Vertrouwen

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 483 niet laden
Eigenlijk zou ik het evangelie van vandaag een tweede keer moeten voorlezen, of misschien wel een derde keer, want het is een moeilijke tekst.  Ik geeft het toe, ik heb liever een duidelijk verhaal over een boom die niet wil groeien en die een nieuwe kans krijgt en dan weer vruchten heeft.  Of over Petrus die Jezus tegemoet gaat over het water.  Verhalen met een duidelijke en gemakkelijk te verstane boodschap.  Hoewel het vandaag toch ook daarover gaat.

Dit evangelie is het begin van wat men noemt het hogepriesterlijk gebed van Jezus en is het slot van het maaltijdverhaal.  Sommigen lezen in deze tekst het Onze Vader in de versie van Johannes en als je het wat bekijkt, zit daar wel wat in.  Het is een boodschap die een voorbereiding is op Pinksteren, volgende week.  Het feest van de Geest wordt door dit verhaal voorafgegaan.

Wat in dit evangelie sterk opvalt is de verwijzing naar het eeuwig leven.  We zijn daar vaak mee bezig, wat zal het zijn, hoe gaat het gaan? Vandaag horen we zonder meer waar het op aan komt: "En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige ware God en Hem die Gij hebt gezonden: Jezus Christus".  Door God te kennen, komen wij tot eeuwig leven.  Maar wat is dat nu, God kennen?  Het lijkt een onmogelijk te bereiken doel, God kennen.  Ik zat een paar weken geleden met een paar goede vrienden aan tafel en ons gesprek ging op een bepaald ogenblik over geloven.  Het was kort voor Pasen en ze vroegen: geloven jullie dat nu echt die Jezus die levend is geworden en nu nog leeft.  Hoe gaat dat dan?  Door er zo over te praten wat ons bezielde in dat geloof kwamen we op dat ene grote punt: geloven doe je met je hart.  Het gaat niet over weten en kennis met ons verstand maar over de liefde in ons hart die ons tot God brengt.  Geloven heeft alles met die liefde te maken. In het latijn is geloven: 'credere', wat wil zeggen: cor-dare, zijn hart geven.

Maar er wordt ook gesproken van de ene ware God.  We hebben het lang zo voorgesteld.  Dat ons geloof het enige was dat de waarheid in pacht had.  Vorige week stond er in een Nederlandse krant een interview met een Nederlandse bisschop en het ging daarover. Hij zei dat de katholieke kerk zich niet mag opsluiten in zichzelf. En hij verwees naar de paus in Assisi die verschillende  godsdiensten bij elkaar bracht en opriep tot broederschap. In die verschillende godsdiensten, joden, protestanten, moslims, zijn spóren van waarheid aanwezig. Maar de vólle waarheid is te vinden in de rooms-katholieke kerk, zegt de bisschop.  Daar is toch wel wat over te zeggen. 

Teksten als die van het evangelie van vandaag en die van Petrus, zijn te vaak gebruikt om de kerk boven alles te stellen en menselijk lijden te vergoelijken.  Verheug u als u deel hebt in het lijden van Jezus, want u zal juichen als de heerlijkheid zich openbaart.  Het was geen boodschap dat de mensen zich maar moesten neerleggen met onrechtvaardige toestanden die hen klein hielden en dat ze maar moesten uitkijken naar de beloning in het eeuwig leven.  De enige ware God wil niet zeggen dat de andere godsdiensten minder zijn of fout of wat dan ook.  Iedere godsdienst is de weg naar God en iedere godsdienst zal zich zien als de enige ware.

We zoeken samen naar de ene waarheid.  Naar liefde onder de mensen.  En wij putten uit het voorbeeld dat Jezus was.  Wij zien hem als de zoon van God.  We gaan achter hem en zijn boodschap met heel ons hart.  Pas als we dat doen, als we dat vertrouwen helemaal aan hem kunnen geven, kunnen we leven met de Geest van Jezus, met de Geest van God.  Dat is de ware levende God.

Ik zei dat ik het liever had over een duidelijk verhaal.  Maar vaak zeggen ze hetzelfde als dat moeilijke evangelie van vandaag.  Vertrouwen hebben geeft leven.  Zoals het vertrouwen in de dorre boom, dat hij ooit terug vruchten zal hebben.  En dat gebeurt.  Zoals het vertrouwen van Petrus die uit de boot stapt en op het water gaat lopen naar Jezus toe als hij hem roept.  Eindeloos vertrouwen.  We zijn het in de kerk wat verleerd.  We zijn het te vaak gaan minimaliseren omdat het niet zo vanzelfsprekend is voor ons geloof uit te komen.  Je kan het horen in het kerkelijk taalgebruik: hoe dikwijls wordt er niet gesproken over stukjes, een stukje op weg gaan, een stukje geloven, een stukje dichterbij.  Van ons worden geen stukjes gevraagd maar we worden helemaal gevraagd.  Christenen worden herkend aan hun daden.  Als we geen liefde voelen voor andere mensen, zijn we geen gelovigen.  Maar die liefde moet komen uit ons hart.

Johannes zegt ergens in zijn evangelie: ‘De mens zonder liefde kent God niet'( Joh 1,4-8)  Zo zijn we terug waar we begonnen zijn, God kennen.  We moeten het niet te ver zoeken.  Het is de liefde van ons hart voor andere mensen.  En niet een stukje maar de hele liefde uit heel ons hart.