleving: de 24-uurseconomie, het jachtige bestaan, de verharding en verruwing, hoe we eigenlijk gevangenen zijn van wat de economie dicteert. En we kunnen onszelf de vraag stellen: wat doe je daar aan?
Het algemeen gevoelen was: daar doe je niets aan, je bent machtloos tegenover al die ontwikkelingen in de samenleving. En toch je als individu en als gemeenschap steeds alert blijven en kijken naar de schadelijke gevolgen ervan. Als individu en gemeenschap moet je mensen steeds weerattenderen op de negatieve kanten van veel ontwikkelingen.
Als we onszelf zien als gelovige mensen, dan moeten we ons steeds weer laten inspireren door die boodschap van het evangelie, anders is ons geloof leeg en zinloos. Alleen als we ons hart laten raken door het leven, het wonder ervan, het mooie en het lelijke erin alleen dan kunnen we hoopvol bouwen aan de toekomst.