Groeitijd: nog meer danken en dienen (2005)

't Is groeitijd voor de natuur.
Maar groeien is altijd wat pijnlijk.
Zo ook voor ons geloof
Tussen Pasen en Pinksteren beleven wij pijn en groei te samen.

Jezus is heengegaan met Goede Vrijdag,
maar Hij blijft sinds Pasen weer onder ons aanwezig,
maar nu toch wel op een heel nieuwe manier.
Wij moeten leren inzien dat de verrezen Liefde leeft,
maar veel meer innerlijk, als een kracht in ons.
Maar die levendige kracht wordt alleen merkbaar
doorheen de schamele tekens van onze goede daden.
En die kunnen door anderen
helemaal niet of verkeerd worden verstaan.
Het is dus een zeer kwetsbare aanwezigheid.
Jezus' liefde is voortaan tastbaar en zichtbaar aanwezig
in de dagelijkse, concrete dienstbaarheid
van onze kleine broederlijke en zusterlijke kerkgemeenschap,
die toch uit zwakke, zondige mensen blijft bestaan.
Hij komt tegenwoordig in wat brood en wat wijn,
waarin alleen zij die met gelovige ogen kijken
de liefdegaven van Zijn Lichaam en Bloed erkennen.
Om die nieuwe, zeer broze vorm van Jezus' aanwezigheid
te leren aanvaarden en erkennen,
daarvoor hebben wij tijd nodig, groeitijd, tot de Geest komt.
En dat is geen gemakkelijke opdracht.
Het is zoals in de natuur deze maand.
De tekens van nieuw leven staan al op de bomen.
Zij zijn zeer kwetsbaar, maar zij bieden zoveel hoop,
althans voor wie ze ziet en groeikansen geeft.
Kan het wel dat er weer nieuwe vruchten komen,
ook aan de kale bomen van óns leven?
Is het wel mogelijk dat ook ik een nieuwe kans krijg,
vergeven word en kan herleven,
zoals een bloem die tussen de stenen wortel schiet
of die de voegen van de muur doet barsten?
Zou het dan toch kunnen dat ik nog een nieuwe liefde ontmoet?"
Dat zijn onze vragen in deze groeitijd.

Misschien voelen wij in deze periode meer dan ooit
dat wij het met onze eigen krachten alleen niet aankunnen.
Misschien verlangen wij sterk
naar de komst van Jezus' Geestkracht.
Maar dan het is wel heel belangrijk te beseffen
dat die Geest geen verpletterende supermacht is
die het allemaal in onze plaats komt doen,
maar een uitnodigende bezieling, die onze vrijheid aanspreekt
en die blijvend beroep doet op onze heel persoonlijke medewerking.
Die Geest komt de herinnering aan Jezus levendig houden, dwz.
ons begeesteren om Jezus' Persoon en werk voort te zetten,
te actualiseren midden onze tijd, midden onze cultuur,
met haar moderne problemen, nieuwe mogelijkheden en accenten.
Dat zal altijd, ook in onze tijd, willen zeggen:
er persoonlijk voor kiezen in een levenshouding te gaan staan
van dankbaarheid en dienstbaarheid.
Dat is echt liefhebben vanuit Jezus’ Geest.

Op de eerste plaats:
ervoor kiezen in een dankbare relatie te leven met God.
Dat betekent dat wij ons leven,
dankbaar aanvaarden als een gratis geschenk
dat God ons als een Vader blijft aanbieden,
zonder dat wij het verdienen.
De eerste, fundamentele houding van een christen is:
"Ik mag leven als een beminnenswaardig mens,
ik ben de moeite waard om bemind te worden,
ik ben bemind en voel mij dus diep dankbaar tegenover God."
Die keuze om niet ‘eisend’,
maar ‘dankbaar’ in het leven te staan,
hernieuw ik het best 's avonds vóór het slapengaan,
als ik even de tijd neem om mijn dag te overlopen
en mij af te vragen:
"Waarvoor zou ik nog meer dankbaar kunnen zijn?"
Natuurlijk is mij die dag niet alles gelukt.
Maar, wat er ook gebeurd is, er zijn duizend keer meer redenen
om dankbaar te zijn voor het goede dat ik toch mocht ontvangen,
dan om verbitterd en opstandig te worden over wat tegenviel.
En tussen haakjes:
wie als een dankbare mens gaat slapen, slaapt beter.


Echt liefhebben is terzelfder tijd: ervoor kiezen
in een gevende houding te gaan staan tegenover anderen.
Dat betekent: de andere concreet dienstbaar zijn,
echte broeder- en zusterliefde betonen.
"Wie de andere niet helpt, niet bevestigt, niet vergeeft,
leeft niet in de waarheid en is een leugenaar", zegt Johannes.
Die keuze om niet ‘grijpend en veroverend’,
maar ‘delend en gevend’ in het leven te staan,
hernieuw ik het best 's morgens,
als ik, vóór ik mijn dag begin, even de tijd neem
om mij af te vragen:
"Waar zou ik vandaag nog meer kunnen geven en delen?"
Natuurlijk is het te voorzien dat ik ook dan nog die dag
soms hebberig-egoïstisch ga reageren.
Maar ik heb toch ook al ervaren dat er
duizend keer meer innerlijke vreugde te beleven valt
met iemand anders plezier te doen,
dan met mij op te sluiten in mijn eigen eenzame behoeften.
En tussen haakjes:
wie als een gevende mens zijn dag begint, is beter wakker.

Jezus' Liefdegeest wordt wel eens vergeleken
met een stormwind, die de scheidingsmuren,
tussen mensen opgetrokken, wegblaast,
of met een zachte bries, die verzoening teweegbrengt,
waar harde standpunten harten uit elkaar dreigen te drijven.
‘Storm’ of ‘bries’ het blijven toch gebrekkige beelden.
Het is vooral goed te weten dat Jezus' Geest niets kan bereiken
als wij er niet persoonlijk voor kiezen
om met Hem mee te werken.

Wij zijn al dankbaar en wij geven al veel aan anderen.
Nog meer danken en nog meer dienen,
ook met wat wij de laatste tijd meemaken,
dus in de concrete situatie van vandaag echter beminnen,
dat komt de Geest ons leren in deze groeitijd.

Zo willen wij bidden om Zijn komst.